Aller au contenu
Bébénautes

Notre carnet d’enfance

Joko et Joko

Né(e) le 24 août 2016

10 ans

Depuis sa naissance

Les échographies : les nouvelles et les souvenirs du blog de Joko et Joko.

Une page de notre histoire

Les échographies

Accu MAKITA BHP441SFE

Zowel de notebook-variant als de blauwe laser die voor desktops bedoeld is, zijn geschikt om dubbellaagse schijfjes te beschrijven. Om een zesvoudige brandsnelheid op de schijven mogelijk te maken, zijn de diodes in staat laserpulsen van 250mW af te geven. Dankzij het geoptimaliseerde productieproces zijn de lasers niet alleen krachtig, maar ook energiezuinig. Het Japanse elektronicabedrijf wil de diodes in april 2008 in massaproductie nemen. Beide varianten moeten dan goedkoper worden dan de ruwweg 321 euro die de lasers momenteel als sample kosten.Bij PC Watch zijn details verschenen over de model numbers die Intel volgens de geruchten zal gaan invoeren. De site beweert dat de traagste modellen het moeten doen met 3xx, dat de middenklasse door het leven zal gaan als 5xx en dat de topmodellen de naam 7xx zullen dragen. Of de nummers bij de honderdtallen zullen beginnen en hoeveel de toename in rating zal bedragen bij een toename in de kloksnelheid is niet bekend. Het moment van introductie is ook nog niet zeker, maar het artikel wijst de presentatie van LGA775 aan als een mogelijk moment. C|Net meldde eerder dat de nummers tegelijk met Dothan geïntroduceerd zouden worden.


Duidelijk is in ieder geval dat de Celeron de 300-serie zal gaan bevolken. Prescott zal zijn plaats vinden in de 500-serie en de EE-edities zullen in de 700-reeks worden ondergebracht. De verdeling voor mobiele processors, die volgens het artikel ook onder de nummering zullen vallen, is minder zekerheid. Verwacht wordt dat Dothan ook als 7xx door het leven zal gaan en dus boven Prescott in de markt wordt geplaatst. Dat levert in combinatie met het gerucht dat de opvolger van Dothan ook in de desktopmarkt zal worden geïntroduceerd een interessant beeld op. Overigens zullen ook features als HTT-ondersteuning in het nummer verwerkt kunnen worden: deze processors zouden dan een hoger nummer krijgen. De Itanium wordt in het verhaal niet genoemd, maar het lijkt niet waarschijnlijk dat deze processorreeks onder dezelfde indeling zal gaan vallen als desktopprocessors. Ook over de Xeon wordt niets gezegd, maar ook hier lijkt de kans te bestaan dat de servermarkt het in ieder geval voorlopig nog moet doen met een snelheidsuitdrukking in gigahertzen.


Intel Inside logoAls het verhaal waar blijkt te zijn, maakt Intel een duidelijke ommezwaai. Tot nog toe heeft het bedrijf sterk gehamerd op het belang van het aantal megahertzen, die in de Pentium 4 met zijn lange pipeline hoog op kunnen lopen. Met de introductie van de Pentium M kwam hier al verandering in, maar door de afscheiding tussen desktops en laptops vielen de problemen hier ook nog te overzien. Als Intel inderdaad, zoals PC Watch beweert, erover denkt om Jonah ook op de desktop te introduceren, dan wordt de behoefte aan een duidelijke rating groter. Ook verbeteringen veroorzaakt door zaken als HTT, meer cache of een hogere FSB zouden op deze manier duidelijker moeten worden voor de klant.Ook voor AMD zou een eventuele introductie van modelnummers een verandering betekenen. Hoewel het bedrijf het zelf niet zo bedoeld zegt te hebben, lopen de ratings van AMD en de kloksnelheid van Intel netjes gelijk op. Veel mensen vergelijken, niet geheel onlogisch, een Pentium 4 3GHz met een Athlon XP 3000+. Deze koppeling verdwijnt op het moment dat Intel een eigen variant op de QuantiSpeed-ratings van AMD gaat invoeren. Voorlopig is het echter nog wachten op bevestiging van Intel dat de geruchten kloppen en meer informatie over de te gebruiken nummers.



Tom's Hardware Guide heeft vijf verschillende geluidskaarten getest die via de USB-poort op een computer worden aangesloten. Dit soort geluidskaarten zijn vooral handig voor bezitters van laptops, waarvan de geluidsmogelijkheden meestal beperkt zijn tot een stereo-uitgang en een microfoon-ingang. Met behulp van een geluidskaart die op de USB-poort kan worden aangesloten, kunnen ook zij genieten van bijvoorbeeld 5.1-geluid en een digitale uitgang. Daarnaast zouden, volgens Tom's Hardware Guide, externe USB-geluidskaarten ook handig zijn als extra geluidskaart, naast de reeds interne geluidskaart.


Hercules Muse Pocket (klein)Creative doet mee met twee kaarten, de MP3+ en de Audigy 2 NX. De MP3+ is een instapmodel en de Audigy 2 NX is een high-end kaart. Dit blijkt vooral uit de mogelijkheden. Waar de MP3+ alleen maar beschikt over een stereo in- en uitgang, een microfoon-ingang en een S/PDIF-in- en uitgang, heeft de Audigy 2 NX zo ongeveer alle mogelijkheden die we ook op de interne Audigy 2 geluidskaart tegenkomen: 7.1-geluid, S/PDIF- in en uitgang en 24-bits, 96kHz sample-rate. Van Hercules doet de Muse Pocket mee die veel weg heeft van een losse volumeknop. De Muse Pocket is net als de Creative MP3+ een instapmodel. Hercules koos er echter voor om de Pocket uit te rusten met 5.1-geluid. Helaas is de Muse niet uitgerust met een S/PDIF-uitgang. De chip die in de Muse Pocket is te vinden ondersteunt echter wel S/PDIF en op de printplaat is een lege plek te vinden waar plaats is voor een connector. Wellicht dat er in de toekomst misschien een Muse Pocket II verschijnt die wel beschikt over een S/PDIF-uitgang? Rest ons twee andere kaarten die goedkoper zijn dan de Creative Audigy 2 NX, maar duurder dan de Muse Pocket en de MP3+, de Philips PSC805 Aurilium en de Terratec Aureon USB. Beide kaarten kunnen 5.1-geluid voortbrengen en hebben een optische S/PDIF-uitgang. De kaart van Philips voegt hier ook nog eens een coaxiale S/PDIF-uitgang aan toe, terwijl de kaart van Terratec in plaats hiervan een S/PDIF-ingang heeft.


Uit de testen komt de Soundblaster Audigy 2 NX het beste uit de bus. De geluidskwaliteit is goed en de mogelijkheden zijn enorm. Helaas blijft de performance achter op andere kaarten tijdens het spelen van spellen en is de prijs nogal aan de hoge kant. De Hercules Muse Pocket blinkt uit in performance als er wordt gekeken naar het spelen van spellen. De geluidskwaliteit is goed met een iets hogere overspraak ten opzichte van de andere kaarten. De kaart is goedkoop, maar heeft helaas geen S/PDIF-uitgang. De Creative MP3+ levert prestaties die vergelijkbaar zijn met die van de Hercules. De prijs is ook vergelijkbaar met de Muse, maar helaas biedt de MP3+ alleen maar stereo-geluid. Hij is echter wel uitgerust met een S/PDIF-in- en uitgang. De kaart van Terratec heeft een goede performance en ook met het aantal aansluiting zit het goed. Helaas moet voor deze kaart wel een stuk dieper in de buidel worden getast. Rest ons de kaart van Philips, die qua geluid nogal tegenvalt maar wel geschikt is om te gamen of geluid van DVD's op af te spelen.


Bij de desktops is de meest opvallende verandering het feit dat de extra zuinige EE-versies met hun TDP van 65W voortaan precies even duur zijn als de normale uitvoeringen met een 89W TDP. Tevens is er een EE-versie van de Athlon X2 5000+ (2,6GHz) geïntroduceerd en is de prijs van de 2,8GHz FX-62 verlaagd naar 703 dollar, waarschijnlijk om de weg vrij te maken voor de nieuwe FX-70-serie, beter bekend als 4x4 of QuadFather. Tot slot is de oude Sempron 2800+ van de prijslijst verwijderd om aan de bovenkant plaats te maken voor een nieuwe Sempron 3800+, die op 2,2GHz klokt en 256KB L2-cache heeft.
Bij AnandTech is, evenals bij Sharky Extreme, een preview verschenen over de ATi Mobility Radeon. In tegenstelling tot wat Sharky verteld zegt Anand dat de core de beschikking krijgt over twee pipelines die elk drie texels per clock kunnen verwerken. Verder heeft de Mobility Radeon ondersteuning voor 64 of 32 bit DDR of SDR geheugen. Om het stroomverbruik binnen de perken te houden heeft ATi besloten om geen charisma engine (o.a. nodig voor T&L) toe te voegen en is er een soort van Speedstep aanwezig om de clocksnelheid en voltages aan te passen.


Hoe de Radeon Mobility zal presteren vergeleken met de Geforce2 Go zal natuurlijk nog even afwachten zijn, maar volgens AnandTech luiden deze twee chips in ieder geval de inhaalslag van de laptop op de desktop PC op het gebied van 3D performance in .ATi Mobility Radeon laptopThere is no question that the Mobility Radeon is a step up from the current notebook solutions. Offering not only more power, but smarter use of the power, the Mobility Radeon will finally start bringing 3D to the notebook market. However, the question of whether the Mobility Radeon can take on NVIDIA's GeForce2 Go still stands. Although we will not know which solution will rise to the top until we get some products in our hands for testing, both solutions seems as if they will provide similar performance. ATI claims that they offer significantly lower power consumption than the GeForce2 Go's 2.8 watts, however it is unclear whether this significantly lower number was generated while plugged in in high performance mode or while on battery power in low performance mode. Once again, only hands on tests will tell.



The only downside that the Mobility Radeon seems to have when compared to NVIDIA's GeForce2 Go is its lack of T&L support. As discussed above, T&L certainly would not hurt performance and could very well increase battery life to a small amount. Then again, the Mobility Radeon has iDCT, something that the GeForce2 Go does not have. This feature seems that it will increase battery life to at least some extent when performing DVD playback.
In een officiële verklaring heeft Intel bekend gemaakt dat de GN40-chipset, die bedoeld is voor netbooks en nettops, in staat is om bepaalde 1080p-content af te spelen. Het decoderen van Blu-ray materiaal is echter net te hoog gegrepen.De GN40-chipset is Intels antwoord op Nvidia's Ion-, AMD's Yukon- en VIA's nano-platform, die al in staat zijn om 1080p-beelden af te spelen. De chipset is een tussentijdse oplossing, totdat Intel het Pinetrail-M-platform uitbrengt. De GN40-chipset is de grotere broer van de 945GSE-chipset, die alleen overweg kan met 720p-content. Productmanagers van Intel hebben in een officiële verklaring tegenover Fudzilla bevestigd dat de GN40-chipset en de daarbij horende GMA 4000-igp, 1080p-content af kan spelen zoals dat te vinden is op internet. Blu-ray en andere multi-layer-media met hoge bitrates liggen echter buiten het bereik van de GMA 4000-igp.


Volgens Fudzilla betekent dit dat er 1080p-bestanden met .wmv extensie afgespeeld kunnen worden, terwijl het decoderen H.264- en VC1-materiaal niet vloeiend zal verlopen. Voor netbooks is dit nog niet zozeer een ramp, aangezien die met hun kleine schermen geen high definition resolutie aanbieden van 1920 bij 1080 beeldpunten. Op het gebied van nettops, maar ook voor htpc's, betekent het ontbreken van volledige hd-ondersteuning echter terreinverlies voor Intel ten opzichte van zijn concurrenten.Op Beyond3D is een artikel geplaatst waarin de Transmeta Crusoe processor nog eens nader wordt belicht. De Crusoe heeft al regelmatig in de spotlights gestaan, en is niet zozeer interessant om zjin prestaties maar vooral om zijn laag energieverbruik. Zeker nu ook Intel aankondigt een 'low-power' processor te gaan introduceren is het natuurlijk goed om te weten wat die Crusoe nu is en vooral ook wat 'ie kan.



  1. http://yourpot.com/users/retrouve3/blog.aspx

  2. http://blogcity.jp/page.asp?idx=10057051

  3. http://retrouve3.gratisblog.biz/


Batterie d'ordinateur HP EliteBook 2560p

Le Wiko WIM sera mis en vente au mois de juin, au prix de 400 euros. Le OnePlus 3T est comme d¡¯habitude en embuscade ¨¤ 430 euros, sans double capteur, mais avec une puce plus performante et un boîtier m¨¦tallique aux finitions irr¨¦prochables.Le Huawei P9 a ¨¦t¨¦ l¡¯un de nos smartphones pr¨¦f¨¦r¨¦s de 2016, il alliait une qualit¨¦ de construction avec un design minimaliste et un prix attractif. Il ¨¦tait, ¨¤ bien des ¨¦gards, la d¨¦finition du flagship pour ceux qui ne pouvaient pas se permettre d¡¯acheter un Galaxy S7 (ou un iPhone) ou tout simplement pour ceux qui souhaitaient un smartphone diff¨¦rent.Pour sa reprise en 2017, Huawei revient avec le P10, un smartphone qui reste tr¨¨s fid¨¨le au P9, mais qui emprunte quelques caract¨¦ristiques ¨¤ l¡¯iPhone. Cela se voit particuli¨¨rement avec les bords arrondis, ce qui lui donne un apparence bien moins rectangulaire, et les arr¨ºtes bien lisses sur le côt¨¦. Le reste des caract¨¦ristiques, vous les trouverez dans l¡¯article d¡¯annonce.Depuis quelques jours d¨¦j¨¤, le Honor 6X est dans les mains de notre Apple Addict. Tout en continuant sa d¨¦couverte d¡¯Android, il nous partage ses impressions sur de nouvelles fonctionnalit¨¦s du Honor 6X.


Si vous n¡¯avez pas suivi la partie 1 de ses impressions, Romain est un fier utilisateur de la marque ¨¤ la pomme depuis de nombreuses ann¨¦es. Poss¨¦dant actuellement un iPhone 5C, il exp¨¦rimente la transition iOS / Android pour la premi¨¨re fois et partage, son ressenti avec nous. Apr¨¨s avoir exprim¨¦ son avis sur les performances et l¡¯autonomie de la batterie du Honor 6X, il reprend la parole sur d¡¯autres caract¨¦ristiques de ce dernier.Habitu¨¦ ¨¤ des mod¨¨les plus compacts, la premi¨¨re prise en main avait de quoi lui faire peur. Cependant, quelques secondes ont suffi ¨¤ le rassurer quand il s¡¯est aperçu que les rebords ¨¦taient arrondis et qu¡¯ils accompagnaient plutôt bien la forme courb¨¦e de sa main. Un argument qui l¡¯avait convaincu dans son changement iPhone 4S/5C et qu¡¯il est plus que ravi de retrouver sur le Honor 6X.Rien de bien original, je ne l¡¯aurais pas choisi pour l¡¯esth¨¦tique, contrairement au Honor 8.
Esth¨¦tiquement ¨¦pur¨¦, c¡¯est avant tout sa simplicit¨¦ qui d¨¦finit le Honor 6X. Et sur ce côt¨¦-l¨¤, d¡¯apr¨¨s Romain, Honor ne prend aucun risque avec un mod¨¨le inspirant le « d¨¦j¨¤-vu » et qui peut s¡¯apparenter ¨¤ n¡¯importe quelle autre marque de t¨¦l¨¦phone en changeant simplement le logo sur la devanture. Le contraste entre la face est l¡¯arri¨¨re du t¨¦l¨¦phone est un peu trop prononc¨¦e, trop de codes esth¨¦tiques diff¨¦rents ¨¦tant pr¨¦sents sur les deux angles du smartphone.


C¡¯est toujours entre 5 et 10€ d¡¯¨¦conomiser. Et surtout, mon ¨¦cran ne subit aucune rayure !
L¡¯¨¦cran protecteur appos¨¦ de façon tr¨¨s pr¨¦cise sur le smartphone est un plus que Romain a tout de suite remarqu¨¦. Loin de n¡¯¨ºtre qu¡¯un simple bout de plastique, il agit comme une r¨¦elle protection et semble plutôt bien r¨¦sister de prime abord.Arriver sur un nouveau syst¨¨me d¡¯exploitation, c¡¯est un peu comme d¨¦m¨¦nager dans une nouvelle ville, on est vite perdu et on a besoin de rep¨¨res. Pour se sentir un peu plus « comme ¨¤ la maison », les deux t¨¦l¨¦phones ont ¨¦t¨¦ pos¨¦s côte ¨¤ côte, notre testeur souhaitant t¨¦l¨¦charger, dans l¡¯ordre, les m¨ºmes applications, en les disposant exactement de la m¨ºme façon, jusqu¡¯au point de remettre le m¨ºme fond d¡¯¨¦cran.Une op¨¦ration assez longue qui a eu le m¨¦rite de porter ses fruits, EMUI 4.1 y contribuant grandement, car l¡¯interface personnalis¨¦e est assez similaire ¨¤ iOS, visuellement parlant.



¨¤ partir de l¡¯¨¦cran verrouill¨¦, on retrouve tout de m¨ºme quelques similitudes telles que l¡¯appareil photo et un menu coulissant qui permet d¡¯allumer le flash ou encore d¡¯utiliser la calculatrice. Cependant, certaines diff¨¦rences positives sont ¨¤ noter, avec notamment un centre de notifications bien plus clair. Ces derni¨¨res sont mieux organis¨¦es et surtout regroup¨¦es, ce qui ¨¦vite d¡¯avoir une dizaine de notifications pour la m¨ºme conversation par exemple.Le fait que le capteur d¡¯empreintes soit dispos¨¦ ¨¤ l¡¯arri¨¨re du t¨¦l¨¦phone le rend bien plus accessible.
Les habitudes ont la dent longue, et ce n¡¯est pas un utilisateur Apple qui dira le contraire. Perturb¨¦ lors de la mise ¨¤ jour vers iOS 10 avec la modification de manipulation pour d¨¦verrouiller l¡¯¨¦cran, passant d¡¯un mouvement de doigt vers la droite ¨¤ une simple pression de touche, le fait de pouvoir revenir en arri¨¨re d¡¯un simple geste peut d¡¯autant plus d¨¦stabiliser.Entre chiffres, sch¨¦mas et autres combinaisons, il a finalement opt¨¦ pour la simplicit¨¦ du capteur d¡¯empreintes. Ce dernier semble d¡¯ailleurs tout ¨¤ fait convenir ¨¤ notre nouvel utilisateur, qui ne parvient semble-t-il plus ¨¤ s¡¯en passer.


En partie dû ¨¤ son double objectif 12 et 2 m¨¦gapixels, le Honor 6X poss¨¨de une excellente qualit¨¦ photo pour sa gamme de prix. Cela lui permet, entre autre, de capturer des photos ¨¤ grandes ouvertures avec une nettet¨¦ r¨¦duite en arri¨¨re-plan, pour ainsi, reproduire l¡¯effet d¡¯un reflex. Vraiment simple d¡¯utilisation, il suffit ensuite de r¨¦gler le niveau de flou souhait¨¦ pour, plus ou moins, faire ressortir l¡¯objet au premier plan.Cette fonction permet de modifier, aussi bien en mode photo qu¡¯en vid¨¦o, tous les r¨¦glages comme sur un v¨¦ritable reflex, en passant d¡¯un simple niveau de contraste ¨¤ la sensibilit¨¦ en passant par les ISO. De plus, il est int¨¦ressant de noter la pr¨¦sence d¡¯une fonction « light painting », qui permet de capturer, par exemple, un fleuve en mouvement ou les traîn¨¦es lumineuses d¡¯un ciel ¨¦toil¨¦.Les Xperia XZ et Xperia XZ Premium ont beau avoir un nom presque similaire et ¨ºtre tous deux de tr¨¨s bons terminaux, ils n¡¯en sont pas moins diff¨¦rents. Le XZ Premium est peut-¨ºtre le flaghsip de ce MWC 2017 le plus abouti et int¨¦ressant pour ceux qui sont ¨¤ la recherche de technologie de pointe. Entre son ¨¦cran 4K et le fameux Motion Eye, le Xperia XZ Premium rel¨¨ve encore la barre dans la famille des Xperia.


Le Xperia XZ est un smartphone de 5,2 pouces l¨¦g¨¨rement incurv¨¦ qui permet une bonne prise en main. Celui-ci peut d¡¯ailleurs ¨ºtre utilis¨¦ d¡¯une seule main bien qu¡¯il ne s¡¯agisse pas du mod¨¨le le plus compact de la famille Xperia. En comparaison, le Xperia XZ Premium est plus grand avec ses 5,5 pouces qui n¨¦cessitent plus souvent une utilisation ¨¤ deux mains. Cependant, malgr¨¦ sa grande taille le smartphone reste relativement mince avec ses 7,9 mm. Nous retrouvons les m¨ºmes bords tout en courbes et rondeurs.Alors que le Xperia XZ premier du nom arbore une finition m¨¦tallique mate assez fragile et facile ¨¤ rayer, le Premium se tourne vers un m¨¦tal r¨¦fl¨¦chissant et assez glissant, qui n¡¯est pas sans rappeler le Sony Xperia Z5.Enfin, les Xperia XZ et XZ Premium sont tous deux ¨¦tanches ¨¤ l¡¯eau et poss¨¨dent un capteur d¡¯empreintes digitales sur le bouton Power afin de d¨¦verrouiller rapidement ces derniers lorsqu¡¯ils sont saisis en main.Le XZ proposait d¨¦j¨¤ un tr¨¨s bon ¨¦cran Triluminos Full HD de 5,2 pouces : tr¨¨s lumineux, contrast¨¦, avec des angles de vision proches de la perfection. Diff¨¦rents modes d¡¯affichage permettent de s¨¦lectionner les effets souhait¨¦s. Le Premium fait mieux, avec un le premier ¨¦cran 4K HDR du monde sur smartphone, ce qui signifie des contrastes plus forts, une plus grande gamme de couleurs et des visuels plus nets. Il ne manque bien entendu plus que les contenus 4K, qui sont encore peu nombreux.


Le Xperia XZ Premium propose une remise ¨¤ niveau des performances du XZ classique. Ce dernier avait d¨¦j¨¤ une fiche technique tr¨¨s honorable, avec un Snapdragon 820 qui permettait de ressentir une tr¨¨s bonne utilisation au quotidien de l¡¯appareil. Le XZ Premium rel¨¨ve un peu plus le niveau en int¨¦grant la toute derni¨¨re solution de Qualcomm ¨¤ savoir le Snapdragon 835. Il s¡¯agit donc du premier smartphone, apr¨¨s le Samsung et son exclusivit¨¦ sur les premiers stocks de la puce, ¨¤ embarquer la derni¨¨re version de Snapdragon.L¡¯appareil photo du XZ avec ses 23 m¨¦gapixels permettait de r¨¦aliser de tr¨¨s beaux clich¨¦s, ¨¤ la fois nets et riches en d¨¦tails et cela m¨ºme si la lumi¨¨re est forte ou faible. La cam¨¦ra permet aussi de capturer des vid¨¦os en 4K de façon tout ¨¤ fait satisfaisante. Le XZ Premium met en avant le Motion Eye, la cam¨¦ra de Sony qui compte un capteur photo de 19 m¨¦gapixels int¨¦grant un slow motion ¨¤ 960 fps. Cela permet de capturer tr¨¨s rapidement plusieurs clich¨¦s qui peuvent ensuite ¨ºtre trait¨¦s. Le r¨¦sultat paraît incroyablement lisse. M¨ºme si le nombre de m¨¦gapixels tombe ¨¤ 19 pour ce mod¨¨le, l¡¯appareil permet mieux de capturer des sujets en mouvements. L¡¯ouverture focale est plus grande ce qui devrait permettre d¡¯avoir de meilleures photos dans les situations o¨´ la lumi¨¨re serait faible.



Côt¨¦ logiciel, le XZ Premium embarque la toute derni¨¨re version d¡¯Android 7.1 Nougat. Celle-ci composera avec comme d¡¯habitude, la discr¨¨te interface du fabricant Xperia UI, qui propose surtout quelques logiciels multim¨¦dias.Au niveau des connexions, pas de r¨¦elles surprises d¡¯un Xperia XZ ¨¤ l¡¯autre. Le Premium propose le Bluetooth 5.0, la 4G et supporte l¡¯ensemble de nos bandes r¨¦seau.Côt¨¦ autonomie, le XZ original tient une journ¨¦e compl¨¨te, une dur¨¦e de vie qui pourrait peut-¨ºtre ¨ºtre rallong¨¦e sur le Premium. Peut-¨ºtre, car m¨ºme si la batterie est plus performante avec 3230 mAh contre 2700, l¡¯¨¦cran 4K risque lui d¡¯¨ºtre tr¨¨s gourmand. Seule l¡¯exp¨¦rience pourra nous indiquer r¨¦ellement si ce Premium a optimis¨¦ ou non la dur¨¦e de vie de sa batterie.Le Xperia XZ ¨¦tait proposait au prix de 699 euros, mais nous imaginons que le prix de ce Premium sera plutôt autour des 799 euros, comme pour le Xperia Z5 Premium qui pariait lui aussi sur un ¨¦cran 4K. Comme Sony a fait le choix d¡¯int¨¦grer le dernier chipset de Qualcomm, sa date de sortie est attendue pour la fin du printemps 2017.


Apr¨¨s l¡¯annonce du Nokia 6 il y a quelques semaines en Chine, HMD est maintenant au Mobile World Congress pour continuer le retour de Nokia sur le march¨¦ du smartphone, avec Android aux commandes. Le fabricant sait que les fans de Nokia attendent depuis longtemps un smartphone sous Android et va int¨¦grer le syst¨¨me sans aucune personnalisation logicielle.Cela permettra ¨¤ HMD de proposer les mises ¨¤ jour rapidement, d¨¦ployer les mises ¨¤ jour de s¨¦curit¨¦ de Google et ajouter les nouvelles fonctionnalit¨¦s rapidement comme Google Assistant.HMD profite du Mobile World Congress ¨¤ Barcelone pour annoncer l¡¯arriv¨¦e du Nokia 6 en Europe. Le smartphone sera lanc¨¦ ¨¤ partir de 229 euros en France et pour l¡¯occasion, le t¨¦l¨¦phone aura le droit ¨¤ une ¨¦dition sp¨¦ciale « piano noir », une couleur brillante similaire au noir de jais d¡¯Apple sur l¡¯iPhone 7. Il sera disponible au second trimestre 2017.



  1. http://retrouve3.blog.wox.cc/

  2. http://retrouve3.allmyblog.com/

  3. http://plaza.rakuten.co.jp/davydenko/


 


Akku f¨¹r HP Mini 5101

Das bringt maus- und tastaturverwöhnten PC-Spielern zwar wenig, aber wer mit dem Controller der PS3 klarkommt, f¨¹r den steuert sich das mobile Uncharted vom ersten Augenblick an genauso gut wie das zuletzt f¨¹r die Konsole veröffentlichte Uncharted: Drakes Schicksal. Die Sticks sind solide, wirken sehr griffig und arbeiten tadellos; nur niederdr¨¹cken lassen sie sich nicht. Menschen mit sehr großen Händen sollten vor dem Kauf einer PS Vita kurz Probe spielen, denn die Sticks sind recht weit unten an dem Gerät angebracht.
Mit den Analogsticks sind die Möglichkeiten, Spiele zu steuern, noch lange nicht ausgeschöpft: Der Spieler kann seine Eingaben auch auf dem multitouchfähigen Touchscreen vornehmen. In Uncharted kann er beispielsweise mit einem Fingerwisch die Vorspr¨¹nge markieren, an denen sich Drake entlanghangeln soll - und schon absolviert der Held brav die befohlene Kletterpartie. Im dezent an Android erinnernden Men¨¹ der Konsole selbst - die Vita verwendet nicht die Xross Media Bar der PSP und PS3 - ist die Touchsteuerung fast immer die bequemste und schnellste Art, um die in Kreisform dargestellten Programmsymbole zu starten.


Als Home-Button fungiert eine Taste mit einem kleinen Playstation-Symbol unter dem linken Analogstick, unter dem rechten befinden sich Select und Start - alle sind so angebracht, dass man sie so gut wie nie versehentlich auslöst. Die Vita verf¨¹gt außerdem ¨¹ber eine kleine Ausgabe des D-Pad sowie die vier typischen Playstation-Tasten mit den geometrischen Figuren, links und rechts oben sind außerdem die Schultertasten. Alle machen einen stabilen, wertigen Eindruck, sie funktionieren sehr präzise und haben einen klar definierten Druckpunkt.Zusätzlich ist die PS Vita mit Lage- und Bewegungssensoren ausgestattet, so dass der Spieler auch mit einer Positionsänderung des Handhelds bestimmte Eingaben vornehmen kann. In Super Monkey Ball etwa beschleunigt er die Spielfigur, indem er das Gerät nach vorne kippt, und in Uncharted geht Drake an Felswänden in eine Sprungposition, wenn der Spieler die Vita zur Seite neigt.


Viele der nötigen Aktionen lassen sich auf mehrere Arten durchf¨¹hren, was den Spieler durchaus etwas ¨¹berfordern kann, weil er sich gelegentlich auf die Schnelle zwischen Kippen, Touchen sowie den Analogsticks und dem D-Pad entscheiden muss. Zudem steht an einigen - bislang wenigen - Stellen auch noch die R¨¹ckseite der Vita f¨¹r Eingaben zur Verf¨¹gung: Sie kann auch auf Ber¨¹hrungen reagieren. In der Praxis ist es aber erstaunlich schwierig, den Finger an der R¨¹ckseite des Geräts ohne Sichtkontakt präzise zu f¨¹hren. Eine große Rolle spielt die Eingabe auf der R¨¹ckseite bislang nicht.Noch mehr Möglichkeiten stehen dank der beiden 1,3-Megapixel-Kameras zur Verf¨¹gung, die sich an Vorder- und R¨¹ckseite des Geräts befinden. Sie machen Fotos und Videos, die sich mit der bereits erwähnten Inhaltsmanager-Software und USB-Kabel sehr bequem etwa auf einen PC ¨¹bertragen lassen. Die Kameras werden sicherlich auch in Augmented-Reality-Spielen Verwendung finden - Sony hat ja auf Playstation Portable und PS3 etwa mit Invizimals und Eyepet schon gezeigt, was möglich ist.


Links und rechts am Gehäuse befinden sich Lautsprecher, die trotz ihrer geringen Größe einen ordentlichen Klang bieten - jedenfalls, wenn sie der Spieler nicht mit den Fingern verdeckt, was beim Gebrauch der Analogsticks aber oft der Fall ist. Alternativ steht an der unteren Kante der PS Vita ein Kopfhöreranschluss zur Verf¨¹gung. Die Lautstärke lässt sich ¨¹ber zwei Tasten an der oberen Kante regeln.Golem.de auf dem Browser der Vita... Golem.de auf dem Browser der Vita...
An der unteren Seitenleiste befindet sich auch der Multifunktionsanschluss der PS Vita, an den Spieler einen Stecker im Sony-eigenen Format anschließen. Er dient zur Stromversorgung und zum ¨¹bertragen von Signalen per USB, etwa von der PS3 oder einem PC. Sonderlich gut ist der Stecker nicht gemacht: Zumindest einige Mitglieder der Golem.de-Redaktion haben ihn erst verkehrt herum angeschlossen und sich dann gewundert, dass nichts passierte. Recherchen im Internet nach Stichworten wie "PS Vita Connector broken easily" zeigen, dass viele Nutzer diesen Fehler machen - aber dazu später noch mehr.



Die Games liefert Sony auf d¨¹nnen, 30 x 22 mm kleinen Speicherkarten aus. Sie kommen in einen Schlitz an der oberen Seitenleiste. Das Öffnen von dessen Abdeckung ist leider sehr fummelig geraten - wer keine langen Fingernägel hat, braucht fast zwingend ein Messer oder einen ähnlichen Gegenstand. Direkt neben dem Slot f¨¹r die Games befindet sich eine Anschlussmöglichkeit f¨¹r weiteres Zubehör, außerdem verf¨¹gt die Vita ¨¹ber einen Schlitz f¨¹r die bereits erwähnten Speicherkarten und - je nach Ausf¨¹hrung - f¨¹r eine SIM-Karte. Schade: Einen HDMI-Anschluss besitzt das Gerät nicht.Die PS Vita ist 182,0 x 18,6 x 83,5 mm groß und liegt mit rund 280 g sehr angenehm in der Hand. Der Akku hält je nach Spiel in der Praxis nur drei bis maximal f¨¹nf Stunden durch, lädt sich aber in gut 90 Minuten auch wieder vollständig auf. Nervig: Wenn er völlig entleert wurde, lässt sich die PS Vita auch am Netzstecker erst nach gut zehn Minuten wieder verwenden. Der Akku ist fest im Gerät verbaut.


WLAN-Netzwerke unterst¨¹tzt die Vita nach dem Standard IEEE 802.11 b/g/n. Außerdem lassen sich etwa Headsets ¨¹ber Bluetooth 2.1 drahtlos anschließen. Wie bei der PSP gibt es auch bei der PS Vita einen Remotezugriff auf die PS3. Wirklich interessant ist bei dem neuen Handheld die Möglichkeit, bei der 3G-Version auch per Mobilfunk ins Internet zu gehen. In Japan hat Sony einen Exklusivvertrag mit Docomo geschlossen, hierzulande ist Vodafone der Vertragspartner, dessen SIM-Karte beiliegen wird. Telefonieren kann man mit dem Gerät nicht, aber immerhin surfen und Mails abrufen.Der Browser beherrscht HTML5 und Java, aber kein Flash - fr¨¹her hat Sony gesagt, dass Letzteres nachgeliefert werde, so ganz sicher sind wir da nicht mehr. Der Browser erledigt seinen Job gut, aber nicht ¨¹bertrieben komfortabel. Es stört zum Beispiel, dass der Bereich von Webseiten, der kurz nicht auf dem Display war, grundsätzlich neu aufgebaut werden muss, was auch mit schneller VDSL-Verbindung ein paar Augenblicke braucht.In Internetforen gibt es einige Berichte von Nutzern, die ¨¹ber massive Probleme beim Einschalten ihrer Vita berichten. Auch das Testgerät von Golem.de wollte sich gelegentlich nicht wecken lassen. Die Ursachen sind nicht vollständig geklärt, wahrscheinlich gibt es mehrere. Erstens könnte es an Problemen mit der Firmware liegen - die Stand Redaktionsschluss veröffentlichte Version 1.52 d¨¹rfte diese Fehler mittlerweile weitgehend behoben haben. Zweitens muss man den Ein/Aus-Schalter relativ lange dr¨¹cken, und bis sich dann auch auf dem Bildschirm etwas tut, dauert es noch ein paar Momente länger.


Drittens lässt sich das Gerät nicht aktivieren, wenn der Akku entladen ist. Die Anzeigen sind allerdings verwirrend gestaltet: Zum einen leuchtet der Home-Button in unterschiedlichen Farben, zum anderen ist bei leerem Akku nur gelegentlich ein durchgestrichenes Batteriesymbol auf dem Bildschirm zu sehen. Dazu kommt als weitere Fehlerquelle auch noch, dass man - wie beschrieben - den Multifunktionsstecker leicht mal falsch einsteckt, worauf sich verständlicherweise nichts tut.Als Import kostet die PS Vita mit allem Drum und Dran je nach Anbieter zwischen 400 und 600 Euro, in Europa kommt sie am 22. Februar 2012 in den Handel. Die 3G-Version wird laut Sony rund 300 Euro kosten, sie wird mit einer SIM-Karte von Vodafone ausgeliefert - wer mag, kann sich aber auch f¨¹r einen anderen Provider entscheiden. Bei Vodafone können deutsche Spieler das Gerät vorbestellen, und zwar f¨¹r einmalig rund 50 Euro zuz¨¹glich der monatlichen Geb¨¹hren f¨¹r den Mobilfunkvertrag; der g¨¹nstigste Tarif liegt bei rund 20 Euro. Eine Vita nur mit WLAN-Netzzugang kostet rund 250 Euro.



Dank der beiden Analogsticks hat die PS Vita auch in Zeiten von spieletauglichen Smartphones und Tablets eine Daseinsberechtigung - es ist einfach ein riesiger Unterschied, ob man einen Shooter mit den Sticks steuert oder mit einem virtuellen Controller auf dem Display. Auch der Rest des Handhelds ist Sony gut gelungen: Die Grafik ist zeitgemäß, das Display liefert knackige Bilder, die unterschiedlichen Eingabemöglichkeiten sind sinnvoll und die Anbindung an das Internet, das Playstation Network, an PCs und die PS3 lässt nach derzeitigem Stand bei der Importversion wenig W¨¹nsche offen - nur HDMI-Output hätten wir uns wirklich gew¨¹nscht. Vor allem aber ist ärgerlich, dass die Vita keinen eigenen Datenspeicher hat. Die Unterst¨¹tzung von externen Speicherkarten ist toll, aber dann bitte kein hauseigenes Format, und nur zusätzlich zu internen Ablagemöglichkeiten.Derzeit ist noch offen, wie gut die lokalen Multiplayerfunktionen und sozialen Netzwerkdienste hierzulande mit vielen Vitas sind - das wird erst ein Test von mehreren europäischen Geräten im Verbund zeigen können. Bis dahin sollten sich insbesondere Fans von Action- und anderen Hardcorespielen die Vita vormerken.


Der Vorteil des 3-in-1-Gerätekonzepts ist, dass der Anwender direkt auf alle Daten ohne Umwege per Smartphone, Tablet oder Netbook zugreifen und diese beliebig bearbeiten kann. Allerdings: Wenn das Smartphone im Tabletgehäuse steckt, kann nur per Bluetooth-Technik telefoniert werden. Als Zubehör gibt es von Asus ein spezielles Bluetooth-Headset in Stiftform. Der Stift kann auch zur Bedienung des Smartphone- oder Tablet-Touchscreens verwendet werden, um etwa Notizen anzulegen. Speziell daf¨¹r gibt es eine Anwendung mit Handschriftenerkennung, mit der auch Fotos und Videos kommentiert werden können.Im zweiten Quartal 2012 will Asus das Padfone Station als Paket auf den Markt bringen, also das Smartphone mit dem Tabletgehäuse. Die Docking-Tastatur sowie den Bluetooth-Stift wird es als Zubehör geben. Damit will Asus erreichen, dass der Gesamtpreis nicht zu hoch ausfällt. Das Padfone Station könnte dann zu einem niedrigeren Preis angeboten werden als ein separates Smartphone samt Tablet. Preise zum Padfone Station und zum Zubehör will Asus erst in einigen Monaten veröffentlichen. Bisher ist noch unklar, ob das Padfone Station direkt bei einem Netzbetreiber angeboten wird.


Asus schlägt einen pfiffigen Weg ein, mit einer neuartigen Gerätegattung in den Markt f¨¹r Mobiltelefone neu einzusteigen. Auch mit den Eee-Pad-Transformer-Modellen konnte sich Asus recht erfolgreich von der Tabletkonkurrenz absetzen. ¨¹ber den Markterfolg der Padfone Station wird nun vor allem entscheiden, wie viel Kunden f¨¹r das Gerät zahlen m¨¹ssen.Broadcom will einen weiteren Weg der Navigation in Innenräumen ermöglichen, der kaum den Akku belastet. Mit Bluetooth Low Energy und kleinen Solarstationen ist das Konzept f¨¹r Einkaufszentren interessant.
Bluetooth Low Energy, kurz BLE, als Teil von Bluetooth 4.0 lässt sich laut Broadcom gut f¨¹r die Navigation nutzen. Das Bluetooth-Positionierungskonzept von Broadcom sieht vor, dass Smartphones mit Bluetooth in Zukunft die Funktechnik als Ergänzung f¨¹r die Navigation verwenden. Ähnlich wie WLAN-Positionierungen ist die Bluetooth-Positionierung vor allem f¨¹r Innenräume interessant und soll präzise Standortinformationen ermöglichen.


Broadcom soll f¨¹r seine neueren Chips das System bereits unterst¨¹tzen. Infrastrukturseitig gibt es aber noch keine Installationen abseits von Testsystemen. Ein Betreiber eines Einkaufszentrums muss f¨¹r die Bluetooth-Positionierung zunächst kleine Geräte installieren. Die arbeiten mit einem Bluetooth-Chip von Broadcom und nehmen dank Bluetooth Low Energy des 4.0-Standards so wenig elektrische Leistung auf, dass kleine Solarzellen gen¨¹gen. Die Geräte der Konzeptstudie haben einen Magneten, der einfache Installationen beispielsweise an Decken oder Wänden ermöglicht.Bei der Installation muss der Betreiber der Bluetooth-Geräte einmalig deren Position festlegen. Sie haben eine Reichweite von 20 Metern, Broadcom geht aber davon aus, dass die Geräte in geringeren Abständen eingesetzt werden, um eine Positionierungsgenauigkeit von unter 5 Metern zu erreichen. F¨¹r die Ortung von Geschäften in einem Einkaufzentrum ist eine solche Genauigkeit notwendig. Alternativ könnte das System auch in Access Points f¨¹r ein Haus-WLAN ergänzend installiert werden. Entsprechende Lösungen m¨¹ssten aber die Hersteller von WLAN-Zubehör anbieten.



  1. http://dovendosi.allmyblog.com/

  2. http://dovendosi.blogas.lt/

  3. http://support.viralsmods.com/blog/main/2191940/


 


Akku Lenovo LO8N6Y02

Ausgangspunkt f¨¹r die Stanford-Forscher war aber die Arbeit von Kollegen des Massachusetts Institute of Technology. Die haben bereits ein stationäres Ladesystem mit dieser Technik entwickelt, das 3 Kilowatt ¨¹berträgt. Sie vermarkten es ¨¹ber ein eigenes Unternehmen.Um Autos während der Fahrt laden zu können, muss das System aber leistungsfähiger sein. Fan und seine Kollegen haben also eine Möglichkeit ersonnen, wie sie das System so weiterentwickeln können, dass es 10 Kilowatt ¨¹ber eine Entfernung von knapp zwei Metern ¨¹berträgt. Im Computermodell klappt das auch. Die Forscher um Fan wollen als nächstes eine Laboranlage bauen, um das System auch in der Praxis zu testen. Zum Patent angemeldet haben sie es vorsichtshalber schon mal.
Sollte sich das System bewähren, könnten in Zukunft Resonanzspulen in US-Fernstraßen eingelassen werden. Die Elektroautos bekämen eine Empfängerspule, und so wären elektrische ¨¹berlandfahrten kein Problem mehr.


Die Effizienz des Systems liegt nach Angaben der Forscher bei 97 Prozent. Das bedeutet, bei der drahtlosen ¨¹bertragung gehen drei Prozent der elektrischen Energie verloren. Es m¨¹sse sichergestellt werden, sagt Sven Beiker, Leiter des Center for Automotive Research at Stanford (CARS), dass diese drei Prozent in Form von Wärme verlorengingen und nicht als Strahlung, die Insassen des Autos, deren elektronische Geräte oder die Autoelektronik schädige.Die Stanford-Forscher sind nicht die ersten, die auf die Idee kommen, die Straße zur drahtlosen Ladestation umzufunktionieren. Der japanische Automobilhersteller Nissan etwa hat 2009 eine solches Konzept vorgestellt. Auch BMW und Siemens haben ein solches System entwickelt. Beide nutzen statt der magnetischen Resonanz die magnetische Induktion.Acer bringt mit dem Iconia Tab A200 ein weiteres Android-Tablet mit 10-Zoll-Display auf den Markt. Es arbeitet mit einem 1-GHz-Dual-Core-Prozessor und kommt zunächst mit Android 3.2 alias Honeycomb auf den Markt.
Der 10,1 Zoll große Touchscreen mit LED-Hintergrundlicht im Iconia Tab A200 liefert eine Auflösung von 1.280 x 800 Pixeln. Bei einem Gewicht von 710 Gramm misst es 26 x 17,5 x 1,24 cm und wiegt damit ähnlich viel wie HPs Touchpad, ist also mehr als 100 Gramm schwerer als Apples iPad 2. Das Acer-Tablet hat nur auf der Vorderseite eine 2-Megapixel-Kamera, auf der R¨¹ckseite steht keine Kamera zur Verf¨¹gung.


Im Tablet befindet sich der Dual-Core-Prozessor Tegra 2 von Nvidia, der mit einer Taktrate von 1 GHz läuft. Der RAM-Speicher beträgt 1 GByte und es gibt 16 GByte internen Flash-Speicher. Weitere Daten können auf einer bis zu 32 GByte großen Micro-SD-Karte abgelegt werden, ein passender Steckplatz ist vorhanden.Das Iconia Tab A200 beherrscht Single-Band-WLAN nach 802.11b/g/n sowie Bluetooth 2.1+EDR. UMTS-Technik ist nicht vorhanden. Das Tablet hat außerdem einen GPS-Empfänger, eine 3,5-mm-Klinkenbuchse, einen USB-2.0-Anschluss sowie einen Micro-USB-Anschluss. An das Tablet lässt sich Zubehör per USB anschließen. Zudem stehen Stereolautsprecher und ein Mikrofon zur Verf¨¹gung.Das Iconia Tab A200 kommt noch mit dem veralteten Android 3.2 alias Honeycomb auf den Markt. Ein Update auf Android 4.0 alias Ice Cream Sandwich ist geplant. Wann das erscheint, ist aber nicht bekannt. Acer will das Update auf Android 4.0 drahtlos verteilen, so dass kein Computer erforderlich ist, um das Tablet zu aktualisieren.



Der integrierte Lithium-Polymer-Akku mit 3.260 mAh soll eine Laufzeit von maximal 10 Stunden liefern. Unter welchen Bedingungen dieser Wert erreicht wird, sagte der Hersteller nicht.Sony hat drei neue Kompaktkameras aus der Cybershot-Serie angek¨¹ndigt. Die besonders flache DSC-TX200V verf¨¹gt ¨¹ber ein GPS-Modul, ist staubgesch¨¹tzt und wasserdicht bis 5 Meter Tiefe.
Sony hat drei neue Kompaktkameras aus der Cybershot-Serie angek¨¹ndigt. Die Modelle DSC-WX50, DSC-WX70 und DSC-TX200V sollen im März 2012in den USA auf den Markt kommen.
Beide Kameras sind 9,2 x 5,2 Zentimeter groß, 1,9 Zentimeter dick und wiegen rund 100 Gramm (ohne Akku und Speicherkarte). Sie verf¨¹gen jeweils ¨¹ber einen Exmor-R-CMOS-Sensor mit einer Auflösung von 16,2 Megapixeln. Das Objektiv hat jeweils eine Brennweite von 25 bis 125 Millimeter (Kleinbild-Äquivalent). Neben dem f¨¹nffachen optischen verf¨¹gen die Kameras noch ¨¹ber einen zehnfachen virtuellen Zoom. Der Empfindlichkeitsbereich reicht von ISO 100 bis 12.800. Beide Kameras können neben Fotos auch Full-HD-Videos aufnehmen. Beide speichern Bilder und Videos auf Memory Stick Duo und SD-Karte (SD, SDHC und SDXC).


Der Unterschied zwischen beiden Kameras liegt im Bildschirm: Die DSC-WX50 hat einen 2,7 Zoll (6,85 Zentimeter) großen LC-Bildschirm mit 460.000 Bildpunkten. Das Display der DSC-WX70 ist 3 Zoll (7,62 Zentimeter) groß und hat 921.000 Bildpunkte. Außerdem handelt es sich dabei um einen Touchscreen. Beide Modelle gibt es in silber und schwarz. Die DSC-WX70 wird zusätzlich noch in pink, violett und weiß erhältlich sein.Die flache DSC-TX200V misst 9,6 x 5,8 x 1,6 Zentimeter und wiegt 114 Gramm (ohne Akku und Speicherkarte). Sie hat einen Exmor-R-CMOS-Sensor mit einer Auflösung von 18,2 Megapixel. Die Brennweite reicht von 26 bis 130 Millimeter (Kleinbild-Äquivalent). Die Empfindlichkeit umfasst ISO 64 bis 12.800.


Die Kamera, deren Gehäuse auf der Frontseite aus Glas besteht, ist besonders robust: Sie ist staubgesch¨¹tzt und soll bis zu einer Tiefe von f¨¹nf Metern wasserdicht sein. Integriert ist ein GPS-Modul, mit dem sich die Fotos und Full-HD-Videos gleich mit Positionsdaten versehen lassen. Der Touchscreen, der eine Diagonale von 3,3 Zoll (8,4 Zentimeter) hat, basiert auf der OLED-Technik und verf¨¹gt ¨¹ber 921.000 Bildpunkte. Als Speichermedium dienen Memory Stick Micro und Memory Stick Micro Mark 2 oder Micro-SD-Karten (Micro-SD und Micro-SDHC). Es gibt die Kamera in den Farben Silber, Rot und Violett.Alle drei Kameras sollen in den USA an Anfang März verf¨¹gbar sein. Die DSC-WX50 wird etwa 200 US-Dollar, die DSC-WX70 etwa 230 US-Dollar kosten Die DSC-TX200V bietet Sony f¨¹r rund 500 US-Dollar an. DSC-WX50 und DSC-WX70 sollen Mitte März auch in Europa auf den Markt kommen.Rollei hat drei Actionkameras vorgestellt, die auch unter besonders rauhen Umgebungsbedingungen funktionieren sollen. Sie sehen aus wie Patronenmunition.
Die neuen Actionkameras Rollei Bullet HD sind wasserfest und in einem Metallgehäuse untergebracht, das sie vor Stößen sch¨¹tzen soll.


Die Rollei Bullet HD Pro f¨¹r rund 200 Euro nimmt in voller HD-Auflösung auf und ist mit einer Fisheye-Optik ausgestattet, die einen Winkel von 170 Grad abdeckt. Die g¨¹nstigere Rollei Bullet HD 2 nimmt nur mit 720p auf und ist mit einer ähnlichen Optik ausgestattet. Standbilder kann sie mit 12 Megapixeln fotografieren. Der Preis liegt bei 150 Euro.
Die preiswerteste Kamera ist die Rollei Bullet HD Lite 2 f¨¹r rund 100 Euro, die einen Blickwinkel von 135 Grad abdecken kann. Jede der Kameras wird mit einer Sch¨¹tzh¨¹lle f¨¹r den Transport ausgeliefert und kann mit einer optionalen Fernbedienung gesteuert werden. Die Modelle wiegen rund 100 Gramm und sollen mit ihrem Akku rund zwei Stunden lang Videos auf die MicroSD-Karte speichern können, die in die Geräte eingesteckt wird.Mit der Auslieferung der ersten Elektroautos von Renault ist das Elektromobilitätsprojekt von Better Place in Israel gestartet. Dieses Jahr sollen noch die Feldversuche in Dänemark und Australien folgen.
Better Place hat sein Elektromobilitätsprojekt gestartet: In dieser Woche hat das US-Unternehmen die ersten Elektroautos in Israel ausgeliefert.
100 Fahrzeuge vom Typ Renault Fluence ZE seien in der vergangenen Woche nach Israel geliefert worden. Sie seien in einem Korso auf den Straßen des Landes präsentiert worden, berichtet das US-Wissenschaftsmagazin Technology Review.



Das Projekt in Israel beginnt mit leichter Verspätung: Im Fr¨¹hjahr 2011 hatte Better Place den Start f¨¹r Ende 2011 angek¨¹ndigt. Neben Israel sollen in diesem Jahr auch die Projekte in Dänemark und Australien starten.Renault will den elektrischen Fluence dieses Jahr auch in Deutschland auf den Markt bringen. Das Fahrzeug kostet etwa 26.000 Euro.Im Preis ist der Akku jeweils nicht mit inbegriffen. Der bleibt - das ist Renault ganz auf der Linie von Better Place - im Besitz des Autoherstellers, der Käufer mietet ihn. Der Mietpreis soll bei 82 Euro im Monat starten. Er wird dabei von der Laufzeit des Vertrages sowie von der jährlichen Laufleistung des Autos abhängen.Nach Ansicht eines US-Wissenschaftlers könnte das Vermieten des Akkus ein wichtiger Faktor f¨¹r den Erfolg bei der Einf¨¹hrung von Elektroautos sein: Der Akku ist die teuerste Komponente des Elektroautos. Wird er aus dem Kaufpreis herausgenommen, kann der Hersteller das Auto zu einem g¨¹nstigeren Preis anbieten.


Mit der Optio VS20 bringt Pentax eine Kompaktkamera mit 20fach-Zoom auf den Markt, die mit gleich zwei Auslöseknöpfen ausger¨¹stet ist. Der zweite Knopf an der schmalen Kameraseite ist f¨¹r vertikale Aufnahmen gedacht.
Die Pentax Optio VS20 ist mit einem Objektiv ausgestattet, dessen Brennweite von 28 mm Weitwinkel bis 560 mm Supertele (KB) reicht. Gegen Verwackler ist eine Bildstabilisierung (CCD-Shift) eingebaut.
Voll ausgefahren ragt das Zoom deutlich aus dem Gehäuse heraus. Damit in dieser Situation bei Vertikalaufnahmen der Auslöser noch ruhig gedr¨¹ckt werden kann, hat Pentax in die VS20 einen zweiten Auslöser samt Zoomwippe eingebaut.Die Kamera erreicht eine Auflösung von 16 Megapixeln (1/2,33 Zoll großes CCD) und ist statt mit einem optischen Sucher mit einem 3 Zoll großen Display ausgestattet, das eine Auflösung von 460.000 Bildpunkten erzielt.


Die automatische Gesichtserkennung der Kamera kann mit einer internen Funktion gekoppelt werden, die sich Gesichter merkt. Erkennt die Kamera später bei Gruppenaufnahmen eines der gespeicherten Gesichter wieder, so stellt sie automatisch auf diese Personen scharf. Der Selbstauslöser kann ebenfalls mit der Gesichtserkennung gekoppelt werden. Lächelt die Zielperson, wird der Auslöser betätigt.Neben Fotos kann die Pentax VS20 auch Videos mit einer Auflösung von 1.280 x 720 Pixeln machen. Die Aufnahme wird mit einer separaten Taste auf der Gehäuser¨¹ckseite gestartet.Zur Ausrichtung der Kamera kann ein Raster ¨¹ber das eigentliche Bild im Display eingeblendet werden. Es enthält 48 Segmente. Die Pentax Optio VS20 misst 112 x 61,5 x 38,5 mm und wiegt betriebsbereit inklusive Akku und Speicherkarte 234 Gramm. Die Kamera soll ab März 2012 f¨¹r rund 200 Euro in den Gehäusefarben Weiß und Schwarz erhältlich sein.Hiriko ist ein Elektroauto, das zum Parken zusammengefaltet wird. Drei solcher Autos sollen in eine Parkl¨¹cke passen. Der Prototyp ist jetzt vorgestellt worden.
In Br¨¹ssel durfte EU-Kommissionspräsident Jos¨¦ Manuel Barroso den Prototyp des Elektroautos Hiriko bestaunen. Das innovative Fahrzeug ist die kommerzielle Version des am Media Lab des Massachusetts Institute Of Technology (MIT) entwickelten Elektroautos Citycar.



  1. http://blogsinn.com/?w=dovendosi

  2. http://yaplog.jp/dovendosi/

  3. http://retrouve3.blog.wox.cc/


Accu MAKITA LS711DWA

Nvidia weet zijn Tegra-processors met steeds grotere volumes te verkopen door de sterk gestegen vraag naar tablets en smartphones, beide productcategorieën die energiezuinige processors vereisen. Volgens Huang is er alleen al dit jaar vraag naar processors voor circa honderd miljoen apparaten, terwijl dit aantal in de komende jaren tot een miljard kan oplopen.Nvidia ziet ook nieuwe afzetmarkten opdoemen. Op de markt voor zeer dunne notebooks denkt Nvidia met nog krachtigere ARM-processors een goede kans te kunnen maken, mede door de komst van het met ARM compatibele Windows 8. Volgens Huang vreest Nvidia concurrent Intel niet, omdat het op de mobiele markt momenteel alleen de Atom met de x86-architectuur in de aanbieding heeft. Bovendien zouden meer en meer applicaties voor het ARM-platform worden geschreven en worden ARM-processors nog zuiniger. Hierdoor denkt Nvidia dat er notebooks met ARM-cpu's op de markt komen die de helft goedkoper zijn dan de nieuwe Ultrabooks, een nieuw platform van Intel.


Anand Lal Shimpi verveelde zich nu de jaarlijkse Computex-beurs in Taiwan vanwege SARS is uitgesteld, en besloot zijn tijd dan maar te vullen met een bespreking van de Intel-roadmaps. Allereerst wordt vermeld dat door de afgenomen concurrentie van AMD in het hoogste marktsegment, het de afgelopen tijd nogal rustig is geweest wat nieuwe CPU's van Intel betreft, iets wat nog het hele jaar 2003 zal voortduren. Volgens de Inquirer zullen we deze juni nog de 3,2GHz-versie van de Pentium 4 Northwood met bijbehorende prijsverlagingen kunnen verwelkomen, maar daarna zal het weer een tijdje stil zijn.


Intel logo Pas in oktober wordt introductie van de Prescott-core verwacht, een vernieuwing waar al lange tijd door menigeen naar uit wordt gekeken. De eerste twee modellen zullen worden uitgerust met kloksnelheden van 3,2 en 3,4GHz (die tegen de jaarwisseling zal arriveren), en nog voorzien worden van een Socket 478-voetje. Verwacht wordt dat dit laatste ook zal gelden voor de eerste nieuwe Intel-CPU van 2004, een 3,6GHz Prescott, waarna pas in het tweede kwartaal van dat jaar men de echte vernieuwingen zal zien komen in de vorm van Socket-775 LGA-uitvoeringen. Met de nieuwe socketgrootte van 775 pins zal namelijk ook de nieuwe Grantsdale-chipset worden geintroduceerd, de opvolger van de huidige Springdales en Canterwoods. Kenmerken van Grantsdale zijn onder andere de aankomst van PCI-Express, de mogelijkheid tot het gebruik van DDR2-geheugen, uitgebreide ondersteuning voor Serial ATA en tenslotte een FSB die uiteindelijk naar 1.2GHz geschaald zal gaan worden. Mocht DDR2 het nou toch niet gaan maken, of niet genoeg beschikbaar zijn, dan houdt Intel voor de zekerheid het gebruik van RDRAM in het achterhoofd, aldus Anand.


Intel Centrino (klein) Wat het mobiele CPU-platform betreft wordt er alvast vooruitgeblikt op Dothan, de opvolger van de huidige Banias-processor. Deze nieuweling zal, net als Prescott, worden gefabriceerd op een 90nm-proces, en volgens verwachting ook rond dezelfde tijd worden geintroduceerd, het vierde kwartaal van dit jaar. Dothan onderscheidt zich van Banias vooral door een 2MB on-die L2 cache, en zal eerst verschijnen in snelheden van 1,8GHz. In de eerste helft van volgend jaar komen dan 1,9 en 2,0GHz modellen uit, evenals enkele langzamere Low-Volt and Ultra Low-Volt-varianten. Naast een nieuwe CPU zal het Centrino-platform bovendien nog met een nieuwe WLAN-chip worden uitgerust in de vorm van de 2100A, waarmee laptops op zowel 802.11a als 802.11b draadloze netwerken kunnen worden aangesloten. Begin 2004 zullen hieraan dan ook nog 802.11g-mogelijkheden worden toegevoegd. Naast Centrino zal Intel trouwens de komende tijd ook nog aandacht besteden aan de mobiele P4-processor. In het derde kwartaal komt een 3,06GHz P4M zonder HyperThreading uit, gevolgd door een 3,2GHz-variant met HyperThreading. Hierna zal men in 2004 vervolgen met mobiele Prescott-varianten van 2,66, 2,80, 3,06, 3,20 en 3,46GHz, allemaal met een 533MHz FSB en HT-enabled.



Intel Xeon (Foster) processor (klein) Als je nu al tureluurs bent geworden van alle CPU's, dan wordt het helemaal lekker als we kijken naar de server- en workstationmarkt . De plannen van Intel wijzen uit dat alle single-processor workstationconfiguraties zullen worden uitgerust met de 875P Canterwood-chipset en dat alle SP server-configuraties een vergelijkbare Canterwood-ES aan boord zullen krijgen, die iets beter zal presteren qua data-integriteit. In het derde kwartaal zal Intel een 3.06GHz Xeon met 1MB on-die L2 cache uitbrengen als tegenstander van AMD's te verschijnen Opteron-platform. Ongeveer drie maanden later zal dan Nocona verschijnen, de Prescott-afgeleide voor de enterprisemarkt. Opvallend is echter dat Nocona zal uitkomen met een een FSB van 533 MHz, die gedurende 2004 nog wel zal oplopen tot 667MHz, maar de 800MHz die het desktopbroertje aan zal kunnen, is de opvallende afwezige. Ook Anand kan niet verklaren waarom Intel hiervoor kiest. Wat betreft MP-configuraties is het pad van Intel Anand eveneens niet helemaal duidelijk. Ondanks het feit dat meerdere Xeon-processors in ¨¦¨¦n systeem gezamenlijk moeten omspringen met de beschikbare bandbreedte op de front side bus, plant Intel tot midden 2004 geen hogere FSB voor MP-systemen dan de nu al gebruikelijke 400MHz. Pas tegen het einde van volgend jaar worden er met de nieuwe Potomac-core enige veranderingen verwacht op Xeon-gebied.


Tenslotte hebben we nog het 64-bit platform waar Intel op dit moment nog met de Itanium 2 ten strijde trekt. Deze zal in het derde kwartaal opgevolgd worden door Deerfield, die met een kloksnelheid van 1,0GHz en 1.5MB on-die L3 cache gepresenteerd zal worden als een Low-Voltage Itanium 2. Vooral het lage prijskaartje moet Deerfield erg aantrekkelijk maken. Anand besluit met de observatie dat de bal in processorland voorlopig nog bij AMD ligt. Zij zullen weer met een nieuwe troef moeten komen, en zo te zien heeft Intel zijn antwoorden al klaar:


Every Computex we get a good deal of information about Intel's forthcoming plans, with this year's show moved to the Fall we weren't about to let a good update on Intel's roadmap slip us by. Intel has been coming on strong in the past couple of years, the ball has been in AMD's court for quite some time now - Athlon 64 and Opteron both need to do well in order for AMD to regain lost ground. What we're hearing from motherboard manufacturers and the server guys is that Opteron is doing quite well in the same areas that the Athlon MP has sold well in (HPC, clusters, etc…) however they have yet to see much expansion above and beyond where AMD used to be.
Vandaag is, na achttien maanden en zes dagen, de vijfde versie van Mac OS X verschenen. Onder de schuilnaam Tiger heeft Apple een blik vernieuwingen opengetrokken, dat volgens topman Jobs de heren in Redmond aan het werk heeft gezet, wat kopiëren betreft. Bij Ars Technica is een uitgebreide review verschenen van het besturingssysteem. De hoofdvraag van het artikel is of het upgraden naar Tiger het geld waard is. Upgraden kost namelijk € 129, waarvoor de gebruiker wel flinke verbeteringen wil zien. De eerste constatering is dat Apple het design van de doos nauwelijks heeft aangepast, nog steeds een grote zilveren X op de doos, al is het in een ander lettertype.


Het besturingssysteem wordt geleverd op dvd, wat lastig kan zijn voor mensen zonder dvd-speler, al is het mogelijk de dvd terug te sturen en tegen bijbetaling een setje cd¡¯s te ontvangen. De nieuwe looks van Tiger worden niet direct met applaus ontvangen. Zo valt in sommige applicaties de titelbalk niet los te zien van de rest van het programma, zodat bijvoorbeeld niet duidelijk is waar precies gesleept kan worden met het programma. Ook is de verandering niet consistent doorgevoerd, waardoor sommige programma¡¯s m¨¦t en andere zonder titelbalk lijken te verschijnen. In de kernel heeft Apple gewerkt aan het ontwikkelen van API¡¯s die met officiële ondersteuning komen. Voorheen was het voor ontwikkelaars moeilijk om te weten of hun software nog wel zou werken met een nieuwe versie van het besturingssysteem, omdat Apple nog wel eens veranderingen in API¡¯s aanbracht. Apple werkt nu met een aantal ¡®kernel programming interfaces¡¯ die een gedocumenteerde laag vormen om de kernel heen. Als Apple nu veranderingen aan de kernel doorvoert, wordt gegarandeerd dat de ondersteunde KPI¡¯s blijven werken.


In anticipatie op processors met meerdere cores is ook de manier waarop applicaties de kernel benaderen veranderd; in plaats van de hele kernel te reserveren voor een thread, worden nu slechts gedeeltes van de kernel gereserveerd, waardoor meerdere zaken tegelijkertijd kunnen worden afgehandeld. Voor de andere grotere verandering in processors, 64 bits, heeft Apple een aparte laag gemaakt die de meeste basisoperaties kan uitvoeren. Omdat grafische operaties hier nog niet bijhoren, kan een programma dat toch meer dan 32 bit aan geheugen wil benutten, een hulp-thread starten om het geheugen aan te spreken.



Ten tijde van Panther waren er in OS X liefst vier verschillende vormen van het ordenen van bestanden in gebruik. Naast de verplichte extensies, werd de MIME-categorisering gebruikt, de van de Macintosh overgebleven type/creator-code en het in Panther geïntroduceerde ¡®data typing¡¯ voor gebruik met pasteboard. Een onoverzichtelijk geheel, vaak slechts beperkt gedocumenteerd en nooit voor iedere toepassing bruikbaar. Apple is in Tiger met Uniform Type Identifiers gekomen. De UTI¡¯s vervangen ¨¦n integreren de bestaande bestandstype-aanduidingmethodes zoals bestands-extenties, MIME types en Apple's eigen type/creator. UTI's beschrijven in een zogenaamd .plist-formaat in XML bestanden van een bepaald type. Hierbij kan gedacht worden aan bestanden met bijvoorbeeld een .doc-extentie, maar ook bestanden die je via internet binnenhaalt zonder extentie, maar met een MIME-type. Daarbij kunnen bestanden zowel files, als folders, als volumes zijn - alles wat maar te identificeren valt. Hiermee bouwt Apple verder aan zijn metadata-concept, en biedt ongekende mogelijkheden op het gebied van uitbreidbaarheid, identificatie en accuraatheid.


QuartzQuartz is de overkoepelende naam voor de grafische laag van OS X. In de eerste versie van OS X werd een groot gedeelte van de grafische bewerkingen door de CPU gedaan, iets dat de snelheid van het hele systeem niet ten goede kwam. Met OS X 10.2 werd een flink gedeelte van deze processen overgedragen aan de videokaart, doordat ieder raampje in OpenGL versneld werd, een taak bij uitstek geschikt voor de videokaart. In OS X 10.3 werd de softwarematige kant verbeterd, maar nu met OS X 10.4 zijn er weer verbeteringen in de diepte te melden. Quartz 2D Extreme versnelt (illustratie) het tekenen van de inhoud van verschillende ramen drastisch, door gebruik te maken van de steeds sneller stijgende bandbreedte tussen de grafische processor en het grafisch geheugen. Omdat tijdens het laden van plaatjes in het grafisch geheugen er nog steeds verstoppingen kunnen optreden, wordt zoveel mogelijk informatie in het grafisch geheugen bewaard als cache. Omdat grafisch geheugen eindig is, wordt dit weer gekopieerd naar het systeemgeheugen om zoveel mogelijk afbeeldingen onmiddellijk op het beeld te kunnen laten verschijnen. Op deze manier worden alle eerdere bottlenecks ontlopen door zoveel mogelijk beeldmateriaal als cache te bewaren.


Core Image is het nieuwe beeldverwerkende systeem. Net als Core Audio verzorgt het een plug-in structuur voor het verwerken van verschillende typen media. Core Image zorgt voor zestig ingebouwde bewerkingen, zoals kleuraanpassingen, blurs en distortions. Om ervoor te zorgen dat de bewerkingen van afbeeldingen niet ontzettend traag wordt omdat alle bewerkingen na elkaar worden uitgevoerd, maakt Core Image gebruik van ¡®lazy evaluation¡¯. Dit houdt in dat niet alle bewerkingen na elkaar worden uitgevoerd, met grote hoeveelheden data die de tussenliggende stappen meedragen, maar dat alle bewerkingen gelijktijdig worden uitgevoerd. De software bepaalt zelf welk gedeelte van het systeem de bewerking het snelste kan uitvoeren. Als er meerdere processors voorhanden zijn, worden de bewerking zo geschreven dat beide processors hun deel kunnen bijdragen, maar ook het inschakelen van de grafische processor is een mogelijkheid.



  1. http://dovendosi.comunidades.net/

  2. http://www.bloghotel.org/enablesyou/

  3. http://blogcity.jp/page.asp?idx=10057051


Akku Lenovo LO9L6Y02

An einigen Details fällt auf, dass kein Android 3 zum Einsatz kommt und das Betriebssystem eigentlich f¨¹r Smartphones entwickelt wurde. Die Tastatur bietet etwa kein Multitouch. Zwischen Tasks lässt sich zwar per lange gedr¨¹ckter Home-Taste umschalten, aber die dedizierte Multitask-Taste von Android 3 ist komfortabler. Außerdem sind die Widgets zum Teil sehr groß. Auf einem Smartphone wäre das in Ordnung, beim Flyer wirkt das wie Platzverschwendung. Leider kann der Anwender nur durch Ausprobieren erfahren, welche Widgets wie groß sind. Außerdem ist es nicht möglich, die Widgets von HTC in der Größe zu verändern.Angepasst wurden auch die Android-Tasten. Zum einen fehlt eine Suchen-Taste - genau wie bei Dells Streak. Zum anderen gibt es gleich zwei Sätze Android-Tasten. Je nach Lage des Tablets werden entweder die Tasten auf der Längsseite beleuchtet und aktiv geschaltet oder die Tasten auf der Querseite.Zu der Oberflächenanpassung gehört auch das Umschwenken der Sensortasten. Das Tablet hat Sensortasten an zwei Seiten, die je nach Lage des Tablets aktiv sind. In den beiden Haltepositionen sind die Sensortasten also jeweils unten. Kopf¨¹ber kann der Anwender das Tablet nicht halten, weder im Querformat noch hochkant.


Android 3 soll auf jeden Fall f¨¹r den Flyer kommen, wie HTC verspricht, und darauf sind wir gespannt: HTC Sense in Kombination mit den Vorteilen von Android 3 w¨¹rde uns gefallen. Wie HTCs Android-3-Adaption f¨¹r den Flyer aussehen wird, ist aber noch nicht bekannt, ebenso wenig das Datum f¨¹r die Veröffentlichung des Updates.Bei der Ausstattung der Hardware hat das Gerät einige Mängel. In der Preisklasse von 700 Euro sollte schon ein Dual-Band-WLAN-Chip im Gerät stecken. Der HTC Flyer beherrscht leider nur 802.11b/g/n (2,4 GHz). Bei den WWAN-Bändern ist es flexibler. Es hat f¨¹r das mobile Internet eine Quad-Band-GSM-Einheit und im HSPA-Betrieb wird neben 900 und 2.100 MHz auch das sogenannte AWS-Band (1.700 MHz) unterst¨¹tzt. Praktisch f¨¹r Anwender, die in den USA das T-Mobile-Netz benutzen wollen. Es gibt auch eine Variante ohne Mobilfunkeinheit.
Im Inneren befinden sich 32 GByte Speicher. Rund 20 GByte sind als Datenspeicher partitioniert, der Rest gilt als interner Speicher. Auf einer Micro-SDHC-Karte können weitere Daten abgelegt werden. Sie wird, wie die SIM-Karte, hinter der Kameraabdeckung versteckt.


Sieht proprietär aus, ist es aber nicht. Die Kombibuchse kann auch Micro-USB-Kabel aufnehmen.

Das Display bietet eine Auflösung von 1.024 x 600 Pixeln, ist recht hell und blickwinkelstabil. Bei Android-2.x-Tablets sind gute Displays eher die Ausnahme. Der Prozessor hat zudem nur einen Kern, der daf¨¹r aber mit recht hohen 1,5 GHz getaktet ist. Wir haben kurz Asus' Eee Pad Transformer, den wir vor kurzem getestet hatten, mit dem HTC Flyer verglichen. Daf¨¹r haben wir Sunspider im Firefox-Browser vermessen. Der Flyer schafft den Test in etwa 1.900 ms, das Eee Pad in 1.700 ms. Merklich langsamer ist der Flyer also nicht bei typischen Single-Core-Aufgaben.Austin Meyers X-Plane f¨¹r Android zeigte ebenfalls kaum Unterschiede. Die Bildrate war geringf¨¹gig niedriger auf dem Flyer. Allerdings muss der Flyer auch kein Display mit 1.280 x 800 Pixeln ansteuern, hat also weniger Arbeit als der Transformer.


Insgesamt erscheint uns bei typischen Aufgaben der Single-Core-Prozessor kein Nachteil zu sein.HTCs Lichtsensor zur Erkennung vom Umgebungslicht wird besser ausgenutzt als bei vielen anderen Tablets. Der Automatikmodus war zwar etwas zu dunkel und eine Semiautomatik gibt es nicht, allerdings ist die Einstellung deutlich besser als bei vielen anderen Tablets. Nat¨¹rlich hat das Einfluss auf die Akkulaufzeit, da HTC das Display nicht ¨¹bertrieben abdunkelt.Ein erweiterter Standbymodus des Tablets ist vor allem nachts praktisch. In einem definierten Zeitrahmen kann das Tablet auf Wunsch Komponenten wie WLAN- und Mobilfunkeinheit während der Nachtruhe abschalten, wenn es im Akkubetrieb läuft. Eine sehr sinnvolle Funktion.
Praktisch ist auch der einstellbare Notstrommodus. Ab einer gewissen Grenze setzt HTC nach Möglichkeit Funktionen außer Betrieb, um das Tablet ¨¹ber den Tag zu retten. Die niedrigste Grenze liegt bei 10 Prozent verbleibender Akkulaufzeit. Dann wird etwa das Display abgedunkelt und nicht benötigte Teile des Systems werden abgeschaltet.



Trotz allem erscheint uns die Laufzeit f¨¹r das kleine Gerät zu kurz. Während des Testens war schon mit wenig Last der fest verbaute Akku recht schnell leer. Wir haben tags¨¹ber in unserem recht hellen B¨¹ro die Helligkeit auf Maximum gestellt. WLAN und WWAN waren aktiv. Nach 5:25 Stunden war der Akku geleert, obwohl wir nicht einmal 10 Minuten das Tablet wirklich gefordert hatten.Wir mussten also schnell einen USB-Stecker suchen, um nachzuladen. An einem solchen Anschluss lädt das Tablet sehr langsam auf, deshalb ist es besser, das Netzteil zu verwenden. Der Flyer benutzt ¨¹brigens geräteseitig einen USB-Stecker, der zwar proprietär aussieht, es aber nicht ist. Es ist ein Kombislot, welcher sowohl HTCs Steckerformat verträgt als auch einen normalen Micro-USB-Stecker aufnimmt. Praktisch: Eine Ladeleuchte am Ein- und Ausschalter zeigt an, ob das Tablet noch lädt.Die 3G-Variante des HTC Flyer ist bereits verf¨¹gbar und kostet rund 700 Euro mit 32 GByte internem Speicher. Wer auf Mobilfunk verzichten kann, der bekommt f¨¹r 500 Euro eine WLAN-Variante. Diese hat dann allerdings nur 16 GByte Speicher. Die WLAN-Einheit ist noch nicht verf¨¹gbar. Laut HTC hat auch die WLAN-Variante Zugriff auf den Android Market.


Dass HTCs Flyer Android 2.3 hat und nicht 3.0, ist f¨¹r uns kein Kritikpunkt. Offenbar hat HTC Zeit gebraucht, um ein gut durchdachtes Tablet herzustellen, und es hat sich gelohnt: Nur Samsung hat es geschafft, ein ähnlich gutes Android-2.x-Tablet auf den Markt zu bringen. Auch der hochgetaktete Single-Core-Prozessor ist zunächst kein großes Problem. Erst wenn Anwendungen Dual-Core-Prozessoren brauchen, tut sich der Flyer schwer.
HTC Sense ist zwar vor allem Kosmetik, erleichtert aber trotzdem sehr deutlich die Bedienung. Es macht einfach Spaß, mit dem Tablet zu arbeiten. Wirklich gut gefällt uns die Stiftfunktion. Konkurrenz ist hier rar und findet sich eher in anderen Betriebssystemen. W¨¹nschenswert wäre allerdings, dass der Stift stärker in Android integriert wird und der Akku etwas länger hält.Da HTC zu den Herstellern gehört, die ihre Geräte auch nach dem Verkauf noch pflegen, gehen wir fest davon aus, dass HTC sein Versprechen hält, Android 3.0 alias Honeycomb als Update anzubieten. Wer ein kleines 7-Zoll-Tablet sucht, das zukunftsfähig ist, liegt beim Flyer also richtig. Mit den noch nicht gestarteten Diensten HTC Watch und dem Spielestreamingdienst Onlive wird das Gerät sogar noch interessanter werden.



Das Android-Smartphone Optimus 3D von LG bringt O2 erst im Juli 2011 auf den Markt. Urspr¨¹nglich wollte O2 es schon Ende Mai 2011 anbieten.
In O2s Onlineshop-Vorschau wurde das Optimus 3D von LG aufgenommen, das nun erst im Juli 2011 bei O2 zu haben sein wird. Noch Anfang Mai 2011 ging O2 von einem Marktstart Ende Mai 2011 f¨¹r das Optimus 3D aus, obwohl LG den Marktstart bereits Monate vorher auf Juni 2011 verschoben hatte. Aber selbst im Juni 2011 wird es das Optimus 3D nun noch nicht bei O2 geben. Was LGs Android-Smartphone bei O2 kosten wird, ist weiterhin nicht bekannt. Der Listenpreis f¨¹r das Optimus 3D beträgt 600 Euro ohne Vertrag.
Das Optimus 3D hat einen 4,3 Zoll großen Touchscreen, auf dem sich Inhalte in 3D wiedergeben lassen, ohne dass eine 3D-Brille erforderlich wäre. Das Display liefert eine Auflösung von 480 x 800 Pixeln, zur Farbtiefe machte LG keine Angaben. F¨¹r die Aufnahme von 3D-Material besitzt das Mobiltelefon zwei 5-Megapixel-Kameras mit Autofokus. Diesen steht ein LED-Fotolicht zur Seite. 3D-Videos sollen sich direkt vom Mobiltelefon auf Youtube laden lassen.


Am Rande des Displays befinden sich die vier typischen Android-Knöpfe, einen 5-Wege-Navigator gibt es nicht. Auch eine Hardwaretastatur ist nicht vorhanden, alle Eingaben erfolgen ¨¹ber eine Bildschirmtastatur. Der OMAP4-Prozessor von Texas Instruments mit Dual-Core-Technik liefert eine Taktrate von 1 GHz. Das Smartphone hat zwei Speicherbereiche. Einmal stehen 4 GByte und einmal 8 GByte zur Verf¨¹gung. Zudem gibt es einen Speicherkartensteckplatz f¨¹r Micro-SD-Cards mit bis zu 32 GByte.Das UMTS-Smartphone unterst¨¹tzt HSDPA mit bis zu 14,4 MBit/s. Welche weiteren Mobilfunknetze unterst¨¹tzt werden, ist noch nicht bekannt. Als weitere Drahtlostechnik steht WLAN nach 802.11 b/g/n zur Verf¨¹gung; zur Bluetooth-Unterst¨¹tzung liegen keine Angaben vor. Das Mobiltelefon hat einen A-GPS-Empfänger, einen HDMI-Ausgang sowie eine 3,5-mm-Klinkenbuchse und unterst¨¹tzt HDMI 1.4. Das Optimus 3D kommt zunächst mit dem veralteten Android 2.2 auf den Markt. Erst später will LG ein Update auf Android 2.3 alias Gingerbread nachreichen. Einen Termin daf¨¹r gibt es aber noch nicht.Mit einem Gewicht von 168 Gramm ist das Optimus 3D vergleichsweise schwer. Es wiegt fast so viel wie das 170 Gramm schwere Milestone von Motorola. Die Maße des LG-Geräts betragen 128,8 x 68 x 11,9 mm. Zur Akkulaufzeit macht LG keine Angaben. Es ist nur bekannt, dass der verwendete Akku eine Kapazität von 1.500 mAh liefert.


Der Entwickler Ben Francis hat auf Basis von Mozillas Projekt Chromeless einen Vollbildbrowser f¨¹r Geräte entwickelt, die keinen Desktop benötigen. Mit der Webian Shell 0.1 steht ein erster Prototyp zum Download bereit.
Nutzer verbringen zunehmend mehr Zeit im Browser, denn immer mehr Applikationen, die fr¨¹her auf dem Desktop liefen, verlagern sich ins Web. Die gewohnte Desktopumgebung steht dadurch immer mehr im Weg, denn moderne Webapplikationen könnten heute fast alles tun, was fr¨¹her Desktopapplikationen erledigt haben, meint der Entwickler Ben Francis. Daher reicht oft der Browser vollkommen aus.
Genau an diesem Punkt setzt die von Francis entwickelte Webian Shell an. Sie ersetzt das Userinterface durch eine einzige Fläche f¨¹r Webinhalte. Im aktuellen Prototyp handelt es sich dabei um einen minimalistischen Vollbildbrowser, der Tabs unterst¨¹tzt und eine Uhr neben viel "Nichts" anzeigt.



  1. http://retrouve3.bravesites.com/blog

  2. http://retrouve3.sosblogs.com/

  3. http://retrouve3.mee.nu/


Akku Lenovo 42T4579

Mit dem Sensation präsentiert HTC ein robustes High-End-Smartphone mit einem großen 16:10-Display und einem Doppelkernprozessor, das gut in der Hand liegt. Unser Test hat allerdings gezeigt: Das Sensation ist gut - das Galaxy S2 ist besser.
Mit dem Sensation will HTC in der Smartphone-Oberklasse aufholen. Es hat ein großes Display und einen Doppelkernprozessor. Damit ist es mit Samsungs Galaxy S2 vergleichbar. Die beiden Smartphones unterscheiden sich jedoch; nicht nur im Format der Displays und bei der Anzahl der Bildpunkte, sondern auch bei der Darstellung - wir haben uns angesehen, wie.
Auf den ersten Blick wirkt das HTC Sensation solide. Das Gehäuse ist im aktuellen HTC-Design gehalten, mit einem diagonalen Querstreifen aus Aluminium auf der R¨¹ckseite, der nur bei genauerem Hinsehen erkennbar ist. Die Abdeckungen dar¨¹ber und darunter sind aus kräftigem Plastik. Dadurch ist die r¨¹ckseitige Abdeckung sehr viel robuster als die des Galaxy S2. Die mit Aluminium verarbeitete R¨¹ckseite wirkt sich auf das Gewicht aus: Das HTC Sensation wiegt 149 Gramm - viel, verglichen mit den 115 Gramm des Galaxy S2 und den 140 Gramm des iPhone 4, das ebenfalls einen Aluminiumrahmen hat.


Das HTC Sensation ist mit fast durchgehend 11,3 Millimetern deutlich dicker als das Galaxy S2 mit 8,5 Millimetern und das iPhone 4 mit 9,4 Millimetern, jedoch ähnlich lang und breit: Mit 126 Millimetern ist das HTC fast genauso lang wie das Galaxy S2 und mit 65,4 Millimetern nur wenig breiter. Durch seine abgerundeten Ecken wirkt das Sensation jedoch schlanker als das eckige Smartphone von Samsung.Im HTC Sensation ist wie im Galaxy S2 von Samsung ein Doppelkernprozessor verbaut. Während HTC genaue Angaben zu dem Prozessor macht - einem Snapdragon QSD 8255 von Qualcomm mit ARM-Cortex-A7-Architektur -, teilt Samsung nur mit, es handle sich um die Eigenentwicklung Exynos-4210, einen Chipsatz auf ARM-Cortex-A9-Basis.


Die Benchmarks Spidermonkey und Quadrant zeigen das Galaxy S2 deutlich vorne: Im Standardbrowser lag das Smartphone von Samsung mit durchschnittlich 6.400 Punkten vor dem Sensation mit 3.475 Punkten. Im Firefox-Browser bestätigten sich die Ergebnisse mit durchschnittlich 2.450 Punkten beim HTC Sensation gegen¨¹ber 1.520 Punkten beim Galaxy S2. Die Werte werden auch von dem Quadrant-Benchmark bestätigt, das auch die Leistung des Grafikchips und die Schreib- und Lesegeschwindigkeit auf die SD-Karte misst: Dort lag das Galaxy S2 mit durchschnittlich 3.500 Punkten vor dem Sensation mit 2.200 Punkten. Im normalen Gebrauch spielt die schwächere Leistung des Sensation aber kaum eine Rolle: Während Webseiten mit Flash-Inhalten beim Scrollen noch leichte Ruckler verursachen, ist das Abspielen von HD-Videos fl¨¹ssig; es gab keine Aussetzer. Auch das Starten von Anwendungen war ebenso flott wie die Reaktion auf Eingaben.
Unter der Scheibe aus Gorilla-Glas verbirgt sich ein Super-LC-Display im 16:10-Format. Das kratzfeste Glas ist an den Rändern nach innen gewölbt. Dadurch soll das Display stabiler sein. Dem Bildschirm hat HTC satte 540 x 960 Bildpunkte gegönnt, die auf 4,3 Zoll in der Diagonalen verteilt sind. Auffällig ist zunächst, dass das Display des Sensations nur wenig blickwinkelstabil ist; wird das Smartphones nur leicht gekippt, wirken die Farben verwaschen mit deutlichen verstärkten Weißtönen. In hellen Umgebungen wird der Bildschirm schnell unlesbar.


Im Vergleich zum Galaxy S2 mit seinem Super-Amoled-Display mit 480 x 800 Pixeln wirken die Farben beim Sensation selbst beim direkten Draufblicken und voller Lichtstärke unecht und verwaschen, auch wenn das Galaxy S2 einen leichten Blaustich hat. Auch mit dem Retina-Display des iPhone 4 (640 x 960 Pixel) kann das Sensation nicht mithalten.HTC hat das Sensation mit 786 MByte Arbeitsspeicher ausgestattet, davon bleiben dem Anwender 558 MByte f¨¹r das Ausf¨¹hren von Anwendungen. Android 2.3.3 ist auf dem 4 GByte großen ROM-Chip untergebracht, von dem 1,2 GByte als interner Speicher zur Verf¨¹gung stehen. Zusätzlich legt HTC dem Gerät eine Micro-SD-Speicherkarte mit 8 GByte bei. Im Vergleich hat das Galaxy S2 1 GByte RAM und 2 GByte internen Speicher.Auch bei den Netzwerkfähigkeiten bleibt das HTC Sensation hinter dem Galaxy S2 zur¨¹ck, das WLAN-Modul nach 802.11 b/g/n deckt das 5-GHz-Band nicht ab, und auch mit HSPA+ kommt das Gerät nicht klar. Die ¨¹bertragung per WLAN ist aber sehr gut. Beide Geräte können ¨¹ber Bluetooth 3.0 funken. Die Sprachqualität beim Telefonieren ist einwandfrei.



Der Lithium-Ionen-Akku hat eine Kapazität von 1.520 mAh und versorgt das Gerät bei durchschnittlichem Gebrauch bis zu eineinhalb Tage mit Strom. GPS, WLAN und das Abspielen von Videos beanspruchen den Leistungsverbrauch ¨¹berdurchschnittlich. Im Vergleich hält das Galaxy S2 marginal länger durch.Die im Gerät von HTC verbaute 8-Megapixel-Kamera kann auf einen doppelten LED-Blitz zur¨¹ckgreifen. Die Einstellungen f¨¹r Fotoaufnahmen sind durchschnittlich, sie beschränken sich auf das Nötigste, etwa f¨¹r ISO-Werte oder den Weißabgleich. Die Aufnahmen mit der Kamera sind ebenfalls nichts Besonderes, die Farben verwaschen bei schwierigeren Lichtverhältnissen schnell. Auch die Videoaufnahmen sind mäßig. Die Kamera nimmt Videos in Full-HD auf. F¨¹r die meisten Belange reicht die Kamera durchaus, die im Galaxy S2 macht allerdings bessere Aufnahmen.
Gut gefällt die HTC-eigene Benutzeroberfläche Sense, die auf dem Sensation in der Version 3.0 beiliegt. Vor allem die Funktionen auf dem Sperrbildschirm ¨¹berzeugen: Sie zeigen verpasste Anrufe sowie empfangene E-Mails und Nachrichten an. Mit dem Ziehen eines Symbols auf den Ring zum Entsperren startet direkt die entsprechende Anwendung. Zusätzlich gibt es ein Schnellstarticon f¨¹r die Kamera.


Durch die Homescreens kann jetzt um 360 Grad gescrollt werden. Durch die installierten Apps wird weiterhin von oben nach unten gescrollt. Applikationen werden unter dem Sternicon nach der Häufigkeit der Benutzung sowie unter dem Pfeilicon nach von Benutzer installierten Apps sortiert. Zusätzlich hat HTC ein Fotoraster-Widget spendiert, in dem Fotos gekachelt dargestellt und per Antippen angezeigt werden können. Neu hinzugekommen ist auch das Widget Watch, das den Zugang zu HTCs Videostreamdienst ermöglicht.Bei Vodafone ist das HTC Sensation ohne Vertrag f¨¹r 539 Euro erhältlich. Sowohl die Telekom als auch Base bieten das Smartphone im Rahmen einer Vertragsverlängerung an. Bei Amazon kostet das Gerät 577 Euro. Der Listenpreis beträgt 599 Euro.Der Bildschirm des Sensation hält dem direkten Vergleich zum Galaxy S2 nicht stand. Die Farben wirken unecht und die Darstellung schon bei kleinen Blickwinkeländerungen verwaschen. Hinzu kommen die durchschnittlichen Netzwerkfähigkeiten, WLAN im 5-GHz-Bereich ist bereits weit verbreitet und HSPA+ d¨¹rfte in den kommenden zwei Jahren eine immer größere Rolle spielen. In Anbetracht dieser Mankos ist der empfohlene Verkaufspreis von 599 Euro im Vergleich zu den 649 Euro, die Samsung f¨¹r das Galaxy S2 mit 16 GByte Speicher verlangt, zu hoch.


F¨¹r sich allein betrachtet, macht das HTC Sensation aber einen guten Eindruck. Das Display macht die schlechte Darstellung durch seine Größe zumindest teilweise wett. Die solide Verarbeitung ¨¹berzeugt, das Gerät liegt gut in der Hand und wirkt robuster als das Galaxy S2. Dass die Benchmarks im Vergleich zu Samsungs Galaxy S2 schlechter ausfallen, spielt im Alltag fast keine Rolle; nur der Flash-Player bremst das Gerät etwas aus. Die Benutzeroberfläche Sense 3.0 macht einen durchdachten Eindruck und die neuen Funktionen auf dem Sperrbildschirm sind gut. Wer mit dem schwachen Display leben kann und keinen Wert auf ¨¹berdurchschnittliche Fotos legt, der ist mit dem HTC Sensation gut bedient. Mit den neuen Zwei- und Vierkernprozessoren der Fusion-A-Serie will AMD nun auch lang arbeitende Notebooks ermöglichen. Mehr als 10,5 Stunden Akkulaufzeit verspricht der Prozessorentwickler und sieht die neuen Prozessoren mit Grafikeinheit alias APUs in mehr als 150 Notebookdesigns kommen.
AMD hat offiziell seine nächste Generation von Notebookprozessoren vorgestellt. Die Fusion A genannten Prozessoren, von AMD auch Accelerated Processing Unit (APU) genannt, bieten zwei oder vier Kerne und eine integrierte Radeon-Grafikeinheit. Auf Wunsch kann ein Notebookdesigner auch eine dedizierte DirectX-11-Grafikeinheit mit in das Gehäuse stecken. AMDs Notebookplattform sieht vor, dass je nach Lastsituation dann zwischen der integrierten Grafik und dem dediziertem Chip hin- und hergeschaltet wird. Zudem kann die Fusion-APU zusammen mit einer dedizierten Radeon-Grafikeinheit an einem Bild rechnen, so dass weitere Leistungssteigerungen möglich sind.



Große ¨¹berraschungen gegen¨¹ber den bereits bekannten Fakten gibt es mit der offiziellen Ank¨¹ndigung nicht. Allerdings bestätigt AMD bereits vorher durchgesickerte Informationen und spezifiziert diese weiter. Als Marke verwendet AMD nun den Begriff Allday und will damit andeuten, dass Notebooks mit Fusion-APUs der A-Serie (alias Llano) einen ganzen Arbeitstag durchhalten, ohne an die Steckdose zu m¨¹ssen. In Zahlen ausgedr¨¹ckt, definiert AMD Allday-Computing mit einem Wert, der mehr als 8 Stunden entspricht. F¨¹r die Fusion-A-Serie verspricht AMD eine Akkulaufzeit von mehr als 10,5 Stunden. Die Zahlen werden bei verschiedenen Designs sicherlich schwanken, denn andere Komponenten eines modernen Notebooks beanspruchen den Akku unter Umständen stärker als der Hauptprozessor.In Fußnoten spezifiziert AMD die Akkulaufzeiten genauer: 10:28 Stunden erreicht das Torpedo genannte Referenzdesign mit einem 62-Wh-Akku und einem Dual-Core-Fusion A4-3300M. Dabei tut der Computer allerdings nichts. AMD gibt immerhin auch Lastwerte an. Wie bei anderen Prozessoren auch, sinkt die Akkulaufzeit unter Last deutlich. Der genaue Wert ist derzeit noch unklar, da AMDs Pressemitteilung einen Fehler enthält. Mit Futuremarks 3DMark 06 erreicht das Referenzdesign entweder 178 oder 218 Minuten (2:58 oder 3:38 Stunden). Auf Nachfrage konnte AMD die widerspr¨¹chlichen Angaben noch nicht klären. Wahrscheinlich ist ein Wert von 178 Minuten, da ein Blu-ray-Film etwas weniger Last erzeugen sollte. Hier gibt AMD 200 Minuten als Laufzeit der Referenzplattform an.


AMD erwartet, dass während des Jahres 2011 und dar¨¹ber hinaus mehr als 150 Notebookdesigns mit der A-Serie erscheinen werden. Angeboten werden APUs mit dem Namen A4 (Dual-Core mit Grafik), A6 (Quad-Core mit Grafik) und A8 (Quad-Core mit Grafik).In Notebooks mit AMDs Fusion-A-Serie werden aktuelle Schnittstellen vorhanden sein. AMD spricht konkret von HDMI 1.4a, Displayport 1.1 und USB 3.0. Interessant f¨¹r die Monitorschnittstellen: Mehrere Displays sollen ohne Probleme gleichzeitig arbeiten können.Ricoh hat mit der PX eine Kompaktkamera vorgestellt, die staub- und wasserdicht ist und St¨¹rze aus 1,5 Metern Höhe schadlos ¨¹berstehen soll. Ihr Gehäuse sieht nicht wie bei anderen Kameras dieser Kategorie besonders wuchtig aus.
Die Ricoh PX ist wasserdicht bis zu einer Tiefe von 3 Metern und auch gegen Staub abgedichtet. Ihr Temperatur-Betriebsbereich liegt zwischen 0 und 40 Grad Celsius - gegen Kälte ist die Kamera also nicht ausger¨¹stet worden. Die Auflösung des CMOS-Sensors (1/2,3 Zoll) liegt bei 16 Megapixeln. Das fest eingebaute Objektiv deckt einen Brennweitenbereich von 28 bis 140 mm (KB) bei F3,9 beziehungsweise F5,4 ab. Gegen Verwackler soll eine Kompensation durch das Verschieben des Bildsensors helfen.



  1. http://retrouve3.bravesites.com/blog

  2. http://retrouve3.sosblogs.com/

  3. http://retrouve3.mee.nu/


Akku f¨¹r HP ProBook 4415

Google Maps 6.3.0 gibt es kostenlos im Android Market zum Herunterladen. Google macht keine Angaben mehr dazu, welche Android-Version f¨¹r die aktuelle Google-Maps-Version benötigt wird.Google Maps nimmt mittlerweile eine Größe von rund 12 MByte ein und lässt sich noch immer nicht auf eine Speicherkarte auslagern.Das Galaxy Tab von Samsung war eines der ersten guten Android-Tablets. Nun ist in der Golem.de-Redaktion der Nachfolger, das Galaxy Tab 7.0 Plus N, eingetroffen. Golem.de hat beide Generationen ausf¨¹hrlich getestet und verglichen.
Fast anderthalb Jahre ist es her, dass wir das Galaxy Tab der ersten Generation getestet haben. Damals gefielen uns die Form des Geräts, die gute Hardware und die Anpassung an Tablet-Bed¨¹rfnisse. Jetzt haben wir uns den Nachfolger eines der ersten ¨¹berzeugenden Android-Tablets, das Galaxy Tab 7.0 Plus N (GT-P6201), in die Redaktion geholt und ausf¨¹hrlich getestet.


Die Hardware des Galaxy Tab ist teils deutlich ¨¹berarbeitet worden: Der Prozessor hat eine Taktfrequenz von 1,2 GHz statt 1 GHz, wurde also nur geringf¨¹gig beschleunigt. Daf¨¹r hat das neue Galaxy Tab zwei Rechenkerne. Auch der RAM ist von 512 auf 1.024 MByte vergrößert worden. Android System Info meldet 444 beziehungsweise 775 MByte nutzbaren Speicher.Gleich geblieben seit dem Vorgänger ist hingegen die Speicherausstattung mit mickrigen 16 GByte. Immerhin wird der Speicher im System als zusammenhängend nutzbar angezeigt. Mit einem Micro-SDHC-Schacht lässt sich weiterer Speicher nutzen, dieser kann allerdings nicht von Anwendungen verwendet werden. Die noch seltenen Micro-SDXC-Karten werden laut Samsung nicht unterst¨¹tzt. Das Display misst weiterhin 7 Zoll in der Diagonalen mit 1.024 x 600 Pixeln. Es ist durch das PLS-Panel weitgehend blickwinkelstabil und bietet eine gute Farbdarstellung. Ob das Diplay besonders kratzfest ist, verriet Samsung nicht. Im Vergleich zum Vorgänger ist es aber merklich dunkler und bei bestimmten Farben winkelabhängiger. Zudem ist die automatische Helligkeitsregulierung zu dunkel. Wir haben die Helligkeit des Tablets immer manuell eingestellt.


Die Abmessungen haben sich leicht verändert. Das Galaxy Tab der ersten Generation ist 12 mm dick, das neue nur 10,2 mm. Daf¨¹r ist es mit 121,5 mm etwas breiter als der Vorgänger (120 mm). Auch 6 mm höher ist es mit 194 mm. Das Gewicht wurde von 380 auf nun 347 Gramm reduziert. Netzteil und USB-Kabel wiegen 80 Gramm. Damit ist das Kunststoffgehäuse des Plus N nicht mehr so verwindungssteif wie das des Vorgängers. Das Tablet ist trotzdem sehr stabil.Das flache Gehäuse hat einen deutlichen Nachteil: Beim Plus-N-Gerät sind die seitlichen Tasten sehr leichtgängig. Mangels Fläche an der Seite dr¨¹ckt der Anwender schon beim Greifen des Tablets häufig die An- und Ausschalttaste oder die Lautstärkeregler.


Ein weiterer Nachteil ist das Fehlen der Sensortasten. Wie bei Android 3.x alias Honeycomb ¨¹blich, sind die Tasten nun Teil des Bildschirms. Bei 600 Pixeln in einer Dimension geht vor allem im Querformat viel Platz verloren. Dann muss manchmal f¨¹r Schaltflächen gescrollt werden, obwohl auf dem Plus-N-Tablet Android 3.2 zum Einsatz kommt, das an 7-Zoll-Displays angepasst sein soll. F¨¹r Android-Anwendungen bleiben im Querformat lediglich 1.024 x 552 Pixel ¨¹brig.
Wie schon das Galaxy Tab 10.1 hat Samsung das Gerät sichtbar angepasst. Dazu gehören neben neuen Symbolen auch kleine Minianwendungen. Diese werden in der Mitte der Android-Systemnavigationsleiste abgerufen. Ein Antippen des Pfeils nach oben bringt sechs Minianwendungen hervor, die sich direkt ¨¹ber den eigentlichen Bildschirminhalt als Fenster legen.Zwei der Anwendungen sind typische Handy-Apps, eine zum schnellen Telefonieren, die andere zum Beantworten von Kurzmitteilungen. Mehr administrativ ist der Task Manager, in dem Speicher freigemacht werden kann. Des Weiteren gibt es eine Kalenderanwendung, einen MP3-Player sowie eine Notizanwendung.



Ausgeliefert wird das Galaxy Tab wie erwartet mit Android 3.2 alias Honeycomb. Gleich nach dem Auspacken bietet das Gerät dem Nutzer ein 2,7 MByte kleines Firmwareupdate. Uns ist das Tablet dennoch zweimal abgest¨¹rzt. Dabei kam es nicht zu einem kompletten Reset. Die Pin der SIM-Karte musste nicht noch einmal eingegeben werden. Das Gerät verlor aber diverse Verbindungen und alle Anwendungen mussten neu gestartet werden. Im Laufe des Tests passierte das nicht nochmal.Ein Update auf Ice Cream Sandwich ist versprochen worden. Samsung will jedoch noch nicht verraten, wann es kommt. Die S¨¹dkoreaner lassen sich bei Updates viel Zeit. Das erste Galaxy Tab hat erst vor einer Woche sein Update auf 2.3.6 (Gingerbread) bekommen. Da wurden einige Anwender verständlicherweise ungeduldig, schließlich war das Update auf 2.3 schon f¨¹r Mai 2011 versprochen worden. Besitzer eines Galaxy-Tab-Tablets können sich bei Samsung nicht darauf verlassen, aktuelle Sicherheitspatches und allgemeine Updates zu bekommen.Zu den Samsung-Anpassungen gehört eine eigene Tastatur. Die virtuelle Tastatur beherrscht aber kein Multitouch. Es ist also nicht möglich, bei gedr¨¹ckter Umschalttaste mit Großbuchstaben zu schreiben.


Das störte und so schalteten wir auf die Android-Standardtastatur um. Wie bei den meisten Tastaturen f¨¹r Tablets fehlen auch beim Galaxy Tab die Umlaute f¨¹r die deutsche Sprache als Direkttasten. Wer Umlaute tippen will, muss länger auf die entsprechenden Vokale dr¨¹cken. Das gilt auch f¨¹r die Samsung-Tastatur.
Die Android-Standardtastatur hat allerdings den Nachteil, dass sie keine handschriftlichen Notizen erlaubt. Wer die Handschrifterkennung nutzen will, muss die Samsung-Tastatur wieder aktivieren. Der Wechsel zwischen den Tastaturen geht zum Gl¨¹ck ziemlich schnell.F¨¹r den Test haben wir auch kurz eine Bluetooth-Tastatur mit dem Bluetooth-3.0-Chip gekoppelt. Uns ging es darum herauszufinden, ob eine deutsche Tastatur auch als solche erkannt wird. Das ist tatsächlich der Fall - mit Einschränkungen. So verpasst die deutsche Android-Standardtastatur der Bluetooth-Tastatur ein US-amerikanisches QWERTY-Layout ohne Umlauttasten. Das Galaxy Tab gibt lobenswerterweise einen Warnhinweis und empfiehlt die virtuelle Samsung-Tastatur als Basiseinstellung. Dann werden deutsche Umlauttasten auf einer externen Tastatur unterst¨¹tzt.WLAN wird auf zwei Bändern unterst¨¹tzt. Bei Samsung ist das normal. Andere Android-Tablet-Hersteller beschränken sich nur auf 802.11b/g/n (2,4 GHz). Wer zusätzlich 802.11a/n (5 GHz) braucht, der findet mit dem Galaxy Tab 7.0 Plus N eines der wenigen Geräte, die das können.


Mobilfunkstandards werden großz¨¹gig unterst¨¹tzt. GSM ist als Quadband ausgef¨¹hrt. Das Tablet ist also nahezu weltweit einsetzbar. HSPA+ gibt es auf drei Frequenzen: 900, 1.900 und 2.100 MHz. Die maximale Downloadgeschwindigkeit wird mit 21 MBit/s angegeben.¨¹brigens kann der Nutzer des Galaxy Tabs 7.0 Plus N den Funkbetrieb auf 3G ("Nur WCDMA") einschränken. Das ist vor allem f¨¹r jene interessant, die sich Sorgen wegen der vielen Sicherheitsl¨¹cken in GSM-Netzwerken machen. Es gibt im Android-Market auch Anwendungen, die das ermöglichen sollen.Beim Einsatz einer SIM-Karte erzwingt das Gerät einen Neustart, wohlgemerkt ohne lange Vorwarnung. Durch den erzwungenen Neustart vergaß unser Tablet die WLAN-Einstellungen, die zuvor gesetzt wurden. Sonst gibt es aber keine Besonderheiten, es kommt eine handels¨¹bliche SIM-Karte zum Einsatz.


Das Einsetzen der Micro-SD-Karte ist ebenfalls unproblematisch. Sie wird eingesteckt und funktioniert sofort.Anschlussseitig bietet das Galaxy Tab 7.0 Plus N sonst nur einen PDMI-Anschluss auf der Unterseite. Eine Micro-USB-Buchse gibt es nicht. Per kostenpflichtigem Adapter soll damit HDMI möglich sein. Dieser liegt aber nicht bei, so dass wir die Funktion nicht testen konnten.Das Galaxy Tab 7.0 Plus N kann wie der Vorgänger per USB aufgeladen werden. Daf¨¹r liefert Samsung auch ein kleines USB-Netzteil mit. Es wiegt mit USB-Kabel 80 Gramm, hat einen abnehmbaren Stecker und ist ein Weitbereichsnetzteil. Das mitgelieferte Kabel ist vergleichsweise kurz und kann nicht ohne weiteres durch ein längeres ersetzt werden. An Rechnern lädt das Galaxy Tab 7.0 Plus N nur auf, wenn entweder der Bildschirm oder das Tablet komplett abgeschaltet sind. Der Ladevorgang dauert fast zehn Stunden. Mit dem Netzteil geht es schneller. Die Ladezeit reduziert sich etwa auf ein Drittel.



Mit Daten kann das Tablet ¨¹ber die USB-Schnittstelle bef¨¹llt werden, leider nur per Media Transfer Protocol (MTP) mit den ¨¹blichen Einschränkungen auf allen Betriebssystemen. Unter Windows arbeitet zwar der Explorer mit dem Gerät zusammen, aber manche alternative Dateimanager versagen. Mit dem Total Commander und einem MTP-Plugin gelang der Zugriff aber. Bei anderen MTP-Geräten versagt der Total Commander manchmal. Die ¨¹bertragungsgeschwindigkeiten hin zum Galaxy Tab 7.0 Plus N liegen bei 8 bis 9 MByte/s. Ein schreibender oder lesender Zugriff ist ¨¹brigens exklusiv. Das Tablet pausiert dann, weil es Daten synchronisiert.Unter Mac OS X ist in der Theorie Android File Transfer notwendig. Bei uns versagte Googles Werkzeug allerdings in Verbindung mit dem Tablet. Ein Problem, das wir auch schon bei unserem Test mit dem Galaxy Tab 10.1 hatten und das seltsamerweise nach ¨¹ber einem halben Jahr immer noch nicht gelöst wurde. In dem Fall muss die Samsung-Software Kies installiert werden. Damit hat der Nutzer aber nicht auf alle Daten des Tablets Zugriff. Zudem beschwert sich Kies dar¨¹ber, dass das Programm das Galaxy Tab 7.0 Plus N firmwareseitig nicht unterst¨¹tzt, also keine Updates einspielen kann. Theoretisch sollte Kies auch ¨¹ber das WLAN funktionieren, was bei uns aber nicht der Fall war. Wer einen Windows-Rechner hat, sollte lieber damit arbeiten als mit einem Mac.


Linux-Nutzer m¨¹ssen gegebenenfalls etwas an ihrem System arbeiten, um das MTP-Gerät zu registrieren. Das haben wir aber nicht getestet.Das Galaxy Tab 7.0 Plus N kann auch als ¨¹berdimensioniertes Smartphone benutzt und sogar direkt ans Ohr gehalten werden; der obere Lautsprecher ist ein Handylautsprecher f¨¹rs Ohr. Das sieht zwar ziemlich peinlich aus, funktioniert aber erstaunlich gut. Wir f¨¹hlten uns unweigerlich an Nokias Totally Sidetalkin' erinnert. Damit das funktioniert, muss der Anwender allerdings erst einmal die Position des Lautsprechers erhören. Es ist nicht eindeutig, wo das Ohr an das Tablet gehalten werden muss. Der Vorgänger war klar als Gerät zum Freisprechen konstruiert worden, beim neuen Tablet geht das nat¨¹rlich auch.
Wer nicht auffallen will, der sollte das beiliegende Headset nutzen, ein In-Ear-Modell mit drei Ohr-Adaptern. Prinzipbedingt ermöglichen solche Ohrhörer trotz ihrer Größe eine gute Darstellung von tiefen Frequenzen. Allerdings nicht jeder mag diese tiefsitzenden Stöpsel.



  1. http://dovendosi.blogpage.eu/

  2. http://dovendosi.cafeblog.hu/

  3. http://en.donkr.com/blog/dovendosi


Akku Acer TravelMate 5760G

Im neuen Prada-Smartphone steckt der Dual-Core-Prozessor OMAP4430 mit einer Taktrate von 1 GHz. Der RAM-Speicher ist 1 GByte groß und intern gibt es 8 GByte Flash-Speicher. Weitere Daten lassen sich auf einer Micro-SD-Karte ablegen, die maximal 32 GByte groß sein darf.Das Mobiltelefon unterst¨¹tzt HSPA mit bis zu 7,2 MBit/s, UMTS (900/2.100 MHz), Quad-Band-GSM, EDGE und GPRS. Zudem werden WLAN nach 802.11b/g/n sowie Bluetooth 3.0 geboten. Zu den weiteren Leistungsdaten zählen ein UKW-Radio, eine 3,5-mm-Klinkenbuchse und ein GPS-Empfänger.Das Prada-Smartphone kommt mit Android 2.3 alias Gingerbread auf den Markt. Ein Update auf Android 4.0 alias Ice Cream Sandwich ist in Planung. Wann es erscheinen wird, wollte LG auf Nachfrage noch nicht sagen.Das Mobiltelefon ist mit Maßen von 127,5 x 69 x 8,5 mm vergleichsweise d¨¹nn. Zum Gewicht machte der Hersteller keine Angaben. Auch zur Akkulaufzeit liegen keine Angaben vor. Bekannt ist nur, dass ein Lithium-Ionen-Akku mit 1.540 mAh verwendet wird.


Das Prada Phone by LG 3.0 werde voraussichtlich im ersten Quartal 2012 auf den Markt kommen, erklärte der Hersteller Golem.de. Zum Preis wollte er noch keine Auskunft geben. Areamobile hatte LG einen Listenpreis von 600 bis 700 Euro genannt.Von einem Android-Gerät lassen sich mit der neuen Skype-Version Fotos und Videos direkt an andere Skype-Nutzer versenden. Zudem soll Skype 2.6 nun sparsamer mit dem Akku umgehen.
Mit der neuen Skype-Version 2.6 lassen sich Fotos, Videos und andere Dateien von einem Android-Gerät an andere Skype-Nutzer direkt verschicken - sowohl ¨¹ber WLAN als auch ¨¹ber eine UMTS-Verbindung.
Skype 2.6 f¨¹r Android soll gleichzeitig den Akku weniger belasten. Zudem wurde auf Geräten mit dem Dual-Core-Prozessor Nvidia Tegra 2 die Videoqualität verbessert. Davon profitieren auch Tablets mit einem großen Bildschirm wie Samsungs Galaxy Tab 10.1 und Motorolas Xoom.


Bereits seit der Version 2.1 lassen sich auf Android-Geräten ¨¹ber Skype Videotelefonate f¨¹hren. Alle Funktionen lassen sich jedoch nur unter Android 2.3 alias Gingerbread nutzen. Unter Android 2.2 alias Froyo gelingt dies nur mit Einschränkungen. Mit der neuen Version 2.6 werden Videogespräche auch offiziell auf neuen Smartphones unterst¨¹tzt, so auch auf dem Motorola Razr.Seit Skype 2.5 f¨¹r Android können Videotelefonate im Porträtmodus gef¨¹hrt werden. Das Bild des Gesprächspartners lässt sich dann auch mit einem Doppelklick auf den Touchscreen heranzoomen.Skype 2.6.0.75 f¨¹r Android ist kostenlos im Android Market erhältlich, oder ¨¹ber skype.com/m. Vorausgesetzt wird Android 2.1 oder eine neuere Version.Noch stakst er nur auf sechs Beinen durch die Gegend, k¨¹nftig soll der aus einem Globus gebaute Roboter auch rollen können - seiner Form entsprechend.
Der Roboter, den der Norweger Kåre Halvorsen entwickelt hat, hat die Form einer Kugel mit einem Durchmesser von rund 30 Zentimetern. Allerdings bewegt er sich nicht rollend fort, sondern läuft auf sechs Beinen. Der Körper des Roboters besteht aus zwölf durchscheinenden Kugeldreiecken. Die sechs unteren Elemente sitzen auf Beinen, die wiederum an Auslegern befestigt sind. Die Beine werden ausgefahren, und der Roboter kann loslaufen. Dabei ähnelt er, obwohl er nur sechs Beine hat, einer Spinne.


Die sechs Elemente, die die obere Halbkugel bilden, sind mit Gelenken versehen, so dass sie hochgeklappt werden können. Wenn der obere Teil des Roboters beim Gehen seine Form ändern könnte, sähe das besser aus, erklärt Halvorsen in seinem Blog.25 Servomotoren f¨¹hren die Bewegungen des Roboters aus. Die Steuerung ¨¹bernimmt ein ARC-32-Microcontroller von Basicmicro. ¨¹ber ein Xbee-Funkmodul kann der Roboter programmiert werden. Als Energiespeicher dient ein 5.000-mAh-Lithium-Polymer-Akku.Die Elemente des Körpers sind aus einem Globus gefertigt. Allerdings sei der Roboter noch nicht ganz fertig, schreibt Halvorsen. Die Programmierung f¨¹rs Rollen komme als Nächstes.Der Akku IMP99D iGeek von New Trent mit 9.900 Milliamperestunden und zwei USB-Ausgängen lädt Peripheriegeräte wie Mobiltelefone, Navigationsgeräte, Tablets und Handhelds wieder auf, wenn der Benutzer nicht das Stromnetz nutzen kann.
Sogenannte Backup-Akkus, die mobile Kleingeräte wieder aufladen können, gibt es in zahlreichen Varianten. Den Trent-iGeek-Akku zeichnet seine hohe Nennladung von 9.900 Milliamperestunden aus. Die Spannung liegt bei 5 Volt. Im Inneren ist ein Lithium-Ionen-Akku verbaut.



Neben Apples iOS-Geräten können mit dem "New Trent IMP99D iGeek" auch iPads sowie Android- und Blackberry-Smartphones, Tablets, die Kindle-Geräte und Spielehandhelds geladen werden. Notebooks lassen sich damit jedoch nicht speisen. Das iPad 2 soll mit dem Akku nicht wie normal 9, sondern 18 Stunden laufen, während sich die Nutzungsdauer des iPhone 4 beim Surfen im Internet zum Beispiel von 7 auf 45 Stunden erhöhen soll.Leica hat mit der V-Lux 3 eine Bridgekamera mit einem Brennweitenbereich von 25 bis 600 mm (Kleinbild) vorgestellt, die Fotos mit 12,1 Megapixeln und Videos mit Full-HD aufnehmen kann.
Ein großer Brennweitenbereich ist das Hauptmerkmal von Leicas neuer V-Lux 3, die der Panasonic DMC-FZ150 stark ähnelt. Neben optischen Veränderungen wie dem roten Leica-Logo ist die Softwareausstattung der Leica deutlich großz¨¹giger als die der Panasonic-Kamera.
Die Leica V-Lux 3 ist mit einem 24fach-Zoomobjektiv (f2,8 und f5,2) ausger¨¹stet, das aufgrund der großen Brennweite mit einem Bildstabilisator gegen Verwackler ausgestattet wurde. Der 12,1-Megapixel-CMOS-Bildsensor im Format 1/2,33 Zoll arbeitet im Empfindlichkeitsbereich von ISO 100 bis 3.200.


Die Kamera kann sowohl in einem Programmautomatikmodus als auch in teilmanuellen Zeit- und Blendenautomatiken betrieben werden. Wer will, kann Blende und Zeit auch selbst einstellen. ¨¹ber ein klappbares Display mit 3 Zoll (7,62 cm) Diagonale und 461.000 Bildpunkten kann die Aufnahme kontrolliert werden. Alternativ ist ein elektronischer Sucher eingebaut, der allerdings nur eine Auflösung von 202.000 Bildpunkten erreicht.Die Serienbildgeschwindigkeit der V-Lux 3 gibt Leica mit bis zu 12 Bildern pro Sekunde an. Dabei wird die volle Auflösung beibehalten. Bei reduzierter Auflösung auf 3,5 Megapixel sind es 60 Bilder pro Sekunde. Neben JPEGs kann die Kamera auch Rohdaten aufzeichnen.Die Leica kann neben Fotos auch Videos in Full-HD mit 1.920 x 1.080 Pixeln bei 60 Vollbildern pro Sekunde im AVCHD-Format aufnehmen. ¨¹ber das integrierte Stereomikrofon mit Windgeräuschfilter wird der Ton aufgezeichnet. Wer will, kann schon mit Hilfe der Kamera Videosequenzen aus den Aufnahmen herausschneiden, um neuen Speicherplatz zu gewinnen.


Die Kamera misst 124 x 81 x 95 mm und wiegt betriebsbereit 540 Gramm. Ihr Akku soll f¨¹r 410 Bilder nach CIPA-Standardmessung ausreichen. Im Lieferumfang sind Adobe Photoshop Elements und Adobe Premiere Elements enthalten.F¨¹r Notebooks gibt es sie schon, jetzt hat das Schweizer Unternehmen Rinspeed einen Zusatzakku f¨¹r ein Elektroauto gebaut: den Elektrosmart. Der Akku hat Räder und wird bei Bedarf hinten an das Auto geklinkt.
Reichweite ist ein großes Problem bei Elektroautos: Die meisten vollelektrischen Fahrzeuge mit einem Akku schaffen zwischen 100 und 150 Kilometer, bevor sie wieder an eine Steckdose m¨¹ssen. Was tun f¨¹r mehr Reichweite? Klar: mehr Akku. Ein US-Hersteller hat bereits einen Akku-Anhänger entworfen. Der Schweizer Autoveredler Rinspeed hat einen Zusatzakku f¨¹r den Elektro-Smart entwickelt.


Dock & Go heißt das Akkupack f¨¹r den E-Smart, das hinten an das Auto angeklinkt wird. Damit der kleine Smart durch den zusätzlichen Akku kein ¨¹bergewicht bekommt und die Vorderräder in die Luft streckt, hat der Akku eine Achse. Aus dem kleinen Smart wird ein Vario-Hybrid - eine Stetchlimo mit mehr Reichweite. Weiterer Vorteil: Die dritte Achse treibt die mitlaufende zweite an und lädt so den Akku des Elektroautos gleich noch auf.Vorteil dieser Rucksacklösung sei, dass das Gewicht f¨¹r den Akku nur dann mitgef¨¹hrt werden m¨¹sse, wenn es auch wirklich gebraucht werde, sagen die Konstrukteure. Sonst könne er in der Garage bleiben. Statt eines Akkus könnte das Modul auch einen Range Extender, der ¨¹ber einen Generator Strom erzeugt, einen Verbrennungsmotor oder eine Brennstoffzelle enthalten.Eines solches System könnte auch f¨¹r andere Elektrofahrzeuge gebaut werden - der Smart ist nur ein Vorf¨¹hrobjekt. Technische Details verrät der Hersteller einstweilen noch nicht. So ist beispielsweise noch nicht bekannt, wie viel zusätzliche Reichweite der rollende Akku ermöglicht oder wie er sicher mit dem Auto verbunden wird.



Der Stretchlimo-Akku ist nicht die einzige extravagante Kreation der Schweizer: Das 1979 von Frank Rinderknecht gegr¨¹ndete Unternehmen präsentiert seit knapp 20 Jahren auf dem Genfer Autosalon Konzeptautos. Der 2009 vorgestellte Rinspeed iChange ist ein Elektrosportwagen mit einer adaptiven Karosserie: Das Auto ist normalerweise ein windschnittiger Einsitzer, der auf Knopfdruck zu einem Dreisitzer wird. Noch ausgefallener war der im Vorjahr gezeigte sQuba: Das war ein zum Elektroauto umgebauter Lotus Elise, der in echter James-Bond-Manier nicht nur fahren, sondern auch schwimmen und tauchen kann.Nokia hat den ersten der beiden angek¨¹ndigten Akkupatches f¨¹r das Lumia 800 veröffentlicht. Der erste Patch f¨¹r Nokias Windows-Phone-7.5-Smartphone bringt Verbesserungen beim Laden des Akkus und weitere kleine Optimierungen.
Mit dem ersten Akkupatch f¨¹r das Lumia 800 will Nokia das Laden des fest eingebauten Akkus verbessern. Direkte Verbesserungen bez¨¹glich der Akkulaufzeit liefert der Patch entgegen der Ank¨¹ndigung noch nicht. Eigentlich sollte der Patch bessere Stromsparfunktionen enthalten, davon ist aber in der Patchbeschreibung keine Rede mehr. Zu den Neuerungen gehören eine verbesserte Klangqualität, ein ¨¹berarbeiteter Lichtsensor, eine optimierte Mailboxbenachrichtigung und bessere E-Mail-Antwortfunktionen f¨¹r Nutzer von Microsoft Exchange 2003.


Nokia liefert die Updatebenachrichtigung in mehreren Sch¨¹ben an Besitzer des Lumia 800, so dass es bis zu zwei Wochen dauern kann, bis das Update auf allen am Markt befindlichen Geräten ausgeliefert wird. Nach dem Erhalt der Updatebenachrichtigung kann das Lumia 800 nur ¨¹ber die Zune-Software von Microsoft aktualisiert werden. Ohne Computer kann das Windows-Phone-7.5-Smartphone also nicht aktualisiert werden.F¨¹r Januar 2012 hat Nokia einen zweiten Akkupatch f¨¹r das Lumia 800 angek¨¹ndigt. Damit soll das Problem kurzer Akkulaufzeiten beseitigt werden. Aktuell spricht Nokia davon, dass der Patch Anfang 2012 erscheinen wird, der Januar 2012 wird nicht mehr explizit genannt.Besitzer des Lumia 800 berichteten von einer drastischen Akkuentladung innerhalb kurzer Zeit. So heißt es, dass das Windows-Phone-7.5-Smartphone mit deaktivierter Funktechnik und geladenem Akku f¨¹nf Stunden liegen gelassen wurde und der Akku danach nur noch 60 Prozent Ladung hatte.



  1. http://retrouve3.comunidades.net/

  2. http://yourpot.com/users/dovendosi/blog.aspx

  3. http://dovendosi.gratisblog.biz/


Akku Lenovo ThinkPad X201t

Als Betriebssystem kommt Android 2.3 alias Gingerbread zum Einsatz. Mit welcher Gingerbread-Version das Smartphone auf den Markt kommt, ist nicht bekannt. Noch ist Android 2.3.4 aktuell, aber bis zum Marktstart könnte bereits ein weiteres Update erschienen sein. Das Galaxy XCover wiegt 116 Gramm, misst 122 x 66 x 11,95 mm und enthält einen Lithium-Ionen-Akku mit 1.500 mAh. Auch zur Akkulaufzeit machte Samsung keine Angaben.Samsung will das Galaxy Xcover alias GT-S5690 im Oktober 2011 auf den Markt bringen. Was das Android-Smartphone dann kosten wird, will der Hersteller auch auf Nachfrage nicht verraten.Samsung hat Golem.de ein etwas ausf¨¹hrlicheres Datenblatt zur Verf¨¹gung gestellt. Demnach bestätigt sich die Vermutung der geringen Displayauflösung des Galaxy Xcover. Das Display liefert gerade mal eine Auflösung von 320 x 480 Pixeln, was f¨¹r ein modernes Android-Smartphone eher d¨¹rftig ist. Gemäß dem neuen Datenblatt unterst¨¹tzt das Galaxy Xcover nicht nur WLAN nach 802.11b/g/n, sondern sogar WLAN nach 802.11a/b/g/n.


Außerdem enth¨¹llt das neue Datenblatt, dass der verwendete Prozessor ein Marvell MG2 ist und es sich bei der Kopfhörerbuchse um eine normale 3,5-mm-Klinkenbuchse handelt. Zudem weist Samsung darauf hin, dass die integrierte Kamera mit Autofokus ausger¨¹stet ist. Zur Akkulaufzeit gibt es weiterhin keine Angaben.Der DY-PS10 von Panasonic ist ein Streamingserver f¨¹r die Jackentasche mit einem Akku und einem WLAN-Modul. Mit ihm können Videos, Musik und Fotos auf iOS-Geräten abgespielt werden. Als Datenspeicher kommen SD-Karten zum Einsatz.
¨¹ber ein iPhone oder ein iPad können Videos, Musik und Fotos vom Panasonic DY-PS10 empfangen werden. Der mobile Speicher mit Streamingfunktionen wird ¨¹ber einen eingebauten Akku mit Strom versorgt.
¨¹ber ein WLAN-Modul (IEEE 802.11b/g) spielt der Taschenserver seine Daten im Streamingverfahren ab. Neben Videos in MPEG4/H.264 mit Standardauflösung können MP3-Musikst¨¹cke und JPEGs verarbeitet werden.Eine Festplatte ist nicht eingebaut. Stattdessen wurde ein Kartenschacht f¨¹r SD(HC) und SDXC-Karten eingebaut. Der Akku mit 1.400 mAh soll eine Laufzeit von 4 Stunden ermöglichen. ¨¹ber die USB-Schnittstelle wird der Akku wieder geladen und auf Wunsch auch die eingeschobene Karte beschrieben.


Der Panasonic DY-PS10 misst 117 x 13 x 66,8 mm und soll ab Mitte September 2011 in Japan f¨¹r rund 15.000 Yen in den Handel kommen. Das sind umgerechnet rund 135 Euro. Wann das Gerät in anderen Ländern außerhalb Japans angeboten wird, steht noch nicht fest.otorola bringt im September 2011 mit dem Fire ein Android-Smartphone mit QWERTZ-Tastatur auf den deutschen Markt. Das Gingerbread-Smartphone f¨¹r 190 Euro ist vergleichsweise gut ausgestattet und unterst¨¹tzt auch WLAN-n.
Das Fire von Motorola hat einen 2,8 Zoll großen Touchscreen mit einer Auflösung von gerade mal 320 x 240 Pixeln. Vor allem f¨¹r Android-Anwendungen ist vergleichsweise wenig Platz f¨¹r Informationen auf dem Bildschirm. Direkt unterhalb des Displays befinden sich die vier typischen Android-Knöpfe, aber keine speziellen Anruftasten. Unterhalb der Android-Tasten wiederum ist die vierreihige QWERTZ-Tastatur zu finden.


Motorola bringt das Fire in Deutschland gleich mit Gingerbread alias Android 2.3 auf den Markt. Welche genaue Gingerbread-Version dann verwendet wird, ist nicht bekannt. Derzeit ist Android 2.3.4 die aktuelle Version. Wie auch bei anderen Herstellern von Android-Smartphones gibt es auf dem Fire eine von Motorola angepasste Bedienung.F¨¹r Fotoschnappsch¨¹sse und Videoaufnahmen hat das Mobiltelefon eine 3-Megapixel-Kamera. Der RAM-Speicher fällt mit 256 MByte eher klein aus. Dem Gerät liegt gleich eine Speicherkarte mit 2 GByte bei. Der Speicherkartensteckplatz unterst¨¹tzt Karten mit bis zu 32 GByte. Auch vom verwendeten Prozessor sollten Fire-Besitzer nicht allzu viel erwarten, er ist nur mit 600 MHz getaktet.Das UMTS-Mobiltelefon funktioniert in allen vier GSM-Netzen und unterst¨¹tzt GPRS, EDGE sowie HSDPA mit bis zu 7,2 MBit/s. Es beherrscht WLAN nach 802.11b/g/n. Wie auch beim Fire XT machte Motorola auch beim Fire keine Angaben zur verwendeten Bluetooth-Version. Es ist aber davon auszugehen, dass das Fire Bluetooth beherrscht, auch wenn Motorola es im Datenblatt nicht auff¨¹hrt. Das Mobiltelefon hat zudem einen GPS-Empfänger samt elektronischem Kompass, ein UKW-Radio mit RDS sowie eine 3,5-mm-Klinkenbuchse.



Bei einem Gewicht von 110 Gramm misst das Fire 58 x 116,5 x 13,75 mm. Der verwendete Akku mit 1.420 mAh erlaubt eine Sprechzeit von bis knapp 4 Stunden. Ob dieser Wert im GSM- oder UMTS-Betrieb erreicht wird, verschweigt Motorola. Es ist möglich, dass die Sprechzeit je nach verwendeter Mobilfunktechnik deutlich geringer ausfallen könnte. Im Bereitschaftsmodus hält der Akku rund 16 Tage durch.Im September 2011 will Motorola das Fire zum Preis von 190 Euro auf den deutschen Markt bringen. Damit d¨¹rfte es Motorolas erstes Smartphone mit Gingerbread in Deutschland sein. Anfang Juli 2011 hatte Motorola das Fire bereits f¨¹r Europa angek¨¹ndigt, wusste aber vor vier Wochen noch nicht, ob es auch in Deutschland erscheinen wird.Stromausfälle bedeuten ein hohes Risiko f¨¹r Unternehmen und Notstromaggregate sollen die Zeit ¨¹berbr¨¹cken, bis das Stromnetz wieder funktioniert. Eine besonders schnell zu ladende Lösung hat Sony entwickelt.
Der Sony-Akku ESSP-2000 ist 90 kg schwer und erreicht eine Kapazität von 2,4 kWh. Damit sollen im Notfall Geräte mit maximal 1.000 Volt-Ampere betrieben werden können, wenn der Strom ¨¹ber längere Zeit ausfällt. Dazu sind sechs Steckdosen vorhanden, allerdings mit den in Japan typischen Netzspannung von 100 Volt. Auf Wunsch kann das Gerät als unterbrechungsfreie Stromversorgung betrieben und während des Betriebs wieder geladen werden.


Der Akku basiert auf der Lithium-Eisen-Phosphat-Technik und soll innerhalb von zwei Stunden auf 95 Prozent seiner Kapazität aufgeladen werden können. Die Lebensdauer des Akkus gibt Sony mit 10 Jahren an. Die typische Selbstentladung liegt bei 5 Prozent im Monat.Der ESSP-2000 wiegt 90 kg und misst 490 x 610 x 750 mm. Er soll ab September 2011 erhältlich sein und ungefähr 2 Millionen Yen kosten - rund 18.150 Euro. Ob das Gerät in modifzierter Form auch außerhalb Japans angeboten wird, ist nicht bekannt.Altes Gewand, neues Innenleben: Thalia hat den Nachfolger des E-Book-Readers Oyo angek¨¹ndigt. Der Oyo II hat eine verbesserte Hardwareausstattung. Außerdem will die Buchhandelskette eine Lesesoftware f¨¹r Smartphones und Tablets veröffentlichen.
Thalia hat einen neuen E-Book-Reader f¨¹r den Herbst 2011 angek¨¹ndigt. Zeitgleich will die Buchhandelskette eine eigene Lese-App f¨¹r Geräte mit dem Betriebssystem Android veröffentlichen.
Ein Jahr nach dem Start des E-Book-Readers Oyo will Thalia den Nachfolger Oyo II auf den Markt bringen. Rein äußerlich unterscheidet sich das Gerät nicht vom Oyo I. Wie dieser hat auch der Oyo II einen 6 Zoll (15,2 cm) großen Bildschirm von Sipix mit einer Auflösung von 800 x 600 Pixeln, der 16 Graustufen darstellt. Das Gerät wird ¨¹ber einen Touchscreen und vier Tasten am rechten Gehäuserand bedient.


Die Neuerungen beziehen sich auf die Hardwareausstattung: So bekommt der E-Book-Reader einen leistungsfähigeren Prozessor, mehr Speicher und einen größeren Akku. Der Prozessor hat eine Leistung von 533 MHz - der erste Oyo verf¨¹gt ¨¹ber einen 400-MHz-Prozessor. Dadurch soll das Gerät schneller reagieren, was beispielsweise schnelleres Umblättern ermöglicht. Der Speicher wurde von 2 GByte auf 4 GByte verdoppelt, er kann mit einer Micro-SD-Karte um bis zu 32 GByte erweitert werden. Der Akku hat eine Kapazität von 2.200 mAh, was fast doppelt so viel ist wie beim Vorgängerakku.Der E-Book-Reader unterst¨¹tzt die E-Book-Formate ePub, PDF, TXT und HTML. Außerdem stellt er Bilder (JPEG, PNG, BMP) dar und spielt Musik (MP3) ab. F¨¹r letzteres gibt es einen 3,5-mm-Kopfhöreranschluss. Dateien werden ¨¹ber eine Micro-USB-Schnittstelle auf den Oyo kopiert. Außerdem hat das Gerät eine WLAN-Schnittstelle (802.11 b/g).Der neue Oyo, der ebenfalls von Medion gefertigt wird, soll im Herbst auf den Markt kommen. Der Preis soll sich laut Thalia nicht vom ersten Oyo unterscheiden. Das bedeutet, der Oyo II wird rund 140 Euro kosten.


Zum Verkaufsstart des neuen E-Book-Readers wird Thalia auch eine Lese-App anbieten, ¨¹ber die Nutzer E-Books auf ihren mobilen Geräte lesen und auf den E-Book-Shop von Thalia zugreifen können. Dar¨¹ber bietet Thalia derzeit etwa 300.000 E-Books an, davon etwa 90.000 in deutscher Sprache.Die App wird zunächst f¨¹r Smartphones und Tablets mit dem Betriebssystem Android bereitstehen. Versionen f¨¹r weitere mobile Betriebssysteme, darunter iOS, sollen folgen. Entwickelt wurde die App vom Berliner Unternehmen Textunes, das Thalia gekauft hat.Apples iPad kann ¨¹ber eine Bluetooth-Tastatur fast wie ein kleines Netbook benutzt werden. Mit dem Keyboard Folio hat Belkin eine Lösung vorgestellt, die Tastatur und iPad 2 in einer H¨¹lle integriert.
Das "Keyboard Folio for iPad 2" von Belkin ist eine Schutzh¨¹lle f¨¹r das iPad 2, die eine kleine Tastatur beherbergt. Das Zubehör besteht aus zwei Schalen, in denen das iPad 2 und die Tastatur befestigt werden. Die beiden Knöpfe und die Anschl¨¹sse des iPads sind weiter zugänglich.



Damit das reflektierende Display des iPad 2 nicht stört, kann der Neigungswinkel verändert werden. Die Verbindung zwischen der Tastatur und dem iPad 2 erfolgt mit Bluetooth, was die Akkulaufzeit des iPads reduziert. Der Akku im Folio soll 60 Stunden durchhalten.
Die Tasten haben einen Hub von 1,7 mm, was laut Belkin die Tippgeschwindigkeit und Treffsicherheit erhöhen soll. Das Keyboard Folio (F5L090) soll rund 100 US-Dollar kosten und ab sofort erhältlich sein. Wann eine QWERTZ-Version mit deutschen Umlauten auf den Markt kommt, ist nicht bekannt.Ähnliche Lösungen, teilweise nur f¨¹r das iPad 1, gibt es von Crux, Zagmate, Kensington und Clamcase.Mit dem Fire XT hat Motorola das erste Gingerbread-Smartphone f¨¹r den europäischen Markt angek¨¹ndigt. Im Herbst 2011 soll das Smartphone mit Android 2.3 und WLAN-n auf den Markt kommen.
Fire XT heißt Motorolas erstes Gingerbread-Smartphone f¨¹r den europäischen Markt. Es soll im Herbst 2011 in ausgewählten Ländern Europas angeboten werden. Ob Deutschland dazugehört, wollte Motorola nicht verraten. Auch zum Verkaufspreis schweigt sich der Hersteller aus. Das baugleiche Modell kommt als XT531 bereits diesen Monat auf den chinesischen Markt. Im Herbst ist f¨¹r Asien eine Dual-SIM-Variante des XT531 geplant. Ob das Fire XT auch in Europa als Dual-SIM-Variante kommt, ist nicht bekannt.


Im Fire XT steckt ein 3,5 Zoll großer Touchscreen mit einer Auflösung von 320 x 480 Pixeln, der laut Hersteller besonders hell sein soll. Texteingaben sowie die Bedienung erfolgen ¨¹ber den Touchscreen. Eine Hardwaretastatur sowie spezielle Knöpfe zur Anrufverwaltung gibt es nicht. Das Smartphone wird ansonsten ¨¹ber die vier typischen Android-Knöpfe bedient.Das Fire XT kommt mit Android 2.3 alias Gingerbread auf den Markt und mittels Moto Switch sollen Gerätebesitzer bequem zwischen einem Privat- und Berufsmodus wechseln können. Welche Arten von Daten auf die beiden Welten verteilt werden können, ist nicht bekannt. Der im Fire XT verwendete Prozessor arbeitet mit einer Taktrate von 800 MHz. Der RAM-Speicher beträgt 512 MByte. Ansonsten hat das Fire XT einen Steckplatz f¨¹r Micro-SD-Karten, die maximal 32 GByte groß sein d¨¹rfen.F¨¹r Foto- und Videoaufnahmen gibt eine 5-Megapixel-Kamera auf der Gehäuser¨¹ckseite sowie eine VGA-Kamera auf der Vorderseite, die f¨¹r Videokonferenzen verwendet werden kann. Im Mobiltelefon befinden sich zudem ein GPS-Empfänger samt digitalem Kompass, ein UKW-Radio sowie eine 3,5-mm-Klinkenbuchse.



  1. http://dovendosi.microblr.com/

  2. http://www.getjealous.com/dovendosi

  3. http://plaza.rakuten.co.jp/dovendosi/


Accu MAKITA 5026DA

Jarvis verwacht 'absoluut geen' hoge verkoopcijfers van de Ubuntu-systemen. De groei ligt echt aan de serverkant, aldus de marketeer. Volgens John Hull van Dells Linux Engineering-afdeling zijn de desk- en laptopsystemen onder meer uitgebracht om Dell beter zichtbaar te maken voor de Linux-gemeenschap. Dat helpt dan weer indirect de Linux-serververkopen op te schroeven, zo lijkt de gedachte.Adaptec heeft onlangs de GameBridge op de markt gebracht, een video- en tv-interface voor pc's. Het is een kastje van slechts 6,5 bij 4,25 bij 1,9 centimeter met een video- en antenne-ingang, dat middels usb op een computer kan worden aangesloten. Installatie van de GameBridge is zeer eenvoudig. Eerst moet de software vanaf de meegeleverde cd worden geïnstalleerd en daarna moet het kastje met de usb-kabel aan de computer worden verbonden. Het apparaatje heeft geen aparte voeding nodig, maar betrekt deze van de usb-aansluiting. Via de GameBridge kunnen videosignalen op de pc-monitor worden bekeken, maar de resolutie is niet hoger dan die van een gewone tv. In de ingebouwde multistandaard tv-tuner kunnen maximaal 125 zenders worden geprogrammeerd. De videostream kan worden gecodeerd naar MPEG1 of MPEG2 en op de harde schijf van de pc worden opgeslagen, zodat de pc in feite een harddisk-videorecorder wordt. De videofiles kunnen desgewenst op cd of dvd worden gebrand. Alle functies van de GameBridge kunnen worden bediend met de meegeleverde afstandsbediening op creditcardformaat. Het kleine formaat en het ontbreken van een externe voeding maken het apparaatje zeer geschikt voor het gebruik bij laptops. De GameBridge kost 70 Engelse ponden, ongeveer 110 euro.


In verband met brandgevaar heeft HP een inruilactie voor laptopbatterijen georganiseerd. Het bedrijf heeft laten weten dat er 15.700 verdachte accu's in omloop zijn, die zo snel mogelijk vervangen moeten worden. Door een fabricagefout kunnen de bewuste accu's oververhit raken, en er zijn al twaalf berichten van klanten waarbij het defect daadwerkelijk brandschade tot gevolg had. De vorig jaar in China gefabriceerde lithium-ion-accu's komen voor in diverse laptops uit de HP Compaq-, de HP Pavilion- en de Compaq Presario-reeksen, maar ze zijn ook los verkocht. HP heeft een volledig overzicht op zijn website geplaatst.HP Logo Uiteraard worden de batterijen gratis vervangen; het bedrijf hechtte er daarnaast aan om te benadrukken dat de notebooks, op de spontaan ontbrandende batterijen na, geen enkel probleem hebben en gewoon met de netvoeding gebruikt kunnen worden. Het is desondanks de tweede terugroepactie van HP in een half jaar; in oktober werd ook al een serie laptopbatterijen teruggehaald. Toen betrof het liefst 135.000 accu's die vervangen moesten worden. Of HP met de herhalingsoefening in een slecht daglicht komt te staan, mag worden betwijfeld: veel fabrikanten krijgen regelmatig met stukke batterijen te stellen. Met collega's als Nikon, Dell en Apple weet HP zich in elk geval in goed gezelschap.


De Duitse IT-site TecChannel heeft een drietal benchmarks gepost van de FIC A320 laptop. De A320 is ¨¦¨¦n van de eerste Athlon 4 notebooks. Het apparaat is gebaseerd op de nieuwe ProSavage KN133 chipset van VIA. TecChannel vergeleek de prestaties van de FIC A320 met een Maxdata Typ Pro 700T, voorzien van een mobile PIII-1000 en een Intel 43ZXM-100 chipset. Beide laptops kregen de beschikking over 128MB PC100 SDRAM.FIC A320 Athlon 4 notebook Ondanks de mooie verbeteringen die AMD heeft aangebracht in de Palomino core, blijkt de Athlon 4 klapdoos teleurstellend te presteren in SysMark 2000 en Quake III. In beide benchmarks moet hij de in theorie tragere mobile PIII voor zich laten. De oorzaak ligt zeer waarschijnlijk bij de geïntegreerde Savage4 videocore van de KN133 chipset. Niet alleen heeft de Savage4 een lagere video performance dan de ATi Rage Mobility M1 videochip van het PIII laptopje, ook maakt de KN133 gebruik van een zogenaamde Shared Memory Architecture wat wil zeggen dat de videochip normaal RAM als video geheugen misbruikt. Dit is vanzelfsprekend niet bevorderlijk voor de prestaties, zeker niet als het geheugen op slechts 100MHz loopt. De KN133 en Athlon 4 lijken daarom vooralsnog geen al te sterke combinatie:



Het nieuwe bedrijf Newnham Research heeft een apparaat ontwikkeld waarmee een extra monitor op een laptop of pc kan worden aangesloten met niets anders dan een usb-kabel. De NIVO werkt door een virtuele videokaart op het systeem te installeren en een chip die de usb-datastroom vertaalt naar VGA of DVI. Vanwege de beperkte bandbreedte van usb is hij beperkt tot een resolutie van 1280 bij 1024 pixels en 24 bits kleuren. De externe refresh rate bedraagt 75Hz, maar directeur Michael Ledzion waarschuwt wel dat het product ondanks de compressietechnieken die ervoor moeten zorgen dat het beeld zo snel mogelijk vernieuwd wordt niet optimaal is om snelle spellen op te spelen. Het bedrijf richt zich daarom vooral op kantooromgevingen waar voornamelijk met grafisch minder spannende dingen zoals websites en documenten gewerkt wordt. Ook video's zouden echter geen probleem zijn, waardoor het bijvoorbeeld voor een projector wel weer interessant zou kunnen zijn. Kensington is de eerste die de techniek gaat toepassen in een universeel docking station voor notebooks. De huidige versie van dit product kost 170 dollar en zal naar verluidt in juni worden vervangen voor de nieuwe versie met NIVO-techniek aan boord.


Volgens Microsoft zijn de problemen met de accuduur en de bijbehorende meldingen die gebruikers daarover van Windows 7 krijgen, niet de schuld van het besturingssysteem. De accu's zouden daadwerkelijk problemen vertonen.Vorige week verschenen berichten dat Windows 7 onterecht problemen met laptopaccu's signaleerde. De software zou voor lagere accuduur zorgen en zelfs na installatie van een ander besturingssysteem zouden de betreffende accu's niet meer volledig opgeladen kunnen worden. Microsoft heeft de voorvallen onderzocht en daarbij contact opgenomen met de klagende klanten, helpdesks en pc-fabrikanten. Bovendien heeft de softwarefabrikant de feature in Windows 7 nog eens grondig onder de loep genomen, zegt Steven Sinofsky, president van de Windows-afdeling bij Microsoft."In alle onderzochte gevallen heeft Windows 7 simpelweg correct een haperende accu gedetecteerd", schrijft Sinofsky. Hij wijst erop dat accu's na verloop van tijd altijd in kwaliteit achteruitgaan en na ongeveer 12 maanden merkbaar vaker opgeladen moeten worden.


Volgens Sinofsky kunnen accu's een indicatie geven van de capaciteit bij de laatste keer volledig opladen, waarna Windows 7 aan de hand van de originele capaciteit van het model de mate van degradatie berekent. Bij meer dan 60 procent degradatie slaat Windows 7 alarm. Windows XP en Vista geven dergelijke meldingen niet.De problemen met meldingen over gebrekkige accucapaciteit zouden dan ook veroorzaakt worden door de onbekendheid van gebruikers met de staat van hun accu. Ook bij klachten over de accu-status van nieuwe pc's bleek volgens Sinofsky steevast dat gebrekkige hardware de oorzaak was. Microsoft raadt gebruikers die de melding krijgen en denken dat hun accu wel in goede conditie is, aan om contact met hun laptopfabrikant op te nemen.



Op de website van Hexus is een review van de Creative Travelsound verschenen. Hoewel de ontwikkeling van speakers niet stil heeft gestaan zijn de meeste onboard-speakers, zoals in een laptop, nog onder de maat. Creative komt met een oplossing in de vorm van de Travelsound. Hiermee heeft Creative een setje speakers op de markt gebracht welke uitermate geschikt is voor mobiel gebruik. Volgens Hexus is een compromis tussen omvang en kwaliteit onmogelijk, als het om dit soort draagbare apparatuur gaat. Bij de eerste blik op de Travelsound viel het de jongens van Hexus duidelijk op dat Creative flink wat aandacht aan het uiterlijk heeft besteedt. De Travelsound wordt geleverd met Europese en UK stekkers, een universele adapter en twee instructie-boekjes.Creative TravelsoundNa de introductie gaan ze bij Hexus wat dieper in op de looks van het apparaat. Het titanium uiterlijk zorgt voor een degelijk gevoel. Naast de gebruikelijke aansluitingen en knoppen bezit de Travelsound ook nog een schakelaar waarmee je kunt switchen tussen stereo geluid en pseudo surround sound. Om het setje wat stevigheid mee te geven, kan de achterste helft naar beneden worden geklapt. Zo komt tevens de plaats waar vier AAA batterijen kunnen worden geplaatst tevoorschijn. Volgens Creative kun je met vier batterijen 35 uur gebruik maken van je mobiele speakers.


Als laatste gaan ze bij Hexus in op de specificaties en het gebruik. De reviewer maakte gebruik van zijn laptop om de Travelsound te testen. Na te hebben overgeschakeld van de onboard-speakers naar die van Creative, was het verschil direct duidelijk hoorbaar, aldus Hexus. De Travelsound wordt in de review beloond met een acht. De ontbrekende batterijen en de hoge prijs zijn de enige minpuntjes die Hexus aandraagt:Creative Travelsound boxI could hear a proper bass line for the first time. Subjectively speaking, the sound was considerably better than the one provided by Toshiba. I had previously refrained from listening to music due to its tinny nature, it now became more than adequate. This is exactly how I see the TravelSound. A well-made unit that's primary goal is to enhance the listening experience for all types of portable music machines. The fact that the speakers are contained within one unit, and only have one interconnect, means that cable mess is not really an issue. The slight downside is the lack of stereo separation, although a pseudo wide-sound setting is provided. If you have any form of portable hi-fi, and want to hear the music through a set of speakers, these should warrant your attention. Like me, if you have a laptop with mediocre sound, the TravelSound is just the ticket.
Na de aankondiging van OnLive, een game-streamingservice, heeft David Perry bekendgemaakt dat zijn bedrijf werkt aan het vergelijkbare Gaikai. De dienst wordt ontwikkeld in de vestigingsplaats van Perry's bedrijf: Almere.Perry kondigde Gaikai aan op de Games Developers Conference. Hij zag zich gedwongen het bestaan van Gaikai te onthullen toen Rearden Labs bekendmaakte dat het werkt aan de ontwikkeling van de gelijksoortige game-streamingservice OnLive. Perry had het bestaan van Gaikai eigenlijk willen onthullen tijdens de E3, die in juni in Los Angeles plaatsvindt. Net als OnLive wordt Gaikai een systeem waarbij spelers games kunnen spelen die draaien op servers van de dienst. Via een breedbandinternetverbinding wordt het signaal van toetsenbord en muis verstuurd naar de server, die vervolgens de beelden als video terugstreamt naar de pc van de speler. De speler hoeft een spel dus niet geïnstalleerd te hebben, wat onder andere betekent dat een simpele pc of laptop voldoende is om technisch vooruitstrevende games als Crysis te kunnen spelen.



  1. http://support.viralsmods.com/blog/main/2190338/

  2. http://www.mywedding.com/retrouve3/blog.html

  3. http://davydenko.jugem.jp/


Akku toshiba Qosmio F60-10X

Das Problem dabei: Um den Qbo einfach und damit g¨¹nstig zu gestalten, haben die Entwickler auf Arme und Beine verzichtet, was den Handlungsspielraum einschränkt. Allerdings verf¨¹gt der Roboter ¨¹ber Augenlider sowie ¨¹ber Nase und Mund in Form von 21 Leuchtdioden (LED), um Mimik darzustellen. Da der Roboter diese selbst erzeugt, wählten Entwickler diese, genauer gesagt das Blinkmuster der Dioden, die die Nase bilden, als Merkmal.Sieht ein Qbo also einen anderen, lässt er seine Nase blinken. Erkennt er, dass das Gegen¨¹ber die gleichen Muster aufweist, erkennt er das eigene Spiegelbild. Blinkt die Nase des anderen Qbo nicht oder anders, muss es sich um einen zweiten Roboter handeln.Qbo ist ein etwa 45 Zentimeter großer Roboter mit einem rundlichen Körper und einem runden Kopf. Der Roboter rollt auf drei Rädern, von denen zwei angetrieben sind. Damit der Roboter nicht mit einem Hindernis kollidiert, verf¨¹gt er ¨¹ber mehrere Ultraschall- und Infrarotsensoren. Zwei Kameras in den Augen ermöglichen stereoskopisches Sehen. Qbo hört mit drei Mikrofonen. ¨¹ber zwei Lautsprecher im Körper kann er antworten.


Gesteuert wird der Roboter ¨¹ber eine webbasierte Anwendung. Die Befehle werden per WLAN (802.11g/n) oder Bluetooth an den Qbo ¨¹bertragen. F¨¹r die Informationsverarbeitung sorgen ein Atom-Prozessor von Intel und ein Ion-Grafikkern von Nvidia auf einem Mini-ITX-Board. Die Energie daf¨¹r liefert ein Akku. Bevor dieser komplett leer ist, soll Qbo automatisch seine Ladestation ansteuern.Entwickler Paz wollte mit Qbo eine Testplattform f¨¹r verschiedene Systeme f¨¹r Maschinensehen, Spracherkennung und -synthese schaffen. Betriebssystem und Software des Roboters sind Open Source. Als Betriebssystem setzt The Corpora das vom US-Unternehmen Willow Garage entwickelte Robot Operating System (ROS) ein.Apple soll f¨¹r k¨¹nftige iPads Igzo-LCDs bei Sharp bestellt haben, die eine höhere Auflösung bei geringem Energieverbrauch versprechen. Laut eines unbestätigten Berichts hat Sharp die Produktion bereits gestartet.
Apple setzt in k¨¹nftigen mobilen Geräten auf die LCD-Technologie Igzo (Indium Gallium Zinc Oxide). Das berichtet die taiwanische Branchenzeitung Digitimes unter Berufung auf Apple-Zulieferer. Neue Panels des japanischen Herstellers Hitachi sollen mit der Igzo-Technologie eine höhere Auflösung erreichen.


Nach Angaben von Displayherstellern kann die Igzo-Technik f¨¹r LCD- und OLED-Displays verwendet werden und ersetzt die Siliziumschicht. Igzo hat eine Elektronenbeweglichkeit, welche erheblich höher ist als bei herkömmlichen Materialien, so dass die Reaktionsgeschwindigkeit des Displays schneller wird. Zudem nimmt ein Igzo-Display mit 10-Zoll-Durchmesser laut Angaben von Sharp bis zu einem Drittel weniger Leistung auf.Sharp hat einige seiner Fabriken f¨¹r großformatige Panels auf kleinere Größen f¨¹r Smartphones und Tablets umgestellt, um Apple in ausreichenden St¨¹ckzahlen beliefern zu können, hat die Digitimes weiter erfahren. Die Produktion von Igzo-Displays ist wegen der hohen Ausschussraten noch sehr kostspielig. Sharp beginnt nach einem Bericht der japanischen Wirtschaftszeitung Nikkei noch 2011 mit der Massenproduktion von Igzo-LCDs.



Laut einem weiteren Bericht der Digitimes aus Branchenkreisen sollen neue iPads bereits Ende Januar 2012 vorgestellt werden. Das Display in den Geräten soll eine Auflösung von 1.536 x 2.048 Pixeln bieten. Im iPad 2 beträgt die Displayauflösung 1.024 x 768 Pixel. Auch die Lichtstärke des Displays sei verstärkt worden. Neben Sharp sollen auch Samsung Electronics und LG Display einen Teil der Displayaufträge erhalten haben. Samsung fertige auch den A6-Prozessor in k¨¹nftigen iPads. Der Akku in den neuen iPads kommt von Simplo Technology und Dynapack International Technology.2011 war das Jahr der Tablets. Selten haben wir so viele Geräte einer Kategorie getestet. Doch das heißt nicht, dass das nächste Jahr weniger spannend wird. 2011 wurde die Grundlage f¨¹r das gelegt, was auf Couchsurfer und Tablet-Mitnehmer 2012 zukommt.
Selten hatten wir so viele Geräte eines Typs in der Redaktion von Golem.de: Unser Test-Special wird 2011 im Bereich der Hardware von Tablets dominiert. Obwohl Apple die Schlagzeilen bestimmt, basieren die meisten Tablets nicht auf Apples iOS, das den größten Marktanteil hat, sondern auf Googles Android.


So richtig lebhaft wurde es auf dem Tablet-Markt 2011 nämlich mit der Vorstellung von Android 3.0 alias Honeycomb. 2010 erregten bereits Apples erstes iPad und Samsungs erstes Galaxy Tab mit Android 2 Aufsehen, die meisten anderen Versuche gingen aber gehörig daneben. 2011 lernten die Hersteller aus ihren Fehlern und setzten nicht nur ausgereiftere Software, sondern auch qualitativ hochwertige Hardware ein.Zudem weckten auch andere Betriebssysteme f¨¹r Tablets Aufmerksamkeit. Einige Außenseiter haben wir getestet, und mit denen wollen wir unseren R¨¹ckblick beginnen.Während iPad und Honeycomb-Tablets ohne Frage erfolgreich sind, haben wir uns dieses Jahr auch andere Plattformen angeschaut. Einige Markteinstiege haben das Segment der Tablets hochinteressant gemacht. Neue Betriebssysteme im Tablet-Markt gab es von Research In Motion (RIM) und HP. Und Microsoft zeigte, dass Windows 7 durchaus auf dem Tablet funktionieren könnte, wenn da nicht das Prozessorproblem wäre.Eine unr¨¹hmliche Sonderrolle nahm HPs erstes WebOS-Tablet Touchpad ein. HP hatte es immer wieder als direkte Konkurrenz zu Apples iPad angek¨¹ndigt und sich fast schon sklavisch am Apple-Konkurrenten orientiert. So entsprachen die Gerätepreise f¨¹r das Touchpad auf den Euro genau denen der ähnlich ausgestatteten iPad-2-Modelle. Allerdings war das Touchpad nur kurz regulär auf dem Markt erhältlich.


Nur wenige Wochen nach dem Marktstart des Touchpads entschied HP Mitte August 2011, k¨¹nftig keine WebOS-Geräte mehr anzubieten. Nur eine Woche vorher hatte HP noch die Touchpad-Kaufpreise jeweils um 80 Euro reduziert, um den schleppenden Verkauf anzukurbeln. Nennenswerte Werbemaßnahmen f¨¹r das Touchpad gab es nicht. Nachdem HP das Aus f¨¹r die WebOS-Gerätesparte verk¨¹ndet hatte, wurde das Touchpad zu Ramschpreisen verkauft. Je nach Speicherausstattung kostete es dann 100 oder 130 Euro. Um die Kunden nicht noch mehr zu verärgern, wurde vielen, die bereits ein Touchpad gekauft hatten, sogar der Differenzbetrag zum urspr¨¹nglichen Kaufpreis zur¨¹ckerstattet.Die Macher von Cyanogenmod haben eine erste Alphaversion von Android 2.3.7 auf das Touchpad portiert. Per Dualboot kann somit Android parallel zu WebOS auf dem Tablet genutzt werden. Eine Portierung von Android 4.0 alias Ice Cream Sandwich ist in Arbeit.


Bis Mitte Dezember 2011 war unklar, was HP mit dem von Palm aufgekauften Betriebssystem vorhat. Dann verk¨¹ndete HP, WebOS werde als Open Source weitergef¨¹hrt. Möglicherweise werde es nach dem Touchpad noch ein weiteres WebOS-Tablet von HP geben, erklärte die neue HP-Chefin Meg Whitman.Auch der Blackberry-Hersteller Research In Motion wollte sich einen Anteil am lukrativen Tablet-Markt sichern. Daf¨¹r wurde das Blackberry Playbook mit 7-Zoll-Touchscreen entwickelt, das allerdings gewaltig floppte. Zwar gefiel das Tablet mit einer flotten Oberfläche des QNX-basierten Echtzeitbetriebssystems, RIM machte aber Fehler. So wurde das Tablet ohne E-Mail-Client ausgeliefert. Allerdings hatte RIMs Tablet keine Chance auf dem umkämpften Tablet-Markt. Sinnvoll nutzen können das Blackberry Playbook nur Besitzer eines Blackberry-Smartphones. Das engt die Kundengruppe stark ein. Auf eine unabhängig vom Smartphone funktionierende Tabletvariante mit 3G-Modem verzichtete RIM.


Video: Blackberry Playbook - Test (4:30)
Krampfhaft versuchte das Unternehmen, die Verkaufszahlen des Blackberry Playbook nach oben zu treiben. Zunächst gab es f¨¹r Unternehmenskunden ein Blackberry Playbook gratis, wenn sie drei RIM-Tablets kauften. Im zweiten Schritt wurde in einer Sonderaktion der Gerätepreis f¨¹r das Tablet um ¨¹ber die Hälfte reduziert. Alle diese Aktionen galten nur f¨¹r den US-Markt, vergleichbare Angebote gab es in Deutschland nicht. Offenbar hält RIM nur noch Investitionen in den US-Markt f¨¹r vielversprechend.Vor dem Marktstart des Blackberry Playbook hatte RIM versprochen, dass es die Möglichkeit geben werde, Android-Anwendungen auf dem Tablet zu nutzen - bisher ist das nicht der Fall. Erst im Februar 2012 will RIM die Version 2.0 des Playbook OS veröffentlichen, mit der sich dann auch Android-Anwendungen nutzen lassen sollen. Vorerst gibt es auch keine Anzeichen daf¨¹r, dass das Blackberry Playbook einen nennenswerten Marktanteil erreichen wird.



Obwohl Microsoft schon ¨¹ber ein Jahrzehnt auf dem Tablet-Markt agiert, hat das Unternehmen aus Redmond bisher in diesem Segment nur wenige Kunden erreicht. Tablets im modernen Sinne gibt es von Microsoft zwar nicht, sehr wohl aber Tablet-PCs, die die Form eines Tablets annehmen können. Sie sind bis dato teure Nischengeräte ohne große Verkaufserfolge und zeichnen sich dadurch aus, dass sich Windows-Programme installieren lassen und eine Handschriftenerkennung möglich ist. Andere Hersteller versuchen allerdings, auch Android-Tablets ohne diese Merkmale als Tablet-PC zu verkaufen, etwa Weltbild und Viewsonic.
Ein interessantes Windows-Tablet ist Fujitsus Stylistic Q550, das wir getestet haben. 10 Zoll in der Bildschirmdiagonalen bei noch vergleichsweise leichten 860 Gramm und die Möglichkeit, Windows-Programme zu benutzen, sprechen vor allem Geschäftskunden an, die ausschließlich Software f¨¹r Windows haben.Auf den ersten Blick ist das Gerät ein Traum f¨¹r jeden, der sich etwas mit IT auskennt: ein matter Bildschirm, der obendrein sehr hell ist, Wechselakku und ein präzise arbeitender Stift - was will man mehr von einem Windows-Tablet? Im Test stellte sich allerdings heraus, dass der Prozessor, ein kleiner Embedded-Atom mit nur einem Kern, einfach zu langsam ist. Zuweilen kam der Prozessor nicht einmal mit der Bedienung hinterher. Wer mit dem Stift schrieb, musste warten, bis das Geschriebene auf dem Bildschirm erschien.


Fazit zu Fujitsus Bem¨¹hen: Ein guter Windows-PC, der wie ein Tablet aussieht und sich so anf¨¹hlt, ist derzeit nicht möglich. Moderne x86-CPUs ziehen zu viel Strom oder bieten einfach nicht die notwendige Rechenleistung. Tablets auf Basis eines ARM-Prozessors mit angepasster Software sind hier von Vorteil. Fujitsus schöne Hardware und das Konzept scheitern am Prozessor. Schade!¨¹brigens hat sich auch Acer an einem Windows-Tablet versucht. Ein leistungsstärkerer AMD C-50 wurde benutzt, aber die Gerätekombination aus Dock und Tablet war beim Iconia W500 zu wackelig.Mit Windows 8 wird sich Microsoft des Problems des Stromsparens annehmen. Und zwar ganz ohne Intel. Während Intel weiterhin versucht, die Leistungsaufnahme seiner CPUs zu dr¨¹cken, wird Microsoft mit Windows 8 auch stromsparende ARM-Kerne unterst¨¹tzen. Mit Vor-, aber auch deutlichen Nachteilen.Die Vorteile sind offensichtlich und bei der Konkurrenz schon zu sehen. Flache Windows-Tablets mit kleinem Akku, geringem Gewicht und trotzdem langer Akkulaufzeit wären so möglich. Doch mit Windows 8 auf ARM-CPUs entsteht auch eine weitere neue Plattform. Software, die f¨¹r x86-CPUs, also die von AMD und Intel, geschrieben und kompiliert wurde, muss f¨¹r ARM-Software erst einmal angepasst werden.


F¨¹r ARM-Tablets versucht Microsoft auch mit der neuen Metro-Oberfläche zu werben. Wer f¨¹r Windows 8 eine Metro-App entwickelt, der bedient damit nicht nur den großen Markt der Desktops und Notebooks, sondern auch den Markt der neuen Tablets. Wie es sich aber mit normaler x86-Software verhält, ist unklar. Microsoft sorgt diesbez¨¹glich nicht f¨¹r Klarheit, was zu allerhand Spekulationen anregt.Ob es reicht, einfach alte x86-Software neu zu kompilieren, ist derzeit unklar. Alle Hinweise deuten aber darauf, dass auf einem Windows-Tablet mit ARM-CPU nur Metro-Apps funktionieren werden. Mit besonders fordernder Software wie etwa Photoshop CS5 wäre die ARM-CPU allerdings ohnehin ¨¹berfordert.Letztendlich etabliert Microsoft eine komplett neue Plattform im Tablet-Bereich und kann Synergieeffekte wie kein anderer nutzen. Wer f¨¹r die Metro-Oberfläche von Windows 8 entwickelt, der hat das Tablet eigentlich gleich mit abgedeckt. Egal ob iOS, Android oder WebOS: Von diesem Vorteil konnte kein anderer bisher profitieren. Im Laufe des Jahres 2012 wird sich dann zeigen, ob die Macht des Desktops und Notebooks ausreicht, um aus dem Windows-8-Tablet ein erfolgreiches Produkt zu machen.


Während Apple sich auf ein einziges Gerät konzentriert und davon massenhaft Einheiten absetzt, teilt sich der Android-Markt auf verschiedenste Geräte, Hersteller und Formen auf. Die wichtigsten haben wir 2011 getestet.Dabei gibt das iPad die Richtung sehr deutlich an. Wird es besonders d¨¹nn wie das zweiten Modell, versuchen die anderen nachzuziehen. Vor allem Samsung versucht das als Nummer 2 im Markt mit einem Marktanteil von 5,6 Prozent im dritten Quartal 2011. HP hat mit dem Touchpad ¨¹brigens mit 5 Prozent fast Samsung verdrängt.
Samsung ging sogar so weit, das erste 10-Zoll-Galaxy-Tab schon nach kurzer Zeit durch den Nachfolger zu ersetzen. Es war vor dem iPad 2 angek¨¹ndigt worden und dicker als das kurze Zeit später angek¨¹ndigte Apple-Gerät. Als wir das Galaxy Tab 10.1 testeten, k¨¹ndigte Samsung bereits den Nachfolger an, der sowohl Gewicht als auch Gehäusedicke des iPad 2 unterbot.Nat¨¹rlich haben wir auch dieses neue Galaxy Tab getestet, das den Namen des Vorläufers ¨¹bernahm, während der Vorläufer fortan 10.1V genannt wurde. Damit wurde zumindest namenstechnisch ein leichtes Chaos ausgelöst. Die Anzahl der Modelle erhöhte sich stetig. Bis zum Ende des Jahres 2011 kam Samsung auf stolze sieben Galaxy Tabs: GT, GT7+, GT7.7, GT8.9, GT.10.1, GT10.1V und GT10.1N.



  1. http://www.bloghotel.org/enablesyou/

  2. http://blogsinn.com/?w=retrouve3

  3. http://yaplog.jp/retrouve3/


Akku f¨¹r HP Compaq 395791-002

Auf dem Lumia 710 läuft Microsofts Windows Phone 7.5. Als Beigaben gibt es Nokias Navigationssoftware und Zugang zu Nokia Music. Beide Funktionen können kostenlos genutzt werden. Zudem ist eine ESPN-Anwendung vorinstalliert.Das Gehäuse des Lumia 710 misst 119 x 62,4 x 12,5 mm und bringt 126 Gramm auf die Waage. Das Smartphone kann mit auswechselbaren R¨¹ckcovern angepasst werden. Im GSM-Betrieb schafft der Akku eine Sprechzeit von 7 Stunden, im UMTS-Modus sind es 7,5 Stunden. Im Bereitschaftsmodus gibt Nokia eine Akkulaufzeit von rund 16,5 Tagen an.Mit der Cube will Logitech auf der CES eine etwas andere Maus vorstellen und setzt dabei auf ein ungewöhnliches Design. Aber die Cube ist mehr als nur eine Maus.
Der Name Cube passt nicht ganz, denn Logitechs neue Maus ist eigentlich nicht w¨¹rfelförmig, sondern eher wie ein winziger Backstein geformt. Dank der geringen Größe soll die Logitech Cube dennoch komfortabel in der Hand liegen.


Wird die Logitech Cube als Maus benutzt, kann dank der ber¨¹hrungsempfindlichen Oberfläche gescrollt werden. Ein Mausrad hat die Cube nicht. Logitechs Software Flow Scroll soll daf¨¹r sorgen, dass besonders sanft gescrollt wird, so wie es Nutzer zunehmend von mobilen Endgeräten gewohnt sind.Dar¨¹ber hinaus kann die Logitech Cube aber auch als Präsentationsgerät genutzt werden. Dazu reicht es aus, die Maus in die Luft zu heben, sie schaltet sich dann automatisch in den Präsentationsmodus. Mit einem Klicken auf die Oberseite der Maus wird zur nächsten Folie geschaltet. Will man zur vorherigen Folie zur¨¹ckkehren, dreht man die Cube einfach um und klickt erneut.Die Logitech Cube kann ¨¹ber einen Schalter an der Oberseite der Maus gezielt ein- und ausgeschaltet werden. Das soll daf¨¹r sorgen, dass der per USB aufladbare Lithium-Polymer-Akku lange durchhält. Eine Akkustandsanzeige gibt Auskunft ¨¹ber den Ladestand des Akkus.


Logitech liefert die Cube zusammen mit dem Logitech-Unifying-Empfänger aus, mit dem sie per Funk an den Rechner angebunden werden kann. Dabei arbeitet die Maus wie ¨¹blich im 2,4-GHz-Bereich. Der kleine USB-Empfänger kann zudem genutzt werden, um bis zu f¨¹nf weitere Geräte per Funk an den Rechner anzubinden.Logitech will die Cube in der kommenden Woche auf der CES in Las Vegas zeigen. Sie soll noch im Laufe des Januars in Europa f¨¹r 69,99 Euro auf den Markt kommen.Genius hat mit dem Ring Presenter eine Maus f¨¹r den Finger vorgestellt, mit dem nicht nur gescrollt und der Mauscursor bedient, sondern auch eine Präsentationssoftware wie Powerpoint gesteuert werden kann.
Der Ring Presenter von Genius ist mit einem Laserpointer ausgestattet, der auf Knopfdruck aktiviert wird. Die Ringmaus wird am Finger mit einem Ring befestigt und ist mit einer ber¨¹hrungsempfindlichen Oberfläche ausgestattet, mit der der Mauszeiger bewegt werden kann.
Außerdem wurden drei Knöpfe f¨¹r die linke, mittlere und rechte Maustaste in das kleine Gehäuse integriert. Wer will, kann in den Präsentationsmodus umschalten und mit weiteren Knöpfen zum Beispiel in Folien hin- und zur¨¹ckschalten.


Die Bedienung der Ringmaus soll mit einer Hand erfolgen. Die ¨¹bertragung zwischen Rechner und Maus erfolgt ¨¹ber Funk. Einen Empfänger f¨¹r den USB-Anschluss legt Genius bei. Die Reichweite soll bei rund 10 Metern liegen. Der interne Akku wird ¨¹ber einen Micro-USB-Anschluss wieder aufgeladen.Genius bietet den Ring Presenter in mehreren Farbstellungen an, teilte den Preis aber bislang nicht mit.Ein neues Bauteil f¨¹r Kamerasensoren, das Fraunhofer-Forscher entwickelt haben, ermöglicht ein schnelleres Auslesen der Pixel des Sensors. Das macht die Herstellung größerer Pixel möglich, die sich besser f¨¹r lichtschwache Anwendungen eignen.
Das Duisburger Fraunhofer-Institut f¨¹r Mikroelektronische Schaltungen und Systeme (IMS) hat ein optoelektronisches Bauelement entwickelt, das es ermöglicht, die Pixel eines CMOS-Chips schneller auszulesen. Mit den verbesserten Sensoren sollen sich bessere Kameras f¨¹r lichtschwache Anwendungen in der Wissenschaft bauen lassen.



CMOS-Chips sind g¨¹nstig in der Herstellung und nehmen relativ wenig Leistung auf, was den Akku schont. In vielen handels¨¹blichen Kameras stecken diese Chips, deren Pixel zum Teil nur 1 Mikrometer klein sind. F¨¹r Spezialkameras, die in Situationen mit wenig Licht eingesetzt werden sollen, etwa in der Astronomie, sind solche Pixelgrößen jedoch ungeeignet. Hier sind Pixel von 10 Mikrometern Größe gefragt.Bisher ließen sich Chips mit so großen Pixeln jedoch nicht bauen: Die Bauteile, die das Licht in elektrische Impulse umwandeln, die Pinned-Photodioden (PPD), sind nicht schnell genug. F¨¹r die meisten Anwendungen einer Kamera reicht das aus. Lichtschwache Anwendungen erfordern aber hohe Bildraten. "Wenn die Pixel eine bestimmte Größe ¨¹berschreiten, haben die PPD ein Geschwindigkeitsproblem", erklärt Werner Brockherde, Abteilungsleiter am Fraunhofer IMS. Daf¨¹r sei die Auslesegeschwindigkeit mit PPD zu gering.


Die Fraunhofer-Forscher haben mit dem Lateral Drift Field Photodetector (LDPD) ein Bauteil entwickelt, das ein schnelleres Auslesen der Pixel ermöglicht. Bei der PPD diffundierten die Elektronen zum Ausleseknoten. Im LDPD hingegen "wandern die durch das einfallende Licht erzeugten Ladungsträger mit High-Speed zum Ausgang", vergleicht Brockherde die Verfahren. Mit einem LDPD ließe sich das Auslesen der Pixel "bis zum Hundertfachen beschleunigen."Der verbesserte CMOS-Chip könnte beispielsweise in der Astronomie, der Röntgenfotografie oder in der Fertigungstechnik eingesetzt werden, sagen die Fraunhofer-Forscher. Die Serienfertigung des LDPD soll im Laufe des Jahres beginnen. Außerdem hat die Fraunhofer-Gesellschaft ein Patent auf das Bauteil angemeldet. Die wissenschaftliche Gesellschaft bestreitet einen Teil ihres Budgets aus den Lizenzzahlungen f¨¹r von ihr entwickelte Techniken.Roboter könnten k¨¹nftig von Bakterien angetrieben werden: US-Forscher entwickeln eine Brennstoffzelle, in der Mikroorganismen den Treibstoff Wasserstoff erzeugen.
Mikroben sollen k¨¹nftig Roboter, die andere Planeten erkunden, mit elektrischer Energie versorgen: Forscher am Naval Research Laboratory (NRL), der Forschungseinrichtung der US-Marine, entwickeln eine Biobrennstoffzelle (Microbial Fuel Cell, MFC) als Energiequelle f¨¹r einen Miniroboter.


In der MFC produzieren Bakterien der Art Geobacter sulfurreducens Wasserstoff, der als Treibstoff f¨¹r die Brennstoffzelle genutzt wird. Die Wahl sei auf ein solches System gefallen, da die Energiedichte der Bakterien höher sei als die eines Lithium-Ionen-Akkus und da es wegen der Fähigkeit der Bakterien, sich zu reproduzieren, eine lange Lebensdauer habe, erklären die NRL-Wissenschaftler. Ihr besonderes Ziel sei, die MFC besonders klein und leicht zu gestalten - der ganze Roboter soll nur knapp ein Kilogramm wiegen.Ziel sei, eine effiziente und verlässliche Energiequelle f¨¹r Roboter zu entwickeln, die dort eingesetzt werden, wo ihnen kein Mensch helfen könne, erklärt Projektleiter Gregory Scott. In Kombination mit einem Antrieb und elektronischen Bauteilen, die wenig Leistung aufnähmen, könnten Biobrennstoffzellen k¨¹nftig als Energiequellen f¨¹r robotische Systeme, vor allem f¨¹r Weltraumroboter, eingesetzt werden, sagt Scott.Obwohl der NRL-Roboter mit Komponenten ausgestattet wird, die nur wenig Energie brauchen, wird die Brennstoffzelle nicht genug elektrische Energie liefern, um alle Systeme zu versorgen. Deshalb sollen nur die Steuersysteme ständig betrieben werden. Die verbleibende elektrische Energie wird in einem Akku oder einem Kondensator gespeichert. Sobald der Speicher genug geladen ist, können die wissenschaftlichen Instrumente oder der Antrieb des Roboters eingesetzt werden.


Wann ein Prototyp des Roboters, der sich h¨¹pfend oder rollend fortbewegen soll, zur Verf¨¹gung stehen wird, haben die NRL-Forscher nicht mitgeteilt.Samsung hat das Galaxy Ace Plus vorgestellt. Das Android-Smartphone ist eine verbesserte Version des Galaxy Ace. Im Vergleich zum Vorgänger hat der Neuling ein größeres Display und einen schnelleren Prozessor.
Das Galaxy Ace Plus hat einen 3,65 Zoll großen Touchscreen, beim Vorgänger beträgt die Displaydiagonale 3,5 Zoll. Unverändert blieb die vergleichsweise niedrige Auflösung von 320 x 480 Pixeln. Durch das größere Display ist auch das Mobiltelefon selbst etwas größer, aber daf¨¹r minimal d¨¹nner geworden als das Galaxy Ace. Das Galaxy Ace Plus misst 114,7 x 62,5 x 11,2 mm und wiegt mit 115 Gramm nur 2 Gramm mehr als der Vorgänger.



Das Galaxy Ace Plus hat einen Prozessor mit 1 GHz, während das Galaxy Ace nur einen 800-MHz-Prozessor hat. Der RAM-Speicher wurde von 278 MByte auf 512 MByte aufgestockt. Zudem gibt es nun statt 150 MByte 3 GByte Flash-Speicher und ein Steckplatz f¨¹r Micro-SD-Karten ist vorhanden.Auch das Galaxy Ace Plus hat eine 5-Megapixel-Kamera mit Autofokus und LED-Fotolicht. Das UMTS-Mobiltelefon unterst¨¹tzt alle vier GSM-Netze und beherrscht GPRS, EDGE und HSDPA mit bis zu 7,2 MBit/s. Außerdem sind WLAN nach 802.11 b/g/n, Bluetooth 3.0 und ein GPS-Empfänger sowie eine 3,5-mm-Klinkenbuchse vorhanden. Im Galaxy Ace gibt es noch Bluetooth 2.1.Das Galaxy Ace Plus wird noch nicht mit Android 4.0 alias Ice Cream Sandwich auf den Markt kommen, sondern noch mit Android 2.3 alias Gingerbread. Ob die Neuvorstellung ein Update auf Android 4.0 erhalten wird, ist nicht bekannt. Zu den Akkulaufzeiten machte Samsung keine Angaben. Es ist nur bekannt, dass ein 1.300-mAh-Lithium-Ionen-Akku verwendet wird.


Samsung will das Galaxy Ace Plus wohl im Februar oder März 2012 auf den deutschen Markt bringen. Genau wollte sich Samsung dazu nicht äußern. Auch zum Verkaufspreis machte der Hersteller keine Angaben. Der Listenpreis f¨¹r das normale Galaxy Ace beträgt 340 Euro.Der Roboter Qbo hat eine neue Form der Selbsterkenntnis gewonnen: An seiner Nase kann er erkennen, ob er sich selbst im Spiegel sieht, oder ob ihm ein anderer Roboter gegen¨¹bersteht.
Im vergangenen Monat hat der Roboter Qbo gelernt, sich selbst im Spiegel zu erkennen. Was passiert aber, wenn der vom spanischen Unternehmen The Corpora entwickelte Roboter einem anderen Qbo begegnet?
Die Entwickler hatten dem Roboter beigebracht, sich selbst anhand von Merkmalen wie Kurven und Linien zu erkennen. Einen anderen Qbo w¨¹rde er nach dieser Methode aber zwangsläufig f¨¹r sein eigenes Spiegelbild halten. Ein weiteres Unterscheidungskriterium musste also her, und zwar eines, das diesen Roboter allein auszeichnet.Ein Mensch erkenne sich im Spiegel an zwei Merkmalen, schreibt Entwickler Francisco Paz im Unternehmensblog: an seinem Aussehen, das er etwa ab dem achten Lebensmonat erlernt, und an seinen Handlungen, die er vor dem Spiegel ausf¨¹hrt. Da sich zwei Qbos aber exakt gleichen, muss also eine Handlung das Kriterium zur Unterscheidung sein.



  1. http://retrouve3.bravesites.com/blog

  2. http://retrouve3.sosblogs.com/

  3. http://retrouve3.mee.nu/


Akku Toshiba Satellite P100

Im Defy Mini steckt eine 3-Megapixel-Kamera mit Kameralicht und es gibt eine VGA-Kamera auf der Gerätevorderseite. Die anderen Defy-Modelle haben eine 5-Megapixel-Kamera. Das UMTS-Mobiltelefon funktioniert in allen vier GSM-Netzen und unterst¨¹tzt GPRS, EDGE sowie HSDPA. Zudem stehen WLAN nach 802.11b/g/n sowie Bluetooth 2.1 bereit. Das Mobiltelefon hat zudem einen GPS-Empfänger, ein UKW-Radio sowie eine 3,5-mm-Klinkenbuchse und unterst¨¹tzt DLNA.Auf dem Defy Mini läuft das mittlerweile veraltete Android 2.3.6 alias Gingerbread. Wie auch bei anderen Herstellern von Android-Smartphones gibt es eine von Motorola angepasste Bedienung. Ob das Gerät später einmal ein Update auf Android 4.0 alias Ice Cream Sandwich erhält, ist nicht bekannt.Das Defy Mini misst 109 x 58,5 x 12,55 mm und ist damit etwas größer und d¨¹nner als die bisherigen Defy-Modelle, die in einem 107 x 59 x 13,3 mm großen Gehäuse stecken. Während die bisherigen Defy-Modelle jeweils 118 Gramm auf die Waage bringen, ist das Defy Mini mit 107 Gramm etwas leichter.


Motorola verwendet im Defy Mini einen Akku mit 1.650 mAh, der eine Sprechzeit von 10 Stunden schaffen soll. Ob dieser Wert im GSM- oder UMTS-Betrieb erreicht wird, verschweigt Motorola. Es ist möglich, dass die Sprechzeit je nach verwendeter Mobilfunktechnik deutlich geringer ausfallen könnte. Im Bereitschaftsmodus hält der Akku rund 21 Tage durch.Bisher ist nicht klar, ob das Defy Mini in Deutschland offiziell angeboten wird. Im Februar 2012 will Motorola das Android-Smartphone in ausgewählten Ländern Europas auf den Markt bringen. Wie viel das Defy Mini dann kosten wird, teilte der Hersteller nicht mit.Mit dem Motoluxe hat Motorola ein Android-Smartphone mit 4-Zoll-Display vorgestellt. Das Gingerbread-Gerät hat eine 8-Megapixel-Kamera und einen 800-MHz-Prozessor.
Das Motoluxe von Motorola wird ¨¹ber einen 4-Zoll-Touchscreen bedient, der eine Auflösung von 854 x 480 Pixeln aufweist. Unterhalb des Displays befinden sich die vier typischen Android-Knöpfe. F¨¹r Foto- und Videoaufnahmen gibt es auf der Gehäuser¨¹ckseite eine 8-Megapixel-Kamera mit Autofokus und LED-Licht. Auf der Gerätevorderseite befindet sich eine VGA-Kamera f¨¹r Videokonferenzen.


In dem Smartphone steckt ein Single-Core-Prozessor mit einer Taktrate von 800 MHz und der RAM-Speicher beträgt 512 MByte. Motorola machte keine Angaben dazu, ob das Mobiltelefon einen Steckplatz f¨¹r Speicherkarten hat. Das baugleiche XT615 hat einen Steckplatz f¨¹r Micro-SD-Karten, die maximal 32 GByte groß sein d¨¹rfen.Das UMTS-Smartphone arbeitet in allen vier GSM-Netzen und unterst¨¹tzt GPRS, EDGE sowie HSDPA mit bis zu 7,2 MBit/s. WLAN steht nach 802.11b/g/n bereit und Bluetooth 3.0 ist vorhanden. Es ist DLNA-tauglich, hat einen GPS-Empfänger, ein UKW-Radio und eine 3,5-mm-Kopfhörerbuchse.


Das Motoluxe kommt mit dem mittlerweile veralteten Android 2.3.7 alias Gingerbread auf den Markt. Wie auch bei anderen Herstellern von Android-Smartphones gibt es eine von Motorola angepasste Bedienung. Ob das Motoluxe später einmal ein Update auf Android 4.0 alias Ice Cream Sandwich erhalten wird, ist nicht bekannt.Die Maße des Motoluxe betragen 117,7 x 60,5 x 9,85 mm und es wiegt 123,6 Gramm. Im GSM-Betrieb soll der Akku eine Sprechzeit von 6,5 Stunden liefern. Dieser Wert verringert sich im UMTS-Modus auf 4,5 Stunden. Im Bereitschaftsmodus wird eine Akkulaufzeit von 16,5 bis 18,5 Tagen erreicht.Motorola will das Motoluxe im Februar 2012 in Deutschland anbieten. Einen Preis f¨¹r das Mobiltelefon nennt Motorola noch nicht, obwohl es in China bereits unter der Bezeichnung XT615 f¨¹r umgerechnet 270 Euro verkauft wird.Nikon bringt mit der digitalen Spiegelreflexkamera D4 den lang erwarteten Nachfolger seiner D3-Baureihe auf den Markt. Die Kamera erreicht eine Lichtempfindlichkeit von bis zu ISO 204.800 und kann pro Sekunde elf Fotos mit 16 Megapixeln aufnehmen.
Nikon hat in die D4 einen 16,2-Megapixel-Bildsensor im Vollformat eingebaut. Als Bildprozessor kommt Nikons Expeed 3 zum Einsatz, der f¨¹r die schnelle Verarbeitung des Foto- und Videomaterials zuständig ist.



Videos sind das neue Spezialeinsatzgebiet von Nikons Spitzenmodell. Die D4 nimmt 1080p-Material mit 30, 25 oder 24 Bildern pro Sekunde auf. Bei 720p stehen Bildraten von 60, 50, 30 und 25 Bildern pro Sekunde zur Wahl. Je nach Bedarf kann der Bildausschnitt im FX- und DX-Format und im ¨¹blichen 16:9-Format erfolgen. Der Ton kann ¨¹ber ein externes Stereomikrofon aufgenommen und ¨¹ber einen Kopfhörer kontrolliert werden.Die D4 kann das Bildmaterial wahlweise auf den Speicherkarten aufzeichnen oder unkomprimiert ¨¹ber den HDMI-Ausgang ausgeben, so dass ein externes Aufnahmegerät den Film abgreifen kann. Videofilmern kommt auch die motorisierte Blendensteuerung der D4 zugute. Damit kann ¨¹ber Tasten am Gehäuse ein Auf- und Abblenden in 1/8 Blendenstufen erfolgen.F¨¹r Fotografen und Filmleute gleichermaßen interessant ist Nikons Motiverkennungssystem, bei dem ein RGB-Sensor mit 91.000 Pixeln zum Einsatz kommt. Er analysiert die Szene und liefert Daten f¨¹r den Autofokus und die Belichtungsautomatik. Dazu kommt das Autofokussensormodul Multi-CAM3500FX. Es bietet je nach Einstellung 9, 21 oder 51 Messfelder und soll in der D4 auch noch unter sehr schlechten Lichtbedingungen funktionieren.


Der Verschluss der Kamera besteht aus einem Kevlar-/Kohlefaser-Verbundmaterial und soll f¨¹r rund 400.000 Auslösevorgänge gut sein, bis er ersetzt werden muss. Gespeichert wird auf eines der beiden Speicherlaufwerke. Die D4 nimmt sowohl Compactflash-Karten (UDMA 7) als auch Highspeed-XQD-Karten auf. Eine Fast-Ethernet-Buchse ist ins Kameragehäuse eingebaut. Optional ist ein WLAN-Adapter erhältlich. Der WT-5 ermöglicht, per HTTP oder FTP Bildmaterial zu ¨¹bertragen.Das Display mit 3,2 Zoll Größe (8 cm) erreicht eine Auflösung von 921.000 Bildpunkten und ist mit einer automatischen Helligkeitssteuerung ausger¨¹stet. Beim Betrachten der Bilder steht eine maximal 46fache Vergrößerung zur Verf¨¹gung, um zum Beispiel Unschärfen zu analysieren.Nikons Profikamera hat einige Ausstattungsmerkmale, die im täglichen Arbeitsablauf f¨¹r eine bessere Aufnahmekontrolle sorgen. So wurde eine elektronische Wasserwaage eingebaut, die nicht nur die horizontale, sondern auch die vertikale Abweichung im Sucher und Display anzeigt. Das Picture-Control-System kann mit einer Taste am Gehäuse aufgerufen werden. Damit lassen sich schon in der Kamera Einstellungen vornehmen, wie die Schärfe, die Farbsättigung und der Farbton der Bilder beeinflusst werden sollen.


Das Ändern der Bildgröße sowie Verzeichnungs- und Perspektivkorrekturen sind schon innerhalb der Kamera möglich. Dar¨¹ber hinaus können nachträglich Start- und Endpunkte von Filmclips festgelegt werden, um Speicherplatz zu sparen. Der Weißabgleich des Displays und der des Bildes können manuell festgelegt werden.Die HDR-Funktion (High Dynamic Range) nimmt zwei Aufnahmen mit leicht veränderter Belichtungszeit auf, die von der Kamera zu einem Bild zusammengef¨¹gt werden. Die Belichtungsdifferenz kann um bis zu drei Lichtwerte gestreckt werden.Das Kameragehäuse misst 156,5 x 160 x 90,5 mm und wiegt mit Akku und Speicherkarte rund 1.340 Gramm. Die Nikon D4 soll ab Mitte Februar 2012 f¨¹r rund 5.930 Euro in den Handel kommen.In der kommenden Woche will LG in Las Vegas seine ersten Ultrabooks vorstellen. Mit dem Z430 gibt es dabei auch ein 14-Zoll-Modell, das zudem mit einer vergleichsweise großen Festplatte best¨¹ckt werden kann.
Nachdem LG mit dem Modell Z330 sein erstes Ultrabook mit 13,3-Zoll-Display bereits vorgestellt hat, hat das Unternehmen nun die Daten f¨¹r den Z430 vorgelegt. Zwar ist die Diagonale des Bildschirms mit 14 Zoll etwas größer, die Auflösung beträgt aber wie beim kleineren Modell nur 1.366 x 768 Pixel. Asus' Zenbook UX31 kommt bei 13,3 Zoll schon auf 1.600 x 900 Pixel.



Durch das Gehäuse, das mit 32,9 x 22,6 x 19,9 Zentimetern etwas größer ist als bei anderen Ultrabooks, kann LG aber immerhin eine Hybridlösung mit kleiner Intel-SSD und herkömmlicher Festplatte verbauen. Bis zu 500 GByte Kapazität sind so möglich, die SSD dient nur als nicht f¨¹r den Anwender sichtbarer Cache. Dadurch soll das Ultrabook in 12 Sekunden booten. Optional gibt es auch nur eine SSD mit 128 GByte Größe. Der Arbeitsspeicher kann maximal 8 GByte groß sein. Die Preise f¨¹r die Konfigurationen verrät LG bis zur Messe nicht.Ebenso gibt es auch noch keine konkreten Angaben zur Laufzeit des Geräts. LGs Datenblatt (PDF) gibt nur an, dass im Z430 anders als beim Z330 ein Akku mit vier Zellen stecken soll. Das deutet trotz des größeren Displays auf etwas längeres Arbeiten abseits der Steckdose hin. Ein weiterer Unterschied zum Z330 ist der Kartenleser, der beim Z430 SD-Cards bis zum Format SDXC aufnimmt. Das kleinere Lesegerät im Z330 ist nur auf Micro-SD-Karten ausgelegt.


Im ersten Quartal 2012 will LG seine ersten Ultrabooks ausliefern. Sie sind dann noch nicht mit Intels mobilen Ivy-Bridge-CPUs best¨¹ckt, sondern mit ULV-Varianten der aktuellen Core-i-2000. Welche Prozessoren genau LG verbauen will, gab das Unternehmen noch nicht bekannt.Nokia bringt mit dem Lumia 710 sein zweites Windows-Phone-Smartphone auf den deutschen Markt. Bei Vodafone ist es schon zu haben, O2 will es Mitte Januar 2012 anbieten.
In Vodafones Onlineshop kann das Lumia 710 zum Preis von 330 Euro ohne Vertrag bestellt werden. O2 will das Lumia 710 Mitte Januar 2012 ins Sortiment nehmen. Was Nokias Smartphone auf Basis von Windows Phone 7.5 bei O2 kosten wird, ist noch nicht bekannt. Nokia nennt einen Listenpreis von 320 Euro. Nokia hatte das Lumia 710 zusammen mit dem Lumia 800 Ende Oktober 2011 vorgestellt.


Das Lumia 710 hat einen 3,7 Zoll großen TFT-Touchscreen mit der von Microsoft vorgegebenen Auflösung von 480 x 800 Pixeln. Das Display mit Gorilla-Glas ist mit Clearback-Technik versehen. Damit soll sich der Displayinhalt auch unter direktem Sonnenlicht gut ablesen lassen. Der verwendete Qualcomm-Single-Core-Prozessor läuft mit einer Taktrate von 1,4 GHz. Der RAM-Speicher ist 512 MByte groß und es stehen 8 GByte Flash-Speicher zur Verf¨¹gung. Wie bei Windows-Phone-Geräten ¨¹blich, gibt es keinen Steckplatz f¨¹r Speicherkarten.F¨¹r Foto- und Videoaufnahmen steht eine 5-Megapixel-Kamera mit Autofokus und LED-Licht zur Verf¨¹gung. Das UMTS-Smartphone funktioniert in allen vier GSM-Netzen und beherrscht GPRS, EDGE sowie HSDPA mit bis zu 14,4 MBit/s. Als weitere Drahtlostechniken gibt es WLAN nach 802.11 b/g/n sowie Bluetooth 2.1+EDR. Im Gerät stecken ein GPS-Empfänger mit Kompassfunktion und eine 3,5-mm-Klinkenbuchse.



  1. http://blogs.montevideo.com.uy/retrouve3

  2. http://retrouve3.kinja.com/

  3. http://retrouve3.jimdo.com/


Accu MAKITA DA391DW

This keyboard isn't a nightmare. I wouldn't choose it, and I doubt anybody who does a great deal of typing would either, whether they're a member of the One True Buckling Spring Faith or not. But it feels no worse than a basic laptop keyboard, and people use those every day without their fingers falling off. Cooler Master say the EAK-US1 is suitable for long hour business usage; well, OK, it may last for a long time even with heavy use (or it may not; my keyboard-testing 25,000 word per minute typing robot's in the shop at the moment, so I can't tell), but if you're hammering away all day, you'll be happier with a more conventional keyboard than this.


As usual when I'm reviewing keyboards, I felt great relief when I put this one to one side and went back to my heavyweight IBM 'board. That doesn't make the EAK-US1 a lousy product, though. It looks great, and it's reasonably well made; if it cost $AU200 then its rattly keys and instability would be unforgivable, but it's not terribly expensive. The EAK-US1 would be fine as a show-off keyboard for an Internet cafe, or on the reception desk at a business that's trying to look all swish and minimalist, or for a case modder who doesn't have the time to go all out.
De hitteproductie van computeronderdelen schept mogelijkheden voor bedrijven die zich specialiseren in het ontwikkelen van koeloplossingen, zo schrijft Reuters. Verschillende Taiwanese bedrijven zijn grote spelers geworden op de markt voor koelers. Zo is daar AVC, een Taiwanese firma die meer dan 25 procent van de wereldmarkt voor koeloplossingen bedient. Het bedrijf levert aan alle grote producenten van computers, met uitzondering van Dell, onder meer processorkoelers en ventilatoren, maar maakt tegenwoordig ook behuizingen voor laptops. Het bedrijf behaalt jaarlijks een omzet van meer dan 200 miljoen euro en verwacht een winst van meer dan 10 miljoen euro in 2004.


AVC logoOok voor een bedrijf als Intel begint de warmteontwikkeling een invloed te hebben op de keuzes die het bedrijf moet maken. Het hoofd van de research afdeling, Shekhar Borkar, stelt dat [hij] het liefst chips zou maken zonder rekening te hoeven houden met verbruik of kosten, maar dat zou dromen zijn. [Hij] moet producten maken die mensen kunnen gebruiken. Afgelopen maand nog, schrapte Intel de ontwikkeling van twee processors omdat de markt vraagt om zuinigere oplossingen. De Intel Centrino wordt aangehaald als voorbeeld voor de toekomst; de afweging tussen hogere prestaties en minder verbruik werd in het voordeel van de laatste beslist. Het bleek een groot succes.


Behalve een PCI Express GPU voor notebooks heeft ATi vandaag ook een nieuwe modulair systeem voor grafische kaarten in notebooks gepresenteerd. Het nieuwe systeem is Axiom gedoopt en is ATi's antwoord op nVidia's MXM. Net als het modulaire systeem van nVidia is ook dit systeem bedoeld voor mobiele grafische kaarten die via een PCI Express x16 interface met de rest van de notebook communiceren. Eerder liet ATi al weten dat het hun afnemers zou bijstaan in het ontwerpen van grafische kaarten voor nVidia's MXM standaard, hoewel ze ook hun eigen standaard zouden ontwikkelen. Welke van de twee wellicht een universele standaard gaat worden is moeilijk te zeggen. ATi is marktleider op het gebied van grafische chips voor laptops en heeft meer dan zestien fabrikanten achter zich weten te scharen voor Axiom. Het is echter niet duidelijk of Axiom een open standaard is, zoals nVidia's MXM, die ook gebruikt mag worden door andere fabrikanten. Indien dit niet het geval is, zou de industrie nog wel eens kunnen kiezen voor nVidia's MXM.



De Japanse consument stapt massaal over naar smartphones, spelcomputers met internetaansluiting en de nieuwste digitale videorecorders. Volgens onderzoeksbureau IDC zijn de verkopen van computers in het tweede kwartaal van 2007 opnieuw gedaald; desktopverkopen namen met 4,8 procent af terwijl er 3,1 procent minder laptops verkocht werden. Bedrijven als Nec en Sony zien de afzet van thuiscomputers al sinds 2006 afnemen, terwijl Hitachi inmiddels zelfs heeft besloten zich geheel van deze markt terug te trekken, zo schrijft AP.Japanners zijn volgens een analist van IDC niet langer onder de indruk van spierballentaal over snellere processoren en nog grotere harde schijven. Een lcd-scherm met een groot beeldopppervlak zou een grotere aantrekkingskracht op de Japanse consument uitoefenen, terwijl de jeugd opgroeit met de kleine displays van krachtige mobiele telefoons. IDC vraagt zich voorzichtig af of de personal computer over zijn piek heen is. Dit zou vooral veroorzaakt worden doordat de rol van de pc als centrale, multimediale duizendpoot steeds meer in het gedrang komt door andere consumentenapparatuur: Japanners doen hun boodschappen via het mobieltje, digitale camera's leggen draadloos contact met een printer en films komen via internet direct op een settopbox binnen.


Computerfabrikanten zijn het oneens met de stelling van IDC dat de thuis-pc een steeds kleinere rol speelt. Wereldwijd gaan er dit jaar naar verwachting 286 miljoen pc's over de toonbank - een groei van elf procent en een absoluut record. Afgezien van de Japanse markt zien de pc-fabrikanten Azië als een uiterst lucratieve afzetmarkt, met groeicijfers van meer dan twintig procent per jaar. Daarnaast zou de Japanse markt een erg eigenzinnige zijn; Japanners werken hard, maar nemen hun werk niet mee naar huis, zo stelt een analist. 'Eenmaal buiten kantoor zijn ze al tevreden met het intikken van een e-mailtje of het downloaden van muziek op hun mobieltje.'


Terwijl sommige bedrijven de blits willen maken met projectors die - met een beetje wurmen - in een jaszak passen, demonstreert het Britse bedrijf Light Blue Optics (LBO) op de 3GSM-beurs in Barcelona een proefmodel van een laserbeamer die niet groter is dan een luciferdoosje. Voor de toekomst worden zelfs nog kleinere afmetingen in het vooruitzicht gesteld. De erin toegepaste technieken van laserprojectie en computergegenereerde hologrammen (CGH) vereisen minder onderdelen dan conventionele projectietechnieken, waardoor het apparaatje stukken kleiner kan zijn. Dit biedt perspectief voor de toepassing van deze zogeheten Personal VideoProjectors (PVPro pdf) naast of zelfs in draagbare producten zoals mobieltjes, PDA's, digitale camera's of laptops.


Volgens LBO, een spin-off van de universiteit van Cambridge, behoort tot de voordelen van de laserbeamertjes, naast een klein formaat, een laag energieverbruik; gemiddeld verbruikt de miniprojector bij het weergeven van video 350mW, maximaal wordt er 1,5W verstookt. Dat scherpstellen niet nodig is, is een ander pluspunt; op iedere afstand zou het beeld scherp moeten zijn, ook op schuine of gekromde oppervlakken. Omdat er geen bewegende delen zijn, geen glas, geen prisma's en ook geen koelventilatortje, is een dergelijk apparaatje ook nog eens vrij eenvoudig robuust te maken. Het enige nadeel nog op dit moment is dat de inmiddels derde generatie proefmodellen een monochroom (groen) beeld projecteren. De evaluatiekits van deze laserbeamertjes zijn beschikbaar voor bedrijven. Tot de beeldformaten die standaard ondersteund worden behoren QCIF, CIF, VGA, NTSC, en 1024x512. Ondersteuning voor resoluties tot en met 2048x1280, SXGA en S-HDTV incluis, zijn op aanvraag ook mogelijk. Eind dit jaar zal ook een kleurenprojectortje gerealiseerd zijn, belooft LBO.


De nieuwe Savage/IX mobiele graphics-chipset van S3 is gekozen door drie grote laptopfabrikanten, te weten Sony, NEC en Micron. Sony's VAIO en NEC's VersaLXi/VersaPro krijgen een 8MB versie, Micron heeft gekozen voor de 16MB uitvoering in de Transport GX(+) laptops:The Savage/IX with its unique integrated memory design is an ideal choice for manufacturers of lightweight and high performance notebooks, said Rick Bergman, Chief Operating Officer, S3 Graphics. Based on S3 Graphics' Savage desktop architecture and a 0.18-micron process technology, the Savage/IX features a unique integrated memory design that supports up to 16MB and is an ideal high-performance solution for thin and light notebook computers. To date, notebook manufacturers including Toshiba, IBM, Sony and MicronPC.com have announced mobile Savage-based notebook designs.
Sun heeft aangekondigd zijn besturingssysteem Solaris beschikbaar te gaan maken voor gebruikers van verschillende AMD- en Intel-systemen. Daarvoor is een overeenkomst gesloten met vijftien OEM-systeembouwers zodat in totaal twintig verschillende x86-systemen binnenkort ook gebruik kunnen maken van het Solaris OS. Het lijstje met mogelijke systemen omhelst niet enkel workstations en servers, maar ook laptops en telecom-uitrusting behoren tot de ondersteunde platformen. In het voorbije half jaar is de lijst met compatibele hardware voor Solaris x86 maar liefst dubbel zo lang geworden.



Sun Solaris logoVoor de systeembouwers is het OEM-programma een project dat weinig risico's inhoudt en veel voordeel kan opleveren. Bedrijven kunnen hun systemen namelijk gratis certifiëren met behulp van Suns Hardware Compatibility Test Suite. Bovendien kunnen ze een licentie voor Solaris OS nemen die hen toestaat het besturingssysteem te herverdelen onder hun klanten. Sun biedt naast wereldwijde ondersteuning, support voor ontwikkelaars en goedkope cursussen, ook de mogelijkheid deel te nemen in een programma om Solaris 10 OS nog voor de release te kunnen testen.Laptopmaker Acer brengt in april van 2012 een nieuwe versie van zijn S3-ultrabook uit, die gebaseerd is op Intels komende Ivy Bridge-platform. Het ontwerp van de nieuwe ultrabook wordt volgens de Taiwanese fabrikant lichtelijk aangepast.Acer Aspire 3951Dat zegt Grigory Nizovsky, Acers manager voor het Midden Oosten, in een interview met de Khaleej Times. Hij noemt het Ivy Bridge-platform niet bij naam, maar zegt wel dat Acer in april 2012 komt met een nieuwe versie van de S3-ultrabook, die gebruikmaakt van een 'nieuw platform' van Intel. De op 22nm-geproduceerde Ivy Bridge-chips worden rond dezelfde tijd verwacht. Het design van de ultrabook zou ook aangepast worden.


Acer verwacht dat ultrabooks binnen vijf jaar tot de mainstreammarkt zullen doorbreken, terwijl Intel denkt dat ultrabooks al aan het einde van 2012 een marktaandeel van veertig procent zullen hebben bereikt. Naar verwachting komen er in 2012 ook ultrabooks met touchscreens uit, om zo goed gebruik te kunnen maken van de nieuwe interface van Windows 8.Onderzoekers van de Arizona State Universiteit claimen nanogeheugen ontworpen te hebben dat goedkoop te fabriceren is, grotere opslagcapaciteiten dichterbij brengt en sneller en energiezuiniger is dan conventioneel geheugen.Onderzoekers proberen geheugen op twee manieren verder te miniaturiseren, aldus de ASU: door verder te borduren op huidige geheugentechnologieën of door de sprong naar een nieuwe generatie te wagen. ASU's Center for Applied Nanoionics claimt beide te doen. 'We hebben een nieuw type oud geheugen ontwikkeld', aldus Michael Kozicki, hoofd van het CANi.



  1. http://yourpot.com/users/retrouve3/blog.aspx

  2. http://blogcity.jp/page.asp?idx=10057051

  3. http://retrouve3.gratisblog.biz/


Akku Lenovo ThinkPad Edge E420

Offmaps 2.0 ist bereits im App Store verf¨¹gbar und kostet 79 Cent. Zwei bis f¨¹nf Karten sind inklusive. Jeweils drei Karten gibt es f¨¹r weitere 79 Cent. Eine Kartenflatrate kostet rund 5 Euro. In der Anfangsphase bleibt das Hinzukaufen von Download-Tokens allerdings deaktiviert, so dass Kartenmaterial im Moment kostenlos ist.Offmaps und Offmaps 2.0 sind zwei Anwendungen mit sehr unterschiedlichen Ansätzen. Die neue Version hat nicht nur deutliche Vorteile, sondern leider auch genauso deutliche Nachteile. Was in Offmaps funktioniert, klappt in Offmaps 2.0 nicht unbedingt genauso gut. Wer beispielsweise die Deutschlandkarte nur grob braucht, weil er ¨¹berregional unterwegs ist, der muss nun m¨¹hsam die einzelnen Kartenteile zusammensuchen, herunterladen und vom Programm extrahieren lassen. Zudem muss der Anwender bei seiner Tour von Karte zu Karte wechseln, was fr¨¹her nicht notwendig war. Die alte Version ermöglichte noch den Download eines Wunschareals.


Wer hingegen in einer Region unterwegs ist, der hat deutliche Vorteile mit Offmaps 2.0. Maximale Details etwa bei nur 50 MByte f¨¹r Berlin schafft Offmaps in der ersten Version nicht. Da sind noch rund 500 MByte des knappen Speichers nötig. Allerdings fehlen noch einige Regionen außerhalb Deutschlands. Das soll aber laut Lamouroux nachgebessert werden.Die Wikipedia-Einträge, Details zu Restaurants und die zuschaltbare Anzeige von Nahverkehr sind n¨¹tzlich. Als Reisef¨¹hrer ist Offmaps 2.0 damit etwas besser als sein Vorgänger. Dennoch: Wer Offmaps in der ersten Version hat, sollte diese nicht löschen. Sie ist Offmaps 2.0 einfach häufig ¨¹berlegen.Das Rekord-Elektroauto, das nonstop von M¨¹nchen nach Berlin gefahren ist, ist verbrannt. Der Automobilverband ADAC, der den Rekord ohnehin anzweifelt, findet das verdächtig.
Das Elektroauto, das im vergangenen Jahr nonstop von M¨¹nchen nach Berlin gefahren ist, ist einem Feuer zum Opfer gefallen: Das sogenannte Lekkermobil wurde beim Brand einer Lagerhalle im Berliner Stadtteil Marienfelde bereits im Dezember 2010 vollständig zerstört, wie der Automobilverband ADAC in seinem Blog berichtet.


Bei dem Auto handelte es sich um einen Audi A2, der zum Elektroauto umgebaut worden war. Als Stromspeicher dient ein Akku auf Lithium-Eisen-Polymer-Basis, der von DBM entwickelt wurde. Damit stellten das Berliner Unternehmen DBM Energy und der Energieversorger Lekker nach eigenen Angaben einen Langstreckenrekord auf: Im Oktober legten sie die rund 600 Kilometer von M¨¹nchen nach Berlin zur¨¹ck, ohne ein einziges Mal zum Laden anhalten zu m¨¹ssen.Der Automobilverband ADAC bezweifelte jedoch die G¨¹ltigkeit des Rekords: DBM und Lekker seien den endg¨¹ltigen Beweis schuldig geblieben. Es habe keine neutrale technische Abnahme des Autos stattgefunden. Der Notar, der die Fahrt hätte beglaubigen sollen, habe abgesagt. Das Angebot des Verbandes, einen Reichweitentest durchzuf¨¹hren, sei abgelehnt worden.Der Brand verstärkte offensichtlich die Zweifel des ADAC: Die Brandursache sei noch unklar. Allerdings sei die von DBM genutzte Akkutechnik feuergefährlich. Laut ADAC ermitteln die Berliner Polizei sowie mehrere von Versicherungen bestellte Gutachter in dem Fall, darunter ein Spezialist f¨¹r Batteriebrände.


Der Akkuhersteller DBM bestätigte inzwischen die Zerstörung des Autos. Danach kann der Akku jedoch nicht die Brandursache gewesen sein: Der habe sich zum Zeitpunkt des Feuers nicht in dem Auto befunden. Das sei lediglich mit einer zu zehn Prozent geladenen, nicht brennbaren Behelfsbatterie ausgestattet gewesen.Nach dem Brand des Autos baut DBM nach eigenen Angaben bereits ein neues Trägerfahrzeug f¨¹r das innovative Batteriesystem. Das soll in K¨¹rze zur Verf¨¹gung stehen. Damit will das Unternehmen in den kommenden Monaten weitere Testfahrten durchf¨¹hren.Das Optimus Speed alias Optimus 2X von LG wird im Februar 2011 zum Listenpreis von 550 Euro auf den Markt kommen. Vergangene Woche lag Amazons Preis f¨¹r das Android-Smartphone noch bei 600 Euro.
LG hat nun den Listenpreis f¨¹r das Android-Smartphone Optimus Speed bekanntgegeben: Er beträgt 550 Euro. Seit vergangener Woche konnte das Mobiltelefon bereits bei Amazon f¨¹r 600 Euro vorbestellt werden. Mittlerweile wurde der Preis verringert und Amazon verlangt nun nur noch 500 Euro. Im Februar 2011 will LG das Optimus Speed alias Optimus 2X in Deutschland ausliefern.



Ende Dezember 2010 hatte LG das Optimus Speed offiziell f¨¹r Deutschland angek¨¹ndigt, allerdings noch ohne Preisangabe. Außerhalb Deutschlands wird das Gerät als Optimus 2X vermarktet.Das Optimus Speed verwendet den Dual-Core-Prozessor Tegra 2 mit einer Taktrate von 1 GHz. Der 4 Zoll große Touchscreen liefert eine Auflösung von 800 x 480 Pixeln und zeigt maximal 16 Millionen Farben an. Eine Hardwaretastatur besitzt das Mobiltelefon nicht, Texteingaben erfolgen ¨¹ber die Bildschirmtastatur. Unterhalb des Displays befinden sich die vier typischen Android-Knöpfe. Spezielle Telefontasten und einen 5-Wege-Navigator gibt es nicht.Der interne Speicher fasst 8 GByte; weitere Daten können auf einer Micro-SD-Karte abgelegt werden, die maximal 32 GByte groß sein darf. F¨¹r Foto- und Videoaufnahmen gibt es eine 8-Megapixel-Kamera mit 8fachem Digitalzoom und LED-Blitz. Damit lassen sich Videos in 1080p-Auflösung aufnehmen. Ferner ist eine 1,3-Megapixel-Kamera f¨¹r Videotelefonate auf der Vorderseite vorhanden.Das Smartphone hat einen HDMI-Ausgang, eine 3,5-mm-Klinkenbuchse sowie ein UKW-Radio und unterst¨¹tzt DLNA. Die Stromversorgung ¨¹bernimmt ein Akku mit 1.500 mAh, Angaben zur Akkulaufzeit liegen nicht vor. Zu allen weiteren technischen Daten des Mobiltelefons hält sich LG weiterhin bedeckt.


Das Smartphone wird mit Android 2.2 ausgeliefert. LG will zu einem späteren, nicht genannten Zeitpunkt ein Update auf das aktuelle Android 2.3 anbieten.Autohersteller und Energieunternehmen in Japan machen sich f¨¹r Brennstoffzellenautos stark: Bis Mitte des Jahrzehnts sollen Autos und Tankstellen in vier Metropolregionen des Landes verf¨¹gbar sein.
Eine Reihe von japanischen Unternehmen will die Einf¨¹hrung von Brennstoffzellenautos vorantreiben, berichtet die britische Wirtschaftszeitung Financial Times. Der Initiative gehören die Autohersteller Honda, Nissan und Toyota sowie zehn Unternehmen aus dem Energiesektor an.
Die Autohersteller wollen 2015 Autos mit einer Brennstoffzelle in Serie produzieren. Bis dahin sollen in den Regionen Tokio, Osaka, Nagoia und Fukuoka 100 Wasserstofftankstellen gebaut werden, an denen die Fahrer den Treibstoff f¨¹r die Brennstoffzellen tanken können.Honda-Chef Takanobu Ito hält die Brennstoffzelle ohnehin f¨¹r den Antrieb der Zukunft. Eine Brennstoffzelle sei leichter als ein Akku, weshalb ein Brennstoffzellenauto auch leichter als ein Elektroauto sei. Das geringere Gewicht wirke sich positiv auf die Fahreigenschaften aus, glaubt Ito. Das Unternehmen hat vor einem Jahr eine Wasserstofftankstelle f¨¹r die heimische Garage vorgestellt.


Brennstoffzellenautos haben den Vorteil, dass sie eine größere Reichweite als Elektroautos haben. Dass die Technik inzwischen ausgereift ist, will der deutsche Hersteller Daimler Ende des Monats beweisen: Die Stuttgarter planen eine gut viermonatige Weltfahrt mit drei Brennstoffzellenautos. Das Problem sind derzeit jedoch noch fehlende Wasserstofftankstellen.Der Magic Charger von Mobee ermöglicht das Laden der Akkus von Apples Magic Mouse ¨¹ber Induktion. Der Anwender muss seine Maus dazu nur auf einer mitgelieferten Ladestation ablegen.
Der Magic Charger besteht nicht nur aus der Ladeplatte. Die zwei AA-Akkus der Maus m¨¹ssen durch das beigelegte Akkupaket ausgetauscht werden, das die Ladetechnik enthält.
Die Ladeplatte wird ¨¹ber USB mit dem Rechner verbunden und ist als Mauspad viel zu klein geraten. Sie ist 118 x 65 x 9 mm groß und reicht damit kaum ¨¹ber die Standfläche der Maus hinaus. Ein kontinuierliches Aufladen während der Benutzung der Maus ist so nicht möglich.



Der Ladevorgang soll rund sechs Stunden dauern. Als Lebensdauer f¨¹r den Akku gibt Mobee ungefähr 500 Ladezyklen an. In Deutschland vermarktet die Computerhandelskette Gravis den Magic Charger derzeit exklusiv. Das Gerät ist dort f¨¹r rund 50 Euro erhältlich.Sony hat ein Zusatzdisplay f¨¹r Videofilmer vorgestellt, das eine exakte Beurteilung der Aufnahmen ermöglichen soll, was mit den eingebauten Minidisplays der Kameras kaum möglich ist.
Das ansteckbare Display von Sony misst 5 Zoll (12,7 cm) in der Diagonalen und lässt sich ¨¹ber den HMDI-Ausgang der Kameras nutzen. Kaufinteressenten sollten allerdings pr¨¹fen, ob ihre Kamera auch das Sucherbild ¨¹ber HDMI ausgibt und nicht nur bereits aufgezeichnete Filme dar¨¹ber anzeigt. Einige DSLRs und spiegellose Systemkameras können auch ihr Liveview-Bild dar¨¹ber ausgeben.
Die Auflösung des CLM-V55 liegt bei 800 x 480 Pixeln. Das entspricht ungefähr einem Seitenverhältnis von 15:9. Gelenke an der Halterung erlauben das Kippen und Drehen des Displays, so dass es auch zur Kontrolle von Selbstporträts und f¨¹r bodennahe Aufnahmen genutzt werden kann.


Eine mitgelieferte Sonnenblende soll laut Sony daf¨¹r sorgen, dass der Videofilmer seine Aufnahmen auch bei hellem Licht einsehen kann. Ein eingebauter Lautsprecher sowie ein Mikrofoneingang erlauben die Tonkontrolle von Aufzeichnungen. Als optionales Zubehör bietet Sony einen Akku und ein Netzgerät an.Das Sony-Display CLM-V55 kostet 400 Euro und soll ab März 2011 erhältlich sein. Das Netzteil wird f¨¹r 100 Euro verkauft. Akkus gibt es ab 85 Euro in unterschiedlichen Kapazitäten.Beim Onlinekaufhaus Amazon kann LGs Android-Smartphone Optimus Speed bereits vorbestellt werden. Das Mobiltelefon mit Dual-Core-Prozessor kostet dort 600 Euro; im Februar 2011 kommt es auf den Markt.
LG hat das Optimus Speed Ende Dezember 2010 offiziell f¨¹r Deutschland angek¨¹ndigt; der Herstellerpreis f¨¹r das Android-Smartphone ist noch immer nicht bekannt. Bei Amazon kann das Mobiltelefon mit Dual-Core-Prozessor f¨¹r 600 Euro vorbestellt werden. Außerhalb Deutschlands wird das Gerät als Optimus 2X vermarktet.


Das Optimus Speed verwendet den Dual-Core-Prozessor Tegra 2 mit einer Taktrate von 1 GHz. Der 4 Zoll große Touchscreen liefert eine Auflösung von 800 x 480 Pixeln und zeigt maximal 16 Millionen Farben an. Eine Hardwaretastatur besitzt das Mobiltelefon nicht, Texteingaben erfolgen ¨¹ber die Bildschirmtastatur. Unterhalb des Displays befinden sich die vier typischen Android-Knöpfe. Spezielle Telefontasten und einen 5-Wege-Navigator gibt es nicht.Der interne Speicher fasst 8 GByte; weitere Daten können auf einer Micro-SD-Karte abgelegt werden, die maximal 32 GByte groß sein darf. F¨¹r Foto- und Videoaufnahmen gibt es eine 8-Megapixel-Kamera mit 8fachem Digitalzoom und LED-Blitz. Damit lassen sich Videos in 1080p-Auflösung aufnehmen. Ferner ist eine 1,3-Megapixel-Kamera f¨¹r Videotelefonate auf der Vorderseite vorhanden.Das Smartphone hat einen HDMI-Ausgang, eine 3,5-mm-Klinkenbuchse, ein UKW-Radio und unterst¨¹tzt DLNA. Die Stromversorgung ¨¹bernimmt ein Akku mit 1.500 mAh, Angaben zur Akkulaufzeit liegen nicht vor. Zu allen weiteren technischen Daten des Mobiltelefons hält sich LG weiterhin bedeckt.



  1. http://retrouve3.blog.wox.cc/

  2. http://retrouve3.allmyblog.com/

  3. http://plaza.rakuten.co.jp/davydenko/


Akku f¨¹r HP TouchSmart tx2-1100

Anfang Dezember 2011 hatte Nokia bereits einen ersten Patch f¨¹r das Lumia 800 veröffentlicht. Damit wurde das Laden des fest eingebauten Akkus optimiert und es gab eine verbesserte Klangqualität. Der Lichtsensor arbeitet seitdem zuverlässiger und die Mailboxbenachrichtigung wurde optimiert. Bessere E-Mail-Antwortfunktionen gab es f¨¹r Nutzer von Microsoft Exchange 2003.Das Speedphone 700 der Telekom ist lieferbar. Das Android-basierte WLAN-Telefon ist auch zum E-Mail-Schreiben und Websurfen gedacht.
Die Deutsche Telekom liefert das auf der Ifa 2011 erstmals präsentierte IP-Telefon Speedphone 700 aus. Das mit niedrig auflösendem 8,1-cm-Touchscreen (240 x 400 Pixel) best¨¹ckte Gerät ist laut Telekom zunächst f¨¹r den Einsatz am Speedport W 723V ausgelegt und verbindet sich mit diesem per WLAN.
Dar¨¹ber kann es nicht nur zum Telefonieren ¨¹ber Festnetz und Internet genutzt werden, sondern ¨¹ber vorinstallierte Anwendungen zum Internetsurfen, zum Lesen und Schreiben von E-Mails sowie zum Abruf von RSS-Feeds, des Wetterberichts, digitaler Fotosammlungen und des Telefonbuchs. Außerdem steht der Programm-Manager von Entertain zur Verf¨¹gung, ¨¹ber den sich Aufzeichnungen f¨¹r den Media Receiver programmieren lassen.


Zum Einsatz kommt ein modifiziertes Android mit Telekom-Bedienoberfläche und ohne Android Market. Eine Android-Version konnte ein Telekom-Sprecher auf Nachfrage nicht nennen. Unklar ist auch noch, ob es später einmal einen Telekom-eigenen oder den offiziellen Android Market zum App-Download geben wird.Nutzer sind damit erst einmal auf die vorinstallierten Apps beschränkt. Und auf den Telekom-Router, eine Nutzung mit anderen WLAN-Routern - etwa mit denen des Telekom-Technikpartners AVM - soll derzeit nicht möglich sein. ¨¹ber die Updatefunktion ist es der Telekom aber zumindest möglich, neue Firmware f¨¹r die Funktionserweiterung anzubieten. Voraussichtlich ab Ende des ersten Quartals 2012 oder ab Mitte des Jahres - die Produktwebseite bietet dazu unterschiedliche Informationen - soll beispielsweise auch der Speedport W 921V unterst¨¹tzt werden.


Der Lithium-Ionen-Akku im Speedphone 700 soll f¨¹r 10 Stunden Gesprächszeit und 100 Stunden Standby reichen. Wie lange das WLAN-Telefon etwa bei der Internetnutzung durchhält, war noch nicht in Erfahrung zu bringen. Zum Aufladen wird das schnurlose Telefon in eine Ladeschale mit stromsparendem Netzteil gesteckt.Zu den Telefonfunktionen des Speedphone 700 zählen etwa Freisprechen, Anzeige des Namens und eines zugeordneten Fotos bei bekannten Rufnummern, Halten, Makeln und Anklopfen und die Möglichkeit, eine Telefonkonferenz zu f¨¹hren.Zudem informiert das Telefon ¨¹ber verpasste Anrufe und Nachrichten auf der Sprachbox, einer kostenfreien Mailbox im Telekom-Festnetz. Das lokale Telefonbuch (Meine Kontakte) speichert bis zu 300 Einträge, es gibt zusätzlich noch die Möglichkeit zum Zugriff auf das Speedport-Telefonbuch sowie ein persönliches Onlinetelefonbuch.Bei der Internettelefonie wird auch der Audiostandard f¨¹r HD-Voice (G.722) unterst¨¹tzt, was in Verbindung mit einer kompatiblen Gegenstelle eine hohe Sprachqualität ermöglicht. Auch das einfachere Speedphone 500 bietet beispielsweise eine G.722-Unterst¨¹tzung. Kameras f¨¹r Videotelefonie fehlen auch dem Speedphone 700.


¨¹ber eine Micro-USB-Schnittstelle am Gerät kann ein Headset angeschlossen oder das Speedphone 700 mit einem PC verbunden werden. Im Micro-SD-Kartenslot des Geräts steckt eine 2-GByte-Speicherkarte.Das Speedphone 700 kann ab sofort f¨¹r rund 150 Euro erworben oder - in den ersten 24 Monaten - f¨¹r 4,94 Euro pro Monat gemietet werden. Das WLAN-Telefon gibt es sowohl mit weißem als auch mit schwarzem Gehäuse.Mit dem Origami Power-Folding Stroller hat der US-Hersteller 4moms einen Kinderbuggy vorgestellt, der nicht nur durch sein Faltprinzip ¨¹berrascht. Der Kinderwagen kann außerdem mit seinen Stromgeneratoren in den Rädern ein Fahrlicht betreiben und den Smartphone-Akku aufladen.
Die Steuereinheit des Origami Power-Folding Stroller ist in den Griff integriert. Auf Knopfdruck entfaltet sich der Buggy selbstständig und kann sich auch wieder auf das kompakte Format reduzieren. Das funktioniert dank eines Sensors nicht, wenn noch ein Kind in der Schale sitzt.



Das LC-Display am Griff informiert ¨¹ber die aktuell gefahrene Strecke, die momentane Geschwindigkeit, die Temperaturen und den Ladestand des Akkus. Der kann mit Hilfe von zwei Generatoren, die an den Hinterachsen befestigt sind, wieder aufgeladen werden. F¨¹r knapp 40 US-Dollar ist als Zubehör eine USB-Ladestation erhältlich, die durch fleißiges Spazierengehen das Smartphone der Eltern wieder aufladen kann. Wie lange das dauert, verriet der Hersteller des Kinderwagens jedoch nicht.Normalerweise wird der interne Akku des Origami Power-Folding Stroller aber dazu verwendet, die LEDs, die an den Vorderachsen des Buggys befestigt sind, mit Strom zu versorgen. Sie sollen verhindern, dass Eltern und Kind von anderen Verkehrsteilnehmern ¨¹bersehen werden. F¨¹r den Abend und die Nacht gibt es zudem eine stärkere Lampe, die den Weg unmittelbar vor dem Kinderwagen ausleuchten kann, um Pf¨¹tzen, Pflastersteinen und Schlaglöchern rechtzeitig ausweichen zu können.Der Origami Power-Folding Stroller von 4moms kostet mitsamt Lithium-Polymer-Akku rund 850 US-Dollar. Die Handy-Aufladefunktion wird f¨¹r 40 US-Dollar separat angeboten. Zusammengefaltet misst der Buggy 96,5 x 53,3 x 35,6 cm.


Apple soll bereits mit der Produktion des iPad 3 begonnen haben, um rechtzeitig zum Marktstart die erforderlichen Mengen bereitstellen zu können. Inoffiziellen Berichten zufolge soll es mit einem Vierkernprozessor und einem Retina-Display ausgestattet sein und ¨¹ber die schnelle Funktechnik LTE verf¨¹gen.
Das iPad 3 soll einen deutlichen Entwicklungssprung gegen¨¹ber dem aktuellen Modell machen. Nicht nur eine schnellere CPU, sondern auch ein hochauflösendes Display und die Funktechnik LTE sollen beim neuen Tablet von Apple dazukommen. Das berichtet die Nachrichtenagentur Bloomberg.
Angeblich soll das iPad 3 im März auf den Markt kommen. Die Nachrichtenagentur bezieht sich auf Quellen aus dem Umfeld der Auftragsfertiger. Das japanische Blog Macotakara nannte in einem davon unabhängigen Bericht k¨¹rzlich ähnliche Eckdaten.Uneinigkeit besteht, ob das iPad 3 nun etwas dicker, d¨¹nner oder sogar im gleichen Gehäuse wie das iPad 2 stecken wird. D¨¹nner könnte das Gerät vermutlich nur werden, wenn es Apple schafft, Sharps Displaytechnik Igzo zu integrieren. Alternativ könnte Apple auf IPS-Panel von Samsung und LG zur¨¹ckgreifen.


Die LCD-Technik Igzo (Indium Gallium Zinc Oxide) ersetzt die Siliziumschicht der Displays. Igzo weist eine Elektronenbeweglichkeit auf, die erheblich höher ist als bei herkömmlichen Materialien, so dass die Reaktionsgeschwindigkeit des Displays höher wird. Zudem nimmt ein Igzo-Display mit 10-Zoll-Durchmesser nach Angaben von Sharp bis zu einem Drittel weniger Leistung auf. Sharp begann nach einem Bericht der japanischen Wirtschaftszeitung Nikkei 2011 mit der Massenproduktion von Igzo-LCDs.Apple baue LTE zunächst in das iPad und nicht in das iPhone ein, weil das Tablet ¨¹ber einen größeren Akku verf¨¹ge, berichtet Bloomberg. Die neue Funktechnik sei noch sehr stromintensiv. Auf der CES hat die Vesa den kommenden MyDP-Standard demonstriert. Der braucht keine Displayport-Kabel mehr, sondern kann auch USB-Kabel nutzen und außerdem Akkus von Endgeräten aufladen.
Die Vesa nutzt f¨¹r Mobility Displayport (MyDP) Kabel, Stecker und Buchsen anderer, um ihre Signale zu ¨¹bertragen. Auf der CES wurde bereits gezeigt, wie das aussehen wird. Ein Tablet-Prototyp war ¨¹ber dessen USB-Buchse mit einem Display verbunden. Dabei werden nicht etwa Displaylink-, sondern Displayport-Signale ¨¹bertragen.



Wenn sich ein Hersteller entscheidet, MyDP zu implementieren, muss das Gerät in der Lage sein, eine USB-Gegenstelle von einer Displayport-Gegenstelle zu unterscheiden. Es ist dabei eine Entweder-oder-Entscheidung. USB-Signale können nicht gleichzeitig zu einem externen Display ¨¹bertragen werden, um dort etwa einen Hub zu nutzen.Trotzdem werden nicht nur Monitorsignale ¨¹bertragen. Vom Monitor zum Tablet, also in der R¨¹ckrichtung, findet eine Energie¨¹bertragung statt. Vorgesehen sind bis zu 10 Watt, um ein angeschlossenes Tablet oder Smartphone aufzuladen. Somit wäre ein Display-Dauerbetrieb ohne extra Stromversorgung möglich.Die Vesa spart sich damit die Spezifizierung einer weiteren physischen Displayport-Verbindung. Neben Displayport gibt es noch Mini-Displayport und Embedded-Displayport (eDP). Die ersten beiden sind f¨¹r Handys und Tablets viel zu groß und Letzteres internen Verbindungen vorbehalten, zum Beispiel von dem Tablet-Mainboard zum Display des Tablets, aber nicht zu einem externen Display. Micro-USB ist hingegen weit verbreitet und wird einfach mitgenutzt.


F¨¹r den Nutzer und auch die Hersteller heißt das allerdings, dass es im Mobilbereich nun noch mehr Auswahl aus einer Vielzahl von Standards gibt, die sich auch noch kombinieren lassen. Die Anzahl der Möglichkeiten ¨¹ber diverse Mini- und Micro-Verbindungen nimmt stetig zu. Zudem gibt es noch andere Ansätze wie etwa PDMI-Steckverbindungen, die schon Verbreitung gefunden haben. Gerade im Mobilbereich wollen auch andere Gremien mitspielen.F¨¹r MyDP wird vorbereitend der Displayport-Standard verändert. Der neue Standard heißt dann 1.2a und soll noch im ersten Quartal 2012 fertig sein. F¨¹r den Nutzer ändert sich dann die maximale Energie¨¹bertragung von derzeit 1,5 Watt auf voraussichtlich 10 Watt. Bisher wird die Möglichkeit der Energie¨¹bertragung etwa f¨¹r aktive Kabel genutzt. Auch kommende Displayport-Hubs können so betrieben werden. Mit zehn Watt d¨¹rften sich sogar Notebooks betreiben lassen. Solange sie nichts zu tun haben, liegt die Leistungsaufnahme bei einigen moderner Notebooks bei unter 10 Watt, auch mit Display. Insbesondere Ultrabooks liegen weit unterhalb dieser 10 Watt. Problematisch ist der Lastfall, allerdings gibt es bereits jetzt schon Notebookhersteller, die f¨¹r den Fall, dass die Stromversorgung nicht ausreicht, den Akku im Netzteilbetrieb belasten.


Mittels Nanobeschichtung will das junge Unternehmen Liquipel elektronische Geräte wasserdicht machen. Dabei wird das gesamte Gerät inklusive Elektronik versiegelt, was mit Smartphones schon vorf¨¹hrreif ist.
Die iPhones, die Liquipel in Las Vegas in den Dauerregen an seinem Stand stellt, sind nicht ganz dicht. Und trotzdem ¨¹berleben die Geräte sogar minutenlanges Untertauchen in einem Wasserbecken.
Möglich macht das eine Nanobeschichtung, mit der alle Oberflächen der Telefone versehen werden. Dazu werden die Geräte in einer Vakuumkammer erst von sämtlichen Gasen befreit, anschließend wird in die Kammer Dampf mit dem Beschichtungsmittel eingeleitet. Der soll sich so fein verteilen, dass auch jeder Winkel der Elektronik im Inneren anschließend beschichtet ist. Kurzschl¨¹sse sind so unmöglich, Kontaktflächen wie die von Akku und Headset-Buchse behalten ihre Leitfähigkeit durch die Beschichtung hindurch.



  1. http://dovendosi.allmyblog.com/

  2. http://dovendosi.blogas.lt/

  3. http://support.viralsmods.com/blog/main/2191940/


Accu DEWALT DC551KA

Omdat geluidsgolven echter niet praktisch zijn om mee te werken, ging men elektromagnetische golven bestuderen. Een probleem dat men hierbij moest overwinnen, is dat systemen op basis van elektromagnetisme hun golven in alle richtingen uitsturen, waardoor heel wat van de energie verloren zou gaan in de omgeving. Door gebruik te maken van 'non-radiative' objecten met 'long-lived resonances' kan de overdracht veel efficiënter gebeuren. Wanneer deze voorwerpen onder spanning gezet worden, verdwijnt deze niet in de ruimte maar 'flitst' de energie als het ware heen en weer over het oppervlak van de antenne. Door vervolgens een resonante antenne in de nabijheid van de 'zender' te plaatsen, kan de energie van het ene naar het andere object overgaan.Uit een nieuwe roadmap van Intels Centrino Duo-platform blijkt dat Santa Rosa een grafische upgrade zal krijgen. De Crestline-chipset zal namelijk hogere kloksnelheden krijgen voor zijn geïntegreerde videocore om zo beter aan de systeemeisen van Windows Vista tegemoet te komen.


De gpu, die in de huidige versie op 400MHz draait, zal op 500MHz tikken en de standaard northbridge, die 13,5W verbruikt, zal met zijn 800MHz-bus zowel 500MHz- als 400MHz-gpu-snelheden ondersteunen. Bovendien zullen de nieuwe T7700-, T7500-, T7300- en T7100-chips, gepland voor het eerste kwartaal van 2007, voorzien worden van Intel Dynamic Acceleration. Deze technologie moet betere prestaties mogelijk maken zonder dat er een hoger energieverbruik mee gemoeid is en zonder een verhoging van de productiekosten. Voor deze chips zal het gebruik van het Santa Rosa-platform met de van 667MHz naar 800MHz verhoogde bussnelheid overigens verplicht zijn. Voor nog lager stroomverbruik zullen de low-voltage L7500 op 1,6GHz en de L7300 op 1,4GHz gelanceerd worden, naast de ultralow-voltage U7500 op 1,06GHz.


Santa RosaHet Santa Rosa-platform bestaat uit de 965-chipset en de verbeterde ICH8-southbridge, die onder de codenaam Crestline door het leven gaat. Deze kern wordt aangevuld met de 4965 AGN-wifi-chipset - codenaam Kedron - en Intels eerste HSDPA-breedbandchip. De voor consumenten interessantste vernieuwing lijkt echter nog steeds de Robson-technologie te zijn. Ondersteuning van dit principe is optioneel voor notebooks die van een Centrino Duo-sticker voorzien zijn. Door gebruik te maken van 512MB of 1GB flashgeheugen, moeten laptops veel sneller kunnen opstarten dan wanneer alle gegevens van de harde schijf geladen moeten worden. Als alles volgens plan gaat, mag het nieuwe platform tijdens de eerste drie maanden van 2007 verwacht worden. Een lancering rond het moment van de Vista-launch, die op 30 januari zal plaatsvinden, lijkt dan ook voor de hand te liggen.


Vodafone zal volgend jaar de techniek HSDPA in gebruik nemen op zijn UMTS-netwerk in Nederland. Met de techniek kan de downstreamsnelheid van mobiele verbindingen via UMTS aanmerkelijk worden verhoogd. Theoretisch ligt de grens voor downloaden bij 14Mbit, het telecombedrijf zegt in de praktijk een bandbreedte van 1,5Mbit te zullen aanbieden. Ter vergelijking: normaal UMTS is begrensd op 384kbit downstream. Op dit moment wordt HSDPA getest door de Duitse afdeling van het bedrijf, zo is te lezen bij Planet. Ook HSUPA, de upstreamvariant, is onderdeel van de test en de uiteindelijke implementatie.VodafoneHet gebruik van HSDPA zal onder andere mogelijk zijn met netwerkkaarten voor de laptop. Het is de bedoeling dat Vodafone binnenkort PDA's gaat aanbieden die in ieder geval geschikt zijn voor het huidige UMTS-netwerk. De enige informatie die het bedrijf hierover wil geven, is dat daarmee nog getest wordt. Over hoe de tarieven zich zullen ontwikkelen het komende jaar laat Vodafone zich niet uit. Wel staat vast dat Vodafone zich volledig richt op de ontwikkeling van het UMTS-netwerk en zich niet gaat bezighouden met EDGE, de uitbreiding die hogere snelheden op het GSM-netwerk mogelijk maakt. Op dit moment beslaat het UMTS-netwerk een groot deel van de Randstad en de grotere steden daarbuiten.


Drie weken nadat 'early adopters' er al via een MacBook Pro mee aan de haal konden, is Intels Core 2 Duo-processor nu ook in de de rest van de MacBooks geprikt. De notebooks zijn daarmee volgens Apple 'tot 25 procent sneller' dan hun voorgangers, die waren uitgerust met gewone Core Duo's met dezelfde kloksnelheden als in de nieuwe serie. Zoals al eerder het geval was, is voor het duurste model een potje zwarte verf opengemaakt en is er een wat ruimere harde schijf ingeschoven: deze 1499 dollar kostende laptop heeft een Core 2 Duo T2700 2.0GHz-cpu en een 120GB-harddisk aan boord - 40GB meer dan zijn voorganger. Het geheugen is opgeschroefd van 512MB naar 1GB. Zijn witte broeder gaat voor 1299 dollar over de toonbank en huisvest dezelfde processor en geheugen, maar moet het met 80GB stellen - de vorige versie had 60GB aan boord. In het tevens witte, 1099 dollar kostende budgetmodel is een Core 2 Duo T5600 1,83GHz geprikt; deze MacBook heeft net als zijn voorganger 60GB schijfruimte en 512MB geheugen aan boord.



Met de nieuwe processors neemt het L2 cachegeheugen van de twee duurste machines overigens toe van 2MB naar 4MB terwijl het budgetmodel op 2MB blijft plakken. De MacBooks hebben verder het gebruikelijke 13,3"-scherm met een resolutie van 1280x800 pixels en vertrouwen voor de grafische output op een Intel GMA 950 met 64MB. Ze worden geleverd met ingebouwde webcam, gigabit ethernet, 802.11b/g-wifi en Bluetooth 2.0-ondersteuning. Standaard zijn de Macbooks van Mac OS X 10.4.8 voorzien, maar Windows-liefhebbers kunnen van BootCamp gebruikmaken om tevens Microsofts besturingssysteem te kunnen draaien.Zoals je aan de naam al een beetje zou kunnen afleiden heeft Creative een externe versie van hun Soundblaster Audigy aangekondigd. De Soundblaster Extigy wordt op de USB-poort aangesloten en is in een stijlvol extern kastje gebouwd. Hij beschikt aan de voorzijde onder andere over optical in en out, line in en microfoonaansluitingen. Aan de achterzijde is er plaats gemaakt voor digital in en out, MIDI in en out en de drie plugjes voor het aansluiten van een 5.1 speakerset. Net als de Audigy wordt de extigy geleverd met een afstandsbediening en een heleboel software. Volgens Creative is de Extigy vooral geschikt voor gebruik op een laptop of als je meerdere pc's hebt en maar ¨¦¨¦n geluidskaart wilt gebruiken. Helaas ontbreekt een handig tasje om dit ministudiootje mee te kunnen nemen.


Gateway heeft bekendgemaakt dat het zijn klanten binnenkort de keuze zal bieden tussen AMD- en Intel-chips voor servers. Het bedrijf leverde in tegenstelling tot Dell al langer desktops met Athlon-chips, maar professionele klanten die hun serverpark wensten uit te breiden met een Gateway-systeem, waren op Intel aangewezen. In eerste instantie zijn drie servers met Opteron-chips gepresenteerd die op de VMworld-conferentie van VMware - van 7 tot 9 november - gedemonstreerd worden. De E-9422R-server is een 1U-model voorzien van maximaal twee Opteron 2000-chips en een nVidia MCP55 Pro-chipset. Met zijn vier 3,5"-bays is er plaats voor maximum 3TB aan SATA II-schijven. Netwerkcommunicatie verloopt via vier geïntegreerde ethernetverbindingen met een maximumsnelheid van een gigabit. Deze server is beschikbaar vanaf 1799 dollar. Voor optimale prestaties/watt-verhoudingen zijn ook de energiezuinige HE-processors beschikbaar.


Een 2U-model met het label E-9522R moet minstens 1849 dollar opbrengen en biedt dezelfde basishardware als het 1U-model. Daarbij komt echter de mogelijkheid om maximaal zes SATA II-schijven aan te sluiten en vijf PCI-insteekkaarten te gebruiken. De E-9722R is momenteel het topmodel uit de AMD-reeks van Gateway en is voorzien van Opteron-chips uit de 8000-reeks. Gateway-manager Tim Diefenthaler stelt dat deze server met zijn vier dualcorechips en twaalf harde schijven perfect geschikt is voor virtualisatiedoeleinden. Voor prijsgegevens van dit topmodel moet contact gezocht worden met Gateway. Het lijkt er alvast op dat AMD zijn borst maar beter nat kan gaan maken, want nadat Dell AMD-desktops en -laptops ging leveren, ontstonden er noemenswaardige tekorten door de ontoereikende productiefaciliteiten.Sony heeft een uitbreiding op zijn Vaio notebookreeks aangekondigd. De nieuwe Vaio G moet met een gewicht van 898 gram ¡¯s werelds lichtste notebook worden. Als het een onsje meer mag zijn kan een optische drive worden toegevoegd; het notebook weegt dan nog steeds minder dan een kilo.


Sony heeft met zijn Vaio X505 een nog lichtere computer in het assortiment, maar die is slechts voorzien van een 10"-lcd terwijl de G series-Vaio met zijn 12,1"-scherm w¨¦l als volwaardige laptop gezien kan worden. Mede door het ontbreken van een optische drive kan er met een optionele grotere lithium-ionbatterij in 'Stamina'-modus maximaal een indrukwekkende 12,5 uur gewerkt worden. Het in een designharnasje van koolstofvezel gehulde schoothondje kan een Celeron Mobile, Core Solo ULV U1300 of U1400 als pacemaker meekrijgen. Standaard wordt in 512MB geheugen voorzien. Voor opslag kan er gekozen worden tussen harde schijven van 40GB en 80GB. Voor een draadloze verbinding met de buitenwereld zijn er de opties wifi of bluetooth. Het beeldscherm biedt een native resolutie van 1024x768 pixels.



De Vaio G is vooral gericht op de zakelijke gebruiker en zal eind november, begin december eerst in Japan verkrijgbaar zijn voor 220.000 yen, wat bij een geldwisselkantoor circa 1400 euro waard is. Sony wil graag zijn marktaandeel in het zakelijke segment vergroten. Vertegenwoordigen de zakelijke klanten momenteel nog maar tien procent van de computerverkopen van Sony, in 2010 moet dit gegroeid zijn naar dertig procent. Wie het model in verschillende andere poses en close-ups wil bewonderen, kan bij Akihabara News terecht.Met de naderende release van de PlayStation 3 verschijnen her en der verslagen van de eerste praktijkervaringen met Sony's nieuwe console op het internet. Engadget publiceerde bijvoorbeeld een aantal foto's en een video van de nextgen, en concludeerde dat het ontwerp flink was veranderd ten opzichte van de prototypes die in mei op de E3-beurs waren gesignaleerd. 'Het is nog net geen kaasrasp, maar het is wel duidelijk dat het apparaat inmiddels rond de airflow is gebouwd', concludeert de site. En dat schijnt hard nodig te zijn: volgens Newlaunches.com heeft Sony inmiddels zelf bekendgemaakt dat de PS3 maar liefst 380 watt verstookt. Dat is acht keer meer dan de PlayStation 2 en tweemaal de hoeveelheid die de Xbox 360 uit het stopcontact trekt.


Speculaties over hitteproblemen, die overigens door Sony werden weersproken, zouden volgens Engadget desondanks niet meer aan de orde zijn: de console blijft minstens even koel als de Xbox 360 - en dat terwijl Sony de lat op het gebied van mooie graphics duidelijk hoger legt dan de concurrentie. Opmerkelijk is in dat verband wel dat Sony een Power-chip van IBM gebruikt, merkt C|net op: Apple heeft jarenlang geprobeerd om een laptop met de verwante G5-cpu uit te brengen, maar zou daar juist vanwege hitte- en stroomverbruikproblemen uiteindelijk van afgezien hebben. De gamers die in New York een proefsessie mochten bijwonen liet het verhaal koud: Genji wordt misschien geen toptitel, maar Call of Duty, Motorstorm, NBA 2K7, Full Auto 2: Battlelines en het 'sexy' Resistance: Fall of Man zijn 'nextgen all the way'. De console wordt al met al niet geschikt voor mensen met een kleine beurs, maar zo te zien gaat Sony, in weerwil van alle kritiek, de beloofde kwaliteit w¨¦l leveren.



  1. http://dovendosi.comunidades.net/

  2. http://www.bloghotel.org/enablesyou/

  3. http://blogcity.jp/page.asp?idx=10057051


Akku LENOVO ThinkPad Edge E530

Etwas gewöhnungsbed¨¹rftig ist der Umstand, dass einige F-Tasten nur per gleichzeitigem Dr¨¹cken der Fn-Taste erreichbar sind. Die Tasten werden daf¨¹r als Direkttasten f¨¹r Lautstärke, Helligkeit und andere Funktionen benutzt. Zu den anderweitig genutzten F-Tasten gehört leider auch die F4-Taste, die in Kombination mit der Alt-Taste zum Schließen von Anwendungen noch immer von vielen benutzt wird. Wer hingegen die Hilfe per F1 aufrufen will, kann das direkt machen.Bei schwachem Licht stört zum Teil die dunkle Tastatur und der Anwender w¨¹nscht sich eine Tastaturbeleuchtung. HPs helle Tastaturen, wie beispielsweise bei einigen Elitebooks, sind deutlich besser bei schwachem Licht abzulesen.So gut die Hardware dasteht, so schlecht sieht es auf der Softwareseite aus. Der erste Gedanke, der bei der Ersteinrichtung in uns aufkam: Wo ist die DVD f¨¹r die Neuinstallation?. Grafische Effekte bei McAfees Virenscanner, die die Hardware kaum beherrscht nerven gleich am Anfang. .Net-Werkzeuge von HP wie der Connection-Manager brauchen zuweilen mehrere Minuten, bevor irgendetwas startet. Zuviel f¨¹r 1 GByte RAM, die HP unverständlicherweise in den meisten Mini-Varianten verbaut.


Bis das kleine HP-Netbook sich beruhigt hat, also die Festplatte aufhört f¨¹r den Startvorgang Daten bereitzustellen, vergehen bisweilen einige Minuten. Selbst nach einem groben Aufräumen der Dienste und Programme die gestartet werden, ändert sich nicht viel. Vor allem die HP-Werkzeuge sind f¨¹r perfomantere Rechner geschrieben worden.F¨¹r den Anwender ist es kaum möglich herauszufinden, welche Anwendungen nicht gebraucht werden.Wegen des langsamen Systemstarts bietet sich an die Quickwerkzeuge zu nutzen. An sich eine gute Idee, statt das Betriebssystem hochzufahren wird ein Minimalsystem gestartet, mit dem Recherchen im Internet möglich sind ohne Windows komplett hochzufahren. Mit dem Standby- oder auch Hibernatemodus verträgt sich das aber nicht. Die sind nur nutzbar, wenn das Netbook tatsächlich heruntergefahren wurde. Mit zwei beleuchteten Tasten in der oberen linken Ecke lässt sich dieser Dienst starten.


Ob die Funktionen tatsächlich benutzt werden hängt stark vom Anwender ab. Aufgrund der langen Bootzeit konnten wir uns nicht daran gewöhnen das Netbook herunterzufahren. In den Quickanwendungen, aber auch in den BIOS-Einstellungen, stört, dass der Maustreiber nicht besonders gut arbeitet. Schon Änderungen der Fingerkuppenfläche lösen Bewegungen aus. Der Windowstreiber hingegen erkennt zuverlässig die Änderungen der Fingeroberfläche, wie sie zum Beipiel beim Ansetzen auf dem Touchpad vorkommen.Die beiden Quickfunktionen blieben in der Praxis bei uns also ungenutzt, weil entweder das Netbook in den Hibernate- oder Standby-Modus versetzt wurde. Beim Standby-Modus stellte sich jedoch eine Instabilität heraus. In einigen Fällen wollte das Netbook nach längerem Standby nicht mehr korrekt aufwachen, musste einen Zwangsneustart durchf¨¹hren und einmal sprang sogar die Systemwiederherstellung ungefragt an, die den Softwarestand um einige Tage nach hinten versetzte. Dabei ging auch ein Dokument verloren.


650 Euro kostet unser Testmuster mit vollwertiger Windows-Lizenz und dann wird beim Arbeitsspeicher gespart. Von der eigentlich hohen Geschwindigkeit des Netbooks, die die Benchmarks belegen, bleibt fast nichts ¨¹brig. Dank der Lizenz Windows 7 Home m¨¹sste sich HP eigentlich nicht Microsofts Diktat unterwerfen. Bei der Starter Edition darf nur 1 GByte verbaut werden. Bei diesem Netbook ist es egal. Es ist also eine bewusste Entscheidung von HP nur 1 GByte RAM zu verbauen. Von dem 1 GByte Speicher greift sich der Grafikkern ein gutes St¨¹ck,
Folglich kriecht das Netbook zum Teil im Schneckentempo durchs Netz. Mitunter muss eine halbe Minute darauf gewartet werden, bis das Netbook ein abgeschaltetes drahtloses Gerät bestätigt. Die Einwahl in UMTS-Netzwerke ist eine regelrechte Geduldsprobe. So langsam agierende Software sieht der Anwender nur selten und so kommt bei der normalen Benutzung enormer Frust auf, vor allem, wenn der Nutzer in Eile ist und mal unterwegs nur kurz seine E-Mails ¨¹berpr¨¹fen möchte. Die HP-Software frisst so einiges und der Virenscanner mit seinen Animationen gibt dem kleinen Gerät fast den Rest.Immerhin lässt sich der Arbeitsspeicher sehr einfach austauschen, was wir im Video deutlich zeigen. Wir hatten noch kein Netbook oder Notebook bekannt, bei dem der Anwender so schnell den Speicher austauschen kann. Vielleicht ist das ja Absicht.


In den Benchmarks zeigt sich das Netbook von der guten Seite. Die Dual-Core-CPU ist anderen Netbooks einfach ¨¹berlegen, wenn die Anwendung beide Kerne auslastet. Allerdings ist die N550-CPU mit 1,5 GHz recht niedrig getaktet, so dass ein Single-Core-Atom N450 (1,66 GHz) schneller sein kann, wenn Multithreading nicht unterst¨¹tzt wird. Die Desktop-Variante D525 hat auch zwei Kerne wie der N550, allerdings mit 1,86 GHz getaktet.Sehr deutlich zeigt sich der reine Taktunterschied beim Benchmark SuperPI. Mit 98,4 Sekunden f¨¹r eine Million Iterationen ist das Mini 5103 langsamer als das Single-Core-Netbook Eee PC 1005PE mit einem Atom N450 mit seinen 88,6 Sekunden. Die Desktopvariante D525 schafft die Aufgabe in 81,5 Sekunden beim Eee PC 1215N, den Golem.de auch getestet hat.Beim Cinebench R10 kehrt sich das Ganze im xCPU-Test um. HPs N550-Netbook liegt mit 1.447 Punkten deutlich vor dem N450-Vertreter mit 873 Punkten aber hinter dem Desktop-D525-Atom des 1215N mit 1.707 Punkten.



In den Grafikkern darf der Anwender keine Erwartungen setzen. Er ist einfach langsam. Ein 3DMark2001SE-Test wurde der Vergleichbarkeit wegen gemacht. Mit 2.449 Punkten kann das System aber kaum aktuelle Spiele vern¨¹nftig darstellen. Zum Vergleich: Ein Atom N450 mit GMA3150 schafft 2.648 Punkte. Der spieletaugliche Eee PC 1215N mit Ion 2 und D525 kommt auf 5.545 Punkte.Eine Videobeschleunigungskarte fehlt dem Mini in unserer Ausstattung. Die Kombination aus UMTS-Modem und Broadcoms Crystal-HD-Karte ist mangels Platz im Gehäuse nicht möglich. Dank der Dual-Core-CPU machen HD-Videos in 720p aber nur wenige Probleme. Die Reserven sind allerdings knapp, ein parallel laufender Prozess kann die Videowiedergabe empfindlich stören. 1080p-Videos funktionieren nur noch mit sichtbaren Rucklern und bei niedrigen Bitraten.


Per Flash-Plugin funktionieren Videos bis zu 720p. Schon der Ladevorgang eines 720p-Youtube-Videos belastet das Netbook jedoch. Der Anwender sollte gegebenenfalls warten, bis das Video heruntergeladen wurde. Bei 1080p-Videos im Flashplayer, wie etwa unserem Civilization-5-Spieletest, der bei uns auch als Full-HD-Video abspielbar ist, ist das Netbook ¨¹berfordert und kann nur Szenen sauber abspielen, in denen nicht viel Bewegung zu sehen ist.Verglichen mit dem Dual-Core-Netbook 1215N von Asus arbeitet das HP Mini deutlich näher an der Grenze des Machbaren. Das 1215N hat nicht zuletzt wegen der Ion2-GPU genug Reserven, um selbst 1080p-Videos abzuspielen. Sollte die GPU-Beschleunigung versagen, hilft der höhere Takt des 1215N bei 720p-Videos. Reserven f¨¹r plötzlich auftauchende Aufgaben im Betriebssystem hat der Atom N550 im Unterschied zum Atom D525 nicht.Die realistischen Akkulaufzeiten des Netbooks liegt zwischen sechs (WWAN per UMTS, maximale Helligkeit) und siebeneinhalb Stunden (WLAN maximale Helligkeit). Wer auf Helligkeit und drahtlose Netzwerke verzichten kann kommt sogar an die zehn Stunden heran. In Lastsituationen konnten wir knapp unter f¨¹nf Stunden mit aktivem WLAN erreichen. Deutliche Auswirkungen hat der Betrieb mit dem UMTS-Modem, das alleine laut Datenblatt mehr als 2 Watt Leistung aufnehmen kann. Bei einem Netbook mit einer typischen Leistungsaufnahme zwischen 6 und 9 Watt ist das ziemlich viel, da hilft auch der schwere 63-Wattstunden-Akku nicht. Es lohnt sich also, das Modem bei Nichtbenutzung abzuschalten.


Unterschiede zwischen Last und Ruhe sind im Vergleich zu Core-Prozessoren gering, obwohl der Atom N550 in dem Mini 5103 sich auf 1 GHz heruntertaktet. Das unterscheidet ihn damit beispielsweise von dem Dual-Core-Netbook Eee PC 1215N. In diesem steckt ein Desktop-Atom D525, dem die Energiesparfunktion fehlt.Standby-Zeiten gibt HP mit bis zu einer Woche an. Das konnten wir allerdings nicht richtig testen. Nach drei Tagen im Standby-Modus war das Gerät aber noch mehr als eine Stunde lang einsetzbar.Der HP Mini 5103 ist in verschiedenen Konfigurationen bereits im Handel verf¨¹gbar. Die von uns getestete Variante mit dem Namen WK472EA kostet laut HP fast 650 Euro. Die Preisgestaltung bei HP ist sehr seltsam: Wer beispielsweise auf das UMTS-Modem verzichten will, spart gerade einmal 30 Euro. Bei Straßenpreisen sind es sogar nur 20 Euro. Die teuerste Variante des Netbooks gibt es derzeit als WK473EA. Sie kostet fast 700 Euro. Daf¨¹r gibt es dann die eigentlich notwendigen zwei GByte RAM. Auf eine Dual-Core-CPU und das UMTS-Modem muss der Nutzer aber verzichten. Varianten mit HD-Display (1.366 x 768 Pixel) sind noch nicht gelistet.


In der von uns getesteten Variante ist das Netbook nur bedingt zu empfehlen. Der Touchscreen ist nett, vor allem, wenn mal schnell ein OK angetippt werden muss, aber die geringe Auflösung ist f¨¹r ein so teures Netbook zu wenig. Immerhin gibt es ein mattes Display. Wir w¨¹rden es lieber sehen, wenn HP bereits Varianten mit HD-Display anbieten w¨¹rde.Der verbaute Arbeitsspeicher ist bei dem Preis eine Frechheit. Der Nutzer muss diesen austauschen, um vern¨¹nftig mit dem Netbook zu arbeiten. Immerhin ist er leicht zu wechseln - was darauf hindeutet, dass dem Hersteller das Problem bewusst war.Die restliche Ausstattung und vor allem die Flexibilität gefiel uns hingegen. Das Gerät ist stabil, griffig und kompatibel zu anderem Zubehör des Herstellers - wichtig in Firmenumgebungen. Gerade im drahtlosen Bereich ist das Mini 5103 hervorragend aufgestellt. Sowohl im WLAN- als auch im WWAN-Segment. Das findet der Anwender nur in sehr wenigen Netbook-Modellen.



Wer Interesse an dem stabilen 5103 hat, sollte auf bessere Ausstattungsvarianten warten. Das d¨¹nnere und um 100 Gramm leichtere HD-Display mit 1.366 x 768 Pixeln soll noch kommen. Der Touchscreen fehlt dann aber.Das Netbook von HP ist teuer. Allerdings ist es auch ein Ableger der Geschäftkundennotebooks der 1.500- bis 2.000-Euro-Klasse. F¨¹r ein gutes Geschäftskundennotebook bekommt der Anwender meist zwei bis drei normale Endkundennotebooks. Das ist bei diesem Netbook nicht anders. HP sollte aber auch der Mini-Serie gleich drei Jahre Garantie mitgeben. Das Mini 5103 hat nur ein Jahr Garantie, danach muss der Anwender auf die Gewährleistung hoffen.Nix hat eine Reihe von digitalen Bilderrahmen vorgestellt, die sich abschalten, wenn sich nichts mehr vor ihnen bewegt. So soll Strom gespart werden. Die Displays werden in Größen von 20 cm (8 Zoll) und 30,5 cm (12 Zoll) angeboten.
Die Geräte werden unter dem Namen Hu-Motion (Human Motion) vermarktet. Ein Bewegungssensor ¨¹berwacht einen Bereich von 2,5 Metern vor dem Display. Bewegt sich nach einer einstellbaren Zeit nichts mehr vor dem Gerät, wird es abgeschaltet. Diese Zeitspanne reicht von einer Sekunde bis zu 24 Stunden. Der Bewegungssensor bleibt auch nach dem Abschalten des Displays aktiv. Stellt er wieder eine Bewegung fest, wird das Display reaktiviert.


Der Hersteller empfiehlt die Hu-Motion-Displays nicht nur f¨¹r Privathaushalte, sondern auch f¨¹r Verkaufsräume. Dort sollen sie die Aufmerksamkeit von Kunden erregen, wenn sie sich plötzlich einschalten und zum Beispiel eine Werbebotschaft zeigen.Das kleine Modell der Nix-Hu-Motion-Serie ist mit einem auswechselbaren Akku ausger¨¹stet, der drei Stunden Betrieb unabhängig vom Stromnetz erlaubt. Beide Displays erreichen eine Auflösung von 800 x 600 Pixeln und beinhalten zwei kleine Lautsprecher.Neben JPEGs werden auch MP3-Audio- und MP4-Videodateien abgespielt. Neben einem SD-(HC-)Kartenslot befinden sich Einsch¨¹be f¨¹r xD-Cards und Memorysticks an Bord. Dazu kommt eine USB-Schnittstelle. Das 8-Zoll-Modell soll 120 US-Dollar kosten. Der digitale Bilderrahmen mit 12 Zoll wird f¨¹r 150 US-Dollar angeboten.Panasonic hat Aktien von Tesla Motors im Wert von 30 Millionen US-Dollar gekauft. Der US-Elektroauto-Hersteller wird k¨¹nftig Akkuzellen exklusiv von dem japanischen Konzern beziehen.
Der japanische Elektronikkonzern Panasonic investiert in den US-Elektroautohersteller Tesla Motors. Dazu haben die Japaner Tesla-Stammaktien im Wert von 30 Millionen US-Dollar erworben. Das entspricht einem Anteil von zwei Prozent.



  1. http://retrouve3.bravesites.com/blog

  2. http://retrouve3.sosblogs.com/

  3. http://retrouve3.mee.nu/


Akku f¨¹r HP Pavilion dv3

Asus' Ultrabook UX31 und das kleine Schwestermodell UX21 sollen fr¨¹hestens ab November 2011 verf¨¹gbar sein. F¨¹r das UX21 wird der Einstiegspreis bei rund 1.000 Euro liegen. Es wird also etwas teurer als das kleinste Macbook Air. Das Macbook Air 11 besitzt im Unterschied zum UX21 aber nur 2 GByte RAM. Bei der UX-Serie sind es immer 4 GByte RAM. Auch das UX31 gibt es ab rund 1.000 Euro. 250 Euro g¨¹nstiger als das g¨¹nstigste Macbook Air 13. Unser Testmuster mit 256-GByte-SSD soll rund 1.300 Euro kosten.
Die Hardware ¨¹berzeugt und enttäuscht gleichzeitig. Ein derartiger Mix aus hochwertigen Eigenschaften - wie Gehäuse, Displayauflösung und Tastatur - und Billigkomponenten wie dem WLAN-System und dem mittelmäßigen Panel ist uns noch nicht untergekommen. ¨¹ber die beiden letzten Punkte kann der Anwender aber hinwegsehen. Die hohe Displayauflösung allein d¨¹rfte f¨¹r viele schon ein Kaufgrund sein.Das Zenbook bietet in fast allen Situationen genug Rechenleistung. Damit unterscheiden sich Ultrabooks von den portablen, billigen und lahmen Netbooks. Und Ultrabooks wie das Zenbook sind kaum schwerer. 1,4 Kilogramm bei einem 13-Zoll-Display ist so wenig, dass der Nutzer das Ultrabook eigentlich immer mitnehmen kann. Zudem hält der Akku mit 5 Stunden lang genug durch.


In Anbetracht der Leistung, des Gewichts und der Stabilität ist der Preis von 1.000 bis 1.300 Euro nicht hoch. Wer ein solches Notebook haben will, muss nun einmal mehr bezahlen als f¨¹r die Massenware, die in Elektronikfachmärkten f¨¹r Preise um die 400 Euro verkauft wird. Der Aufpreis lohnt sich insbesondere f¨¹r Anwender, die häufig unterwegs sind.Wie Asus nach Erscheinen des Tests mitteilte, werden den Zenbooks zwei Adapter beigelegt: einer von Mini-VGA auf den 15-poligen Stecker f¨¹r analog angesteuerte Monitore und einer von USB auf Ethernet. Wie schnell der Ethernet-Adapter ist, steht aber noch nicht fest. Einen Adapter von Micro-HDMI auf HDMI legt Asus nach bisherigem Stand nicht bei. Die entsprechenden Textpassagen im Test wurden geändert.AAXA Technologies hat mit dem P4 einen Pico-Projektor vorgestellt, der eine Auflösung von 854x480 Pixeln erreicht. Er ist ungefähr so groß wie ein Taschenbuch und wiegt 360 Gramm.
Der Pico-Projektor P4 von AAXA Technologies erreicht eine Helligkeit von 80 ANSI-Lumen. Gemessen an den Leistungswerten anderer Pico-Projektoren ist das zwar sehr viel, doch herkömmliche Projektoren f¨¹r den Heimkinobereich erzielen je nach Modell zwischen 2.000 und 3.000 ANSI-Lumen.


Das Kontrastverhältnis des P4 gibt AAXA mit 2.000:1 an. Die Auflösung des Projektors liegt bei 854 x 480 Pixeln. Der Projektor arbeitet mit LEDs als Lichtquelle und setzt ein LCoS-Panel (Liquid Crystal on Silicon) ein. Gitternetzlinien wie bei LCD-Projektoren treten dabei nicht auf. Die LEDs sollen 15.000 Stunden durchhalten. Bei einer täglichen Nutzungsdauer von 4 Stunden entspricht das mehr als 10 Jahren Lebensdauer.
Verglichen mit traditionellen Projektoren sind die Projektionsdiagonalen des Pico-Projektors winzig. Sie reichen von 17,78 bis maximal 203 cm. Da der Projektor mit seinen 80 ANSI-Lumen sehr schwach leuchtet, sollte er nur in abgedunkelten Räumen eingesetzt werden.Neben einem VGA-Eingang ist auch ein Composite-Video-Anschluss vorhanden. Einen digitalen Eingang gibt es nicht. Dar¨¹ber hinaus ist ein MicroSD-Kartenleser integriert, ¨¹ber den Filme und Bilder auch ohne angeschlossenen PC wiedergegeben werden können. ¨¹ber den USB-Anschluss können auch Daten auf die 2-GByte-Speicher kopiert werden, die im P4 eingebaut sind.


Mit dem Lithium-Ionen-Akku des P4 kann das Gerät rund eine Stunde lang betrieben werden. Alternativ ist auch der Netzbetrieb möglich. Der Projektor misst 7 x 3 x 14 cm und wiegt 360 Gramm. Der Preis liegt bei rund 340 US-Dollar.Nikon hat eine iOS-App vorgestellt, mit der Dokumente, Fotos und Videos von den mobilen Apple-Geräten auf eine Kamera des Unternehmens gestreamt werden können. ¨¹ber den integrierten Projektor können auch Youtube-Filme und Dokumente einem größeren Publikum gezeigt werden.
Die Projektorkamera Coolpix S1200pj kann an ein iPad oder iPhone per Kabel angeschlossen werden. Die neue App "iP-PJ Transfer" von Nikon ermöglicht nun auch die Wiedergabe von Daten auf dem Projektor, die bereits auf dem iOS-Gerät gespeichert sind.
Der kleine Projektor in der S1200pj ist mit 20 ANSI-Lumen nur f¨¹r abgedunkelte Räume geeignet und erreicht eine Auflösung von 640 x 480 Pixeln. Die Bilddiagonale reicht je nach Abstand zur Wand von rund 26 cm bis 1,5 m. Im Dunkeln helfen beleuchtete Bedienelemente an der Kamera bei der Orientierung. Im Lieferumfang nicht enthalten ist die optionale Fernsteuerung, die Nikon f¨¹r seine Projektorkamera im Angebot hat.



Neben Fotos und Videos kann die kostenlose App iP-PJ Transfer auch Dokumente von Word, Excel und Powerpoint, Adobe PDF sowie Apple Keynote, Numbers und Pages auf dem Projektor ausgeben. Auch Websites lassen sich ansehen, allerdings nur als Bilder und nicht als navigierbare Inhalte.Nikons S1200pj wurde Ende August 2011 vorgestellt. Sie ist mit einem CCD-Sensor (1/2,3 Zoll) ausger¨¹stet, der eine Auflösung von 14 Megapixeln erzielt. Sie ist 22,6 mm d¨¹nn. Möglich macht das ein innen liegendes Objektiv mit einer Periskop-Optik, die das Licht um 90 Grad ins Gehäuseinnere umlenkt. Das Weitwinkelobjektiv deckt eine Kleinbildbrennweite von 28 bis 140 mm ab. Die Videofunktion erreicht eine Auflösung von 720p. Auf der R¨¹ckseite der Kamera befindet sich ein 7,5 cm (3 Zoll) großer Bildschirm mit rund 460.000 Bildpunkten Auflösung.Die Nikon Coolpix S1200pj wiegt 186 Gramm. Der sehr kleine Akku reicht nur f¨¹r 220 Aufnahmen, bis er wieder aufgeladen werden muss. Alternativ können damit rund eine Stunde lang Filme und Fotos projiziert werden. F¨¹r eine abendf¨¹llende Unterhaltung gibt es Ersatzakkus, die allerdings separat gekauft werden m¨¹ssen.


Elgato liefert seit kurzem seinen DVB-T-Empfänger zum Anstecken an das iPad 2 aus. Auch zum Funktionsumfang des EyeTV Mobile ist nun mehr bekannt.
Elgatos DVB-T-Tuner f¨¹r den Dock-Anschluss des iPad 2 ist nun lieferbar. Mit einer iPad-2-Akkuladung sollen damit bis zu acht Stunden Fernseh-Dauerberieselung möglich sein - vorausgesetzt der Akku ist voll geladen, der Flugmodus eingeschaltet und die Helligkeit auf 30 Prozent reduziert. Der interne EyeTV-Mobile-Akku dient nur der Aufrechterhaltung des Standby-Modus der Erweiterung, was Apple vorschreibt. Der interne Akku wird im Betrieb laut Elgato nicht benötigt. Deswegen sei es besser den Adapter bei Nichtbenutzung abzustöpseln.
Die zugehörige kostenlose EyeTV-Mobile-App bietet neben Live-TV und Funktionen wie Pause, Vor-, Zur¨¹ckspulen und Aufnahme auch einen Sieben-Tage-Programmf¨¹hrer mit Erinnerungsfunktion. Die Erinnerung f¨¹r eine Sendung oder die Empfehlung an Freunde ist per E-Mail oder per Ausdruck auf einem Airprint-fähigen Drucker möglich.


Die App kann nach der Standortangabe die lokalen DVB-T-Frequenzen aus einer Datenbank abrufen, um den Senderdurchlauf zu verk¨¹rzen. Unterst¨¹tzt wird DVB- MPEG-2-Video in Standardauflösung. MPEG-2-HD-Sender werden laut Hersteller nicht unterst¨¹tzt. EyeTV Mobile soll ein z¨¹giges Wechseln zwischen Sendern unterst¨¹tzen.Der De Lorean DMC-12, die Zeitmaschine aus "Zur¨¹ck in die Zukunft", wird zum Elektroauto. 2013 will Hersteller De Lorean Motor Company of Texas den De Lorean DMC-12 EV auf den Markt bringen.
Der De Lorean DMC-12 war das einzige Modell, das der gl¨¹cklose US-Autohersteller De Lorean Motor Company auf den Markt gebracht hat. Durch die Filmtrilogie Zur¨¹ck in die Zukunft wurde das Auto zum Kultobjekt. Jetzt hat die De Lorean Motor Company of Texas eine elektrische Version des Sportwagens angek¨¹ndigt.Viel ist nicht bekannt ¨¹ber das Auto: Der De Lorean DMC-12 EV wird von einem Motor mit einer Leistung von 215 kW angetrieben. Die Spitzengeschwindigkeit wird bei gut 200 km/h liegen. Mit einer Akkuladung soll das Auto ¨¹ber 160 Kilometer weit kommen, bevor es wieder an eine Steckdose muss. Bei einem Ladestrom von 240 Volt und 70 Ampere soll der Akku nach 3,5 Stunden wieder voll sein.Vier Jahre habe das Unternehmen an dem Auto entwickelt, sagte Stephen Wynne, Chef des texanischen Autoherstellers, nach einem Bericht der Lokalzeitung Atascocita Observer bei der Vorstellung des Autos. Der DMC-12 EV soll 2013 auf den Markt kommen. Der Preis wird bei 90.000 und 100.000 US-Dollar liegen.


Die De Lorean Motor Company wurde 1975 von John De Lorean, einem ehemaligen Mitglied der Geschäftsleitung von General Motors, gegr¨¹ndet. Ab 1980 wurde der DMC-12 im nordirischen Belfast gebaut. Die Produktion wurde aber nach anderthalb Jahren wieder eingestellt. Insgesamt liefen rund 8.600 Fahrzeuge vom Band. 1982 ging das Unternehmen pleite, Gr¨¹nder De Lorean starb 2005.Viewsonic bringt mit dem Viewpad 7e ein Tablet mit Android 2.3 f¨¹r 180 Euro auf den Markt. Das Tablet mit 7-Zoll-Touchscreen arbeitet mit einem 1-GHz-Prozessor und hat 4 GByte internen Speicher.
Das Viewpad 7e besitzt einen 7 Zoll großen Touchscreen mit einer Auflösung von 800 x 600 Pixeln. Auf dem Tablet läuft Android 2.3 alias Gingerbread und es gibt die vier f¨¹r diese Geräte typischen Android-Knöpfe. Der Hersteller machte keine Angaben, welche Gingerbread-Version genau auf dem Gerät läuft. Mit Viewscene 3D gibt es eine von Viewsonic entwickelte Bedienoberfläche, mit der der Aufruf von Anwendungen und Informationen vereinfacht werden soll.



Das Tablet unterst¨¹tzt WLAN nach 802.11b/g/n sowie Bluetooth 2.1+ EDR. Ein UMTS-Modem hat das Tablet nicht, so dass es trotz des 7-Zoll-Formats nur begrenzt unterwegs genutzt werden kann. Das Viewpad 7e verwendet einen Cortex-A8-Prozessor von Samsung mit einer Taktrate von 1 GHz. Der RAM-Speicher beträgt 512 MByte und intern stehen 4 GByte Flash-Speicher zur Verf¨¹gung. Weitere Daten lassen sich auf einer maximal 32 GByte großen Micro-SD-Karte ablegen.Auf der R¨¹ckseite befindet sich eine 3-Megapixel-Kamera mit Autofokus f¨¹r Foto- und Videoaufnahmen, während auf der Vorderseite eine Zweitkamera f¨¹r Videotelefonate untergebracht ist. Das Tablet hat eine 3,5-mm-Klinkenbuchse sowie einen Micro-HDMI-Anschluss. Einen GPS-Empfänger gibt es laut Datenblatt nicht.


Bei Maßen von 192 x 131 x 14,1 mm wiegt das Viewpad 7e 450 Gramm und ist 70 Gramm schwerer als Samsungs Galaxy Tab der ersten Generation. Es d¨¹rfte sich damit eher schwer anf¨¹hlen, denn damit wiegt es so viel wie das neue Galaxy Tab 8.9 von Samsung, das ein größeres Display besitzt. Zur Akkulaufzeit des Tablets machte Viewsonic keine Angaben. Bekannt ist nur, dass ein Lithium-Ionen-Akku mit 3.300 mAh verwendet wird.Motorola hat mit dem Droid Razr ein neues Smartphone vorgestellt. Es ist 7,1 mm dick und mit einem 4,3 Zoll großen Super-Amoled-Display ausger¨¹stet. Das Gehäuse ist Kevlar-verstärkt und soll dadurch besonders verwindungssteif sein. Die Elektronik ist spritzwassergesch¨¹tzt.
Motorolas Droid Razr läuft mit Android 2.3.5 (Gingerbread) und ist ein besonders flaches LTE-Smartphone. Seine Elektronik ist mit einem Spritzwasserschutz ¨¹berzogen. Das 4,3 Zoll große Display mit einer Auflösung von 540 x 960 Pixeln wird mit Gorilla-Glas von Corning vor Kratzern gesch¨¹tzt. Damit sollen Regenschauer unbeschadet ¨¹berstanden werden.


Im Innern steckt unter anderem ein Dual-Core-Prozessor (Ti OMAP 4460) mit 1,2 GHz und 1 GByte RAM. Der Speicher ist 16 GByte groß, wovon 11,5 GByte vom Anwender genutzt werden können. ¨¹ber einen MicroSD-Schacht kann der Speicher erweitert werden. Eine 16-GByte-Speicherkarte liegt bei.Die nach hinten gerichtete Kamera nimmt Fotos mit 8 Megapixeln auf und filmt Videos mit 1.080p. Eine LED sorgt bei schlechtem Licht f¨¹r die notwendige Beleuchtung im Nahbereich. Die Frontkamera erreicht eine Auflösung von 1,3 Megapixeln. Die Motorola-App Motocast, die der Hersteller vorinstalliert, erlaubt das Streaming von Filmen, Musik und Fotos vom eigenen Rechner aus. Auch der Zugriff auf die eigenen Dokumente ist dar¨¹ber möglich. Unter anderem können das Motorola Lapdock 100 oder das neue, größere Lapdock 500 Pro (14 Zoll Display) und eine Touchscreen-Fernbedienung mit dem Razr verbunden werden.
Der Akku soll eine Sprechzeit von 12,5 Stunden und 8,5 Tage Standby-Zeit erlauben. Das Smartphone kann nicht nur ¨¹ber LTE, UMTS oder GPRS, sondern auch ¨¹ber WLAN (802.11b/g/n) sowie Bluetooth 4.0 schnurlos mit seiner Umwelt kommunizieren. Ein GPS-Empfänger erlaubt die Ortsbestimmung. Neben einer HDMI-Schnittstelle ist auch USB 2.0 vorhanden.



  1. http://www.bloghotel.org/enablesyou/

  2. http://blogsinn.com/?w=retrouve3

  3. http://yaplog.jp/retrouve3/